Hoe losten vorige regeringen wooncrises op? En wat kan het toekomstige kabinet daarvan leren?
- Nieuws
- Hoe losten vorige regeringen wooncrises op? En wat kan het toekomstige kabinet daarvan leren?
De woningcrisis stond bovenaan de lijst van prioriteiten van kiezers bij de afgelopen verkiezingen. In de campagnetijd deden de partijen vele beloften, zoals de 10 nieuwe steden van de D66, maar kunnen ze ook lessen trekken uit hoe dit in het verleden werd aangepakt? "Hoeveel publiek geld willen we stoppen in huisvesting?" vraagt Matthijs Korevaar, universitair hoofddocent Finance aan de Erasmus School of Economics, zich af bij Spraakmakers.
Video niet beschikbaar
Er moet meer gebouwd worden, roepen de politieke partijen. Maar de woningcrisis is inmiddels een behoorlijk hoofdpijndossier geworden. De procedures zouden dan ook versoepeld moeten worden, anders is bouwen helemaal niet mogelijk. Bovendien vraagt het om een flinke investering, onderstreept Korevaar. Maar hoe losten eerdere Nederlandse regeringen dit probleem op?
Tweede Wereldoorlog
Vijftig jaar geleden zag de woningmarkt er "heel anders" uit, weet Korevaar. Na de Tweede Wereldoorlog was er ook een enorm woningtekort en dat moest ingelopen worden. Ook toen was het doel om 100 duizend woningen per jaar op te leveren. "Ruim tien procent van het overheidsbudget werd uitgegeven aan volkshuisvesting, dus woningcorporaties kregen flinke subsidies en bouwden veel meer", legt Korevaar uit. Volgens de universitair hoofddocent is dat een "factor 5 of 6 minder" dan nu.
Volkshuisvesting
Na WOII "groeide de bevolking als kool", maar was er ook een groot tekort aan materialen voor nieuwe woningen, gaat Korevaar verder. "De situatie na de oorlog was een stuk erger dan nu." Dat is natuurlijk een groot verschil met nu. Op dit moment is de wil er wel om veel te bouwen, maar niet de wens om er veel aan uit te geven. "Dat is een politieke keuze: hoeveel publiek geld willen we stoppen in huisvesting?" stelt Korevaar.
Betaalbaar én kwalitatief
Overheidsinvesteringen in volkshuisvesting zouden moeten komen uit belastinggeld. "Ik denk dat die bereidheid er tegenwoordig minder is", zegt Korevaar. Bovendien hebben we relatief lage woonkosten in Nederland en blijven mensen langdurig in hun koop- of (sociale) huurwoning. "Maar voor veel nieuwe toetreders is dat niet meer mogelijk." Geld dat naar volkshuisvesting zou kunnen gaan, gaat nu bijvoorbeeld naar defensie. "Dat betekent dat nieuwe generaties minder kans hebben op betaalbare en kwalitatief goede huisvesting. Dat is nu niet haalbaar."
Doorstroom
Woningcorporaties dealen ook met grote verliezen en zouden flink gespekt moeten worden om nieuwe woningen op te leveren. "Maar als we het wel accepteren dat wonen duurder wordt, kan het wel", aldus Korevaar. De doorstroom in sociale huur is de afgelopen tien jaar ook nog eens met 30 procent afgenomen én jongeren blijven langer thuiswonen. Leegstaande (bedrijfs)panden worden regelmatig geopperd als oplossing voor dit probleem, maar het transformeren van dat soort panden komt ook steeds minder voor.
Investeren
"Er zijn zo’n 10 duizend panden omgebouwd tot woningen. De rente is wat gestegen en het aantal makkelijk te transformeren panden neemt af, omdat we al veel hebben omgebouwd. Het klimaat voor investeerders is ook minder aantrekkelijk geworden", legt Korevaar uit. Bovendien zijn dit ingrepen die "een beetje kunnen helpen", maar niet de woningcrisis kunnen oplossen. "Ik denk dat we eerlijk moeten zijn dat in de huidige context een betaalbare huur en betaalbare koopwoningen niet kunnen als we niet enorm veel investeren vanuit belastinggeld", concludeert Korevaar. "Het is een politiek proces."
Mis niets met de nieuwsbrief van Spraakmakers
Spraakmakers maken we mét jou als luisteraar. En om jou zoveel mogelijk bij ons programma te betrekken, versturen we een dagelijkse nieuwsbrief. Hierin vind je de stelling van de dag, de onderwerpen in de uitzending en een interessant artikel dat zeker het lezen waard is. Zo kun je gemakkelijk meepraten en mis je nooit meer iets!
Gerelateerd





