Binnenland
BNNVARA

'De aarde lijdt aan COPDertig'

foto: Vroege Vogelsfoto: Vroege Vogels
  1. Nieuwschevron right
  2. 'De aarde lijdt aan COPDertig'

"Ik kwam maar niet van die vier hoofdletters af terwijl er in werkelijkheid geen COPD in de krant had gestaan maar COP30. De naam van de klimaattop in Brazilië", Bibi Dumon Tak in haar column voor Vroege Vogels. "Toch lijkt het alsof de aarde sindsdien aan het zuurstof zit, vanwege een chronische obstructieve longziekte - wat geen gekke gedachte is als je de snelheid waarmee het Amazonewoud in de fik wordt gestoken in ogenschouw neemt. Nog even en we zitten allemaal met slangetjes in onze neus op de elektrische fiets."

Video niet beschikbaar

Ik lag afgelopen week te malen in een hotelbed in Berlijn. Ik was daar vanwege schoolbezoeken. De kamer was te warm, de vloer bedekt met een smoezelig tapijt, de lift te luid, ik sliep ernaast. Nou ja, ik sliep dus niet. 

Ik lag te denken hoe het komt dat we almaar geen maatregelen nemen als het gaat om de verzorging van onze aarde. 

Ze zeggen weleens dat tobben geen zin heeft omdat je telkens in herhaling valt en dat is ook zo. Want ik werd gek in dat ziekmakende kamertje, omdat ik doorlopend de letters COPD voorbij zag schuiven in neonkleuren en in neongrootte. Ik kwam maar niet van die vier hoofdletters af terwijl er in werkelijkheid geen COPD in de krant had gestaan maar COP30. De naam van de klimaattop in Brazilië. Toch lijkt het alsof de aarde sindsdien aan het zuurstof zit, vanwege een chronische obstructieve longziekte - wat geen gekke gedachte is als je de snelheid waarmee het Amazonewoud in de fik wordt gestoken in ogenschouw neemt. Nog even en we zitten allemaal met slangetjes in onze neus op de elektrische fiets.

De enige oplossing die ik kon bedenken, ’s nachts kennen je gedachten geen grenzen, was een uitbraak van een interstellaire oorlog. Eentje waarbij de aarde als inzet werd gebruikt tegen entiteiten uit bijvoorbeeld de Andromedanevel. Ik zei het al, in die gewichtsloze uren tussen drie en vijf zijn er geen hersencellen die je gedachten terugroepen. Je valt en tuimelt en duikt, maar stuitert niet terug. 

Ook bij het opstaan, ik was die nacht niet meer in slaap gevallen, leek me een buitenaardse oorlog de beste optie, omdat de mensheid eindelijk zou beseffen wat ze te verliezen had. Alle volkeren zouden eindelijk schouder aan schouder strijden. ‘We are the world,’ zouden we roepen, ‘We are the the children! Blijf met jullie poten, klauwen, lightsabers, rayguns en ion blasters van onze aarde af!’

Diezelfde ochtend stapte ik in de trein naar een dorpje op een uur reizen ten zuiden van Berlijn. Toen ik de school binnenliep zaten daar negentig negenjarigen doodstil op me te wachten. Ik klapte de laptop open, sloot hem aan op de beamer, pakte een van mijn boeken en begon te vertellen over allerlei bijzondere dieren die onze planeet bevolken. Toen de vroedmeesterpad, de geburtshelferkröte, aan bod kwam, stak een jochie zijn vinger op. Hij kon namelijk ook wel iets over een bijzondere pad vertellen. Ik vroeg of hij naar voren wilde komen. Eer ik het wist stond hij naast me met de microfoon in zijn handen. Hij heette Paul en begon, alsof hij het iedere dag deed, over de pipa pipa te vertellen. Een kikker die in het regenwoud woonde en die haar jongen geboren liet worden vanuit haar rug. Ik vroeg hoe die kikker eruit zag. Hij zei: ‘Als een blaadje dat op de grond is gevallen.’ 

Sindsdien moet ik telkens aan Paul denken, die zomaar een spreekbeurt over de pipa pipa begon. Ik weet inmiddels dat het om de Surinaamse pad gaat. Het vrouwtje doet net als de vroedmeesterpad aan broedzorg. De bevruchte eitjes bewaart ze onderhuids op haar rug. En als ze gerijpt zijn kruipen er dwars door haar vel heen allemaal kleine kikkertjes het leven in. Ze hebben geen tong. Ze blijven nagenoeg blind.

De pipa pipa, zocht ik uit, woont in het Amazonewoud, daar waar het hart van de aarde klopt. Daar waar wij de zuurstoftoevoer bij volle verstand al jaren afknijpen. Dusdanig dat onze planeet er straks zo slecht aan toe is dat de bewoners van andere sterrenstelsels ons niet eens meer willen hebben. ‘Hou die aangetaste troep maar bij je,’ zullen ze ons in hun gallactische taaltje laten weten. 

Die gedachte is zo huiveringwekkend dat het je alle levensmoed ontneemt, maar dan denk ik weer aan de negenjarige Paul en aan de tongloze pad. En dat deze jongen, zomaar ins Blaue hinein, een wonderschone wereld voor me opende. Sindsdien tuimelen mijn gedachten niet langer naar beneden, maar stijgen ze weer op, vol zuurstof die een kleine leerling van de Goetheschule mij gaf.

Vroege Vogels: iedere zondagochtend van 07.00 tot 10.00 uur.

Vroege Vogels is hét programma over natuur en milieu. Op zondagochtend te beluisteren op NPO Radio 1 en vrijdagavond te zien op NPO 2. Like Vroege Vogels op Facebook of volg het programma op Twitter of Instagram.

Ster advertentie
Ster advertentie