Klokkenluiders ministerie van Justitie: 'Aanpak misstand naamfouten op vonnissen schiet tekort'
- Nieuws
- Klokkenluiders ministerie van Justitie: 'Aanpak misstand naamfouten op vonnissen schiet tekort'
Jarenlang trokken ambtenaren bij het ministerie van Justitie intern aan de bel over een probleem: bij zeker 867 strafzaken klopt de naam op een vonnis niet. Die fouten zijn op dit moment nauwelijks te herstellen en kunnen ingrijpende gevolgen hebben. Vorig jaar bracht een rapport van de Rekenkamer de misstand naar buiten, maar dat heeft nog niet tot voldoende verbetering geleid, zeggen twee van die oud-ambtenaren. "Er is nog steeds geen oplossing voor de slachtoffers."
Gerelateerde podcast
Het Verkeerde Oordeel
Ambtenaren van de Justitiële Informatiedienst (Justid), een onderdeel van het ministerie van Justitie, kregen jarenlang zaken op hun bureau waarbij sprake was van zo’n naamfout op een vonnis. Zo’n fout kan ertoe leiden dat onschuldige mensen vervolgd worden en zelfs in de cel belanden. Die ambtenaren grepen daarom soms in: ze pasten strafbladen aan of wisten zaken uit de justitiële systemen. Een bevoegdheid die eigenlijk alleen rechters hebben, na een zorgvuldig proces.
De Rekenkamer had zowel kritiek op het feit dat ambtenaren daarmee 'op de stoel van de rechter' zijn gaan zitten als op het ontbreken van een 'toetsings- en handelingskader': een duidelijke instructie voor de ambtenaren die tegen dit soort zaken aanliepen. De staatssecretaris beloofde in mei 2025 in zijn reactie op het Rekenkamerrapport om werk te maken met een aanpak van de problematiek.
Peter van den Bosch werkte van 2007 tot 2021 bij Justid en is één van de ambtenaren die dit soort zaken op zijn bureau kreeg. Bijna een jaar na de onthulling van de Algemene Rekenkamer ziet hij dat de focus bij die aanpak vooral op het ontwikkelen van dat toetsings- en handelingskader is komen te liggen. "Het enige wat daarmee verandert, is dat een ambtenaar dan beter snapt: bij deze zaak mag ik wel ingrijpen en bij deze zaak niet", zegt hij.
"Maar inmiddels is ook duidelijk: als er echt een inhoudelijke fout in een vonnis staat, mag een ambtenaar niks wijzigen. Dan weet je door zo’n toetsings- en handelingskader als ambtenaar dus zeker: ik mag niet ingrijpen. Maar daarmee zijn de slachtoffers niet geholpen."
De twee kritische oud-ambtenaren zijn ook te horen in Het Verkeerde Oordeel, een podcast van de onderzoeksredactie van de EO en NPO Luister. De makers van de podcast onderzoeken hoe het mogelijk is dat strafrechtelijke vonnissen soms op de verkeerde naam belanden, en hoe het kan dat dat probleem al meer dan 10 jaar lang bekend was op het ministerie van Justitie en Veiligheid maar er al die tijd geen oplossing kwam.
Een route naar de rechter
Er moet dan ook zo snel mogelijk een procedure komen waarin ambtenaren zulke zaken aan kunnen dragen bij een rechter, zegt Van den Bosch. In een Kamerbrief uit november 2025 schreef de staatssecretaris dat de mogelijkheden om eventueel tot zo’n procedure te komen 'op dit moment worden verkend'. Het is niet te begrijpen dat dat blijkbaar nog steeds de status is, vindt Van den Bosch. "Het had de eerste prioriteit moeten zijn."
Marleen de Wilde werkte van 2020 tot 2026 bij Justid. Zij deelt de kritiek van Van den Bosch op de eenzijdige focus op het toetsings- en handelingskader. Daarnaast vindt ze dat de aandacht teveel ligt op de 867 zaken die nu op het ministerie bekend zijn. Volgens De Rekenkamer is dat een ondergrens. "Je zou de justitiële systemen helemaal moeten doorlichten op fouten. Dat gebeurt niet," is haar kritiek.
Ook is er veel te winnen op andere plekken in de strafrechtketen, denkt Van den Bosch. Bijvoorbeeld bij de Rechtspraak en het Openbaar Ministerie. Hij had gehoopt dat het ministerie na de onthulling van de Rekenkamer een grootschalige poging zou doen om de hele strafrechtketen te doordringen van het belang van een juiste identiteit, maar ziet daar weinig van terug. "Er is wel wat aandacht voor de identiteitsvaststelling bij de politie, maar daar zullen altijd fouten blijven ontstaan. En daarom moeten ook rechters en officieren van Justitie ervan doordrongen zijn dat een naam in een strafdossier fout kan zijn."
Pestgedrag en intimidatie
In december 2025 kwam er nog een rapport uit over deze problematiek, ditmaal van de Audit Dienst Rijk (ADR). Uit dit rapport blijkt dat ambtenaren van Justid 'pestgedrag en intimidatie' hebben ervaren bij het aankaarten van de problemen. In recente antwoorden op Kamervragen geeft staatssecretaris van Justitie Claudia van Bruggen aan dat ze een aanvullend onafhankelijk onderzoek naar de sociale veiligheid binnen Justid en de 'bescherming van melders' niet nodig acht.
Ook daar maakt Van den Bosch zich zorgen over. "Het is van wezenlijk belang voor de ambtenaren die nu nog bij Justid werken dat er weer een veilige werkcultuur ontstaat. Het getuigt van heel veel vertrouwen in dat het nu wel goed zou komen, maar dat lijkt mij misplaatst."
Ook Marleen de Wilde vindt dat de aanpak van het ministerie ook op dit terrein tekortschiet. Naar eigen zeggen is ze op een zijspoor gezet nadat zij in oktober 2023 een mail stuurde over dit probleem naar de plaatsvervangend secretaris-generaal - de hoge ambtenaar die binnen het ministerie de 'eigenaar' van Justid is. Daarmee passeerde ze haar leidinggevende. Die mail werd door de directie van Justid teruggetrokken.
De Wilde maakt zich zorgen over de sociale veiligheid binnen Justid. "Ik schrok onwijs van het feit dat er geen aanvullend onderzoek naar de cultuur binnen Justid komt", zegt ze. "Het is mooi dat de ADR heeft blootgelegd dat er op dat gebied dingen misgaan, maar wat is nou de follow-up? Er zitten nog steeds mensen ziek thuis."
Het ministerie van Justitie en Veiligheid laat in een reactie weten:
Zoals in eerdere Kamerbrieven en in de beleidsreactie op het rapport van de Auditdienst Rijk (ADR) te lezen is, wordt er gewerkt aan een aanpak die zich ook richt op het verbeteren van de identiteitsvaststelling in de hele strafrechtketen. In het bijzonder in het Programma Modernisering Identiteitsvaststelling en Vindbaarheid wordt door departement en ketenpartners samen gewerkt aan verbeteringen van dit proces.
Bij de aanpak van onjuiste tenaamstellingen hebben we ons in eerste instantie beziggehouden met het zorgen dat medewerkers van Justid bij signalen over onjuiste tenaamstelling weten hoe zij daar mee om kunnen gaan. Hiervoor is een toetsings- en handelingskader opgesteld om zaken te kunnen toetsen en onderzoeken. Hier wordt nu mee gewerkt.
Daarnaast wordt er gekeken of er zo nodig via een wetswijziging – aanvullende procedures bij de rechter kunnen worden gecreëerd die zijn toegesneden op de problematiek van de tenaamstelling en minder capaciteit en tijd vergen dan de huidige procedure. Nu is het zo dat de identiteit op een onherroepelijk vonnis alleen via de Hoge Raad aangepast kan worden op verzoek van de benadeelde burger. Dit is een tijdrovend proces. Via een wetswijziging zou het mogelijk kunnen worden dat onherroepelijke vonnissen niet alleen op verzoek van de benadeelde burger aangepast kunnen worden door de rechter maar ook op verzoek van ketenpartners. Dit maakt het proces sneller en eenvoudiger. Een wetswijziging is nodig, kost tijd en zal in gang worden gezet.
Er is door de ADR een vervolgonderzoek gedaan naar de onderliggende patronen en oorzaken, waarom het probleem rondom onjuiste tenaamstellingen zo lang onopgelost is gebleven. In dat kader is door de staatssecretaris richting Tweede Kamer aangegeven welke maatregelen daarop genomen worden, ook ten aanzien van de sociale veiligheid. Belangrijkste is dat het probleem aangepakt wordt en dat we samen voorkomen dat soortgelijke problematiek zich in de toekomst opnieuw voordoet. Daarbij hoort nadrukkelijk ook dat er meer aandacht is voor de medewerkers die zich destijds niet of onvoldoende gehoord hebben gevoeld. Hiervoor zijn inmiddels meerdere acties in gang gezet die ook in de beleidsreactie op het ADR-rapport worden genoemd. Denk hierbij aan het genoemde verandertraject dat gericht is op het bevorderen van een open cultuur van kritische reflectie. In de nieuwe voortgangsrapportage aan de Kamer, die later dit jaar verwacht wordt, gaan we hier nader op in.
Gerelateerd





