Binnenland

Slechts 16 procent is bereid te vechten voor ons land: 'We zijn ontzettend verwend'

EO
foto: ANP
  1. Nieuwschevron right
  2. Slechts 16 procent is bereid te vechten voor ons land: 'We zijn ontzettend verwend'

Slechts 16 procent van de Nederlanders is bereid te gaan vechten voor ons land. Dat blijkt uit een nieuw onderzoek van Motivaction, in opdracht van het nieuwe EO-programma Dit is de kwestie. "We weten niet wat het is om in een onveilig land te leven, we zijn ontzettend verwend", vindt CDA-Kamerlid Derk Boswijk, die zelf reservist is.

Oorlog is voor veel Nederlanders een ver-van-hun-bed-show, denkt Boswijk: "Ik denk dat voor ons de ellende te ver weg is, waardoor we niet meer beseffen hoe waardevol het is waar we leven", vindt Boswijk. Majoor der mariniers Mark Brouwer ziet de lage vechtbereidheid als 'doorgeslagen individualisme'. "We hebben iets minder ik nodig, en iets meer wij", vindt hij.

Boswijk en Brouwer zaten in Dit is de Dag met directeur Anna Timmerman van vredesorganisatie Pax en VU-historicus Wim Berkelaar.

Zijn we nog bereid te vechten voor ons land?

Vergelijking Oekraïne

De Nederlandse cijfers staan in schril contrast met die in Oekraïne, waar ongeveer iedereen bereid is om de wapens op te pakken. Toch kun je die vergelijking niet zomaar maken, zegt directeur Anna Timmerman van de vredesorganisatie Pax. "Ze wonen al heel lang naast Rusland en de oorlog is al sinds 2014 aan de gang. Dan is het logisch dat er meer bereidheid is om je land te verdedigen."

Wim Berkelaar vult aan dat het ook niet voor het eerst is dat Oekraïne wordt aangepakt: "Het heeft heel vaak in de schootslijn gezeten en de Oekraïners hebben geleden onder het communisme. Daardoor zit er een bewustzijn in dat land: mensen voelen zich echt Oekraïner." Dat ontbreek in Nederland, waar nationalisme vreemd is. Sterker nog, we kijken er een beetje op neer, denkt Berkelaar: "We voelen alleen maar pattriotisme in folklore", zegt hij. "En ik schaar het koningshuis onder folklore…", aldus de historicus.

Overigens staan ook andere landen hoger dan Nederland: in Frankrijk is 29 procent bereid te vechten, in de Verenigde Staten is het 44 procent.

'Praat meer over onze waarden'

Maar waarom zouden mensen wel bereid zijn in het leger te dienen? Anna Timmerman denkt dat het belangrijk is om veel meer te praten over de waarden waar we voor staan in Nederland: vrijheid en democratie. "Als je zorgt dat je bevolking veel meer bewust is hoe bijzonder het is hoe we hier leven in Europa, in een democratie, gaat het beter", denkt zij.

CDA-Kamerlid Derk Boswijk is het hiermee eens. Hij wijst erop dat in Scandinavische landen veel meer jongeren aangeven blij te zijn dat ze in een democratie te leven, namelijk 70 procent tegen 40 procent in Nederland. "Er is veel te weinig aandacht voor de waarden, voor de rechten en plichten", vindt hij. Ook meer zichtbaarheid voor de krijgsmacht en hogere salarissen zouden helpen, denkt de CDA’er.

Historicus Wim Berkelaar gelooft sowieso niet echt dat de vechtbereidheid omhoog zal gaan. "Ik voel erg veel scepsis. Het is vrij ingewikkeld om vaderlandsbewustzijn te kweken. Ik zou bijna zeggen: het is wachten op een oorlog, pas dan worden we beproefd. Misschien stijgen we boven onszelf uit…"

Zelf zou Berkelaar wel bereid zijn, maar hij denkt niet dat het vaderland heel veel aan hem heeft: "Ik ben ontzettend onhandig. Als je mij een kalasjnikov in de hand zou geven, zou ik geen idee hebben hoe hij werkt..."

Dit is de kwestie wordt vanaf 26 mei uitgezonden om 20.25 op NPO 2. De resultaten van het onderzoek zijn te vinden op de site van Motivaction.

Ster advertentie
Ster advertentie