Naar homepage
Achtergrond

Tegen het leenstelsel, de Tweede Fase, rendementsdenken of tegen Wim Deetman: onderwijsprotest door de jaren heen

foto: ANPfoto: ANP
  1. Nieuwschevron right
  2. Tegen het leenstelsel, de Tweede Fase, rendementsdenken of tegen Wim Deetman: onderwijsprotest door de jaren heen

Donderdag protesteerden meer dan duizend studenten tegen het leenstelsel op het Malieveld in Den Haag. De inzet? Het leenstelsel moet stoppen en studenten moeten schuldenvrij kunnen studeren. Blok&Toine bespreken de belangrijkste onderwijsprotesten door de decennia heen met de belangrijkste vraag: wat heeft het opgeleverd?

Studentenopstand 1969

Nederland kent geen lange traditie van studentenprotesten. Er was een grimmige opstand in Parijs (1968) voor nodig om de Nederlandse studenten te inspireren. Niet Amsterdam, maar verrassend genoeg was het katholieke Tilburg het decor van de eerste opstand. De Katholieke Hogeschool Tilburgse door studenten bezet en omgedoopt tot Karl Marx Universiteit. De inzet was medezeggenschap voor studenten. De vonk sloeg over naar Nijmegen. Rein Akkermans was één van de studenten die zich voegde aan ‘De Kritische Universiteit’. De student Nederlands was die tijd ‘behoorlijk radicaal’. Akkermans: "Er moest een verandering komen van het programma. Het moest maatschappelijk relevanter worden."

Heeft het protest van de jaren ’60 zin gehad? Akkermans: "Voor een deel. In Parijs werd je opstand snel de kop ingedrukt. Maar in Nijmegen eiste we, bijvoorbeeld, meer inspraak. Daar werd gehoor aan gegeven en dat kalmeerde de gelederen. Ook wilden we hervorming van het programma. Dat is ingewilligd."

In zijn roman 'Ontwaakt!' beschrijft Rein Akkermans hoe het protest begint bij zeer pragmatische eisen, maar ontaard in fundamentele systeemkritiek. Eerst werd vooral meer inspraak en een verandering van het studieprogramma geeist, maar gedurende de bezetting van het Maagdenhuis in 1969 werden de eisen steeds politieker: het maatschappelijke systeem moest op z’n kop. Een deel van de kritische studenten voelde zich daar op een gegeven moment niet meer bij thuis. Volgens Akkermans kun je concluderen dat de opkomst van De Dolle Mina’s - begin jaren ’70 - weer een reactie was op die fundamentalistische benadering van sommige demonstranten. Hij wijst er op dat de woordvoerders in het Maagdenhuis vooral mannen waren, terwijl de vrouwen ‘de broodjes smeerden.’ De Dolle Mina’s keerden terug naar concrete eisen zonder kinderopvang en fatsoenlijke openbare toiletten.

Harde acties in de jaren 80

De kabinetten Lubbers in de jaren 80 werden gedomineerd door enorme bezuinigingen. De eerste jaren troffen die bezuinigingen vooral het basisonderwijs. De leraren besluiten, zeer ongebruikelijk, een volle week te staken. Later in de jaren 80 kregen de hogescholen en de universiteiten enorme bezuiniging voor hun kiezen. Dat leverde stevig verzet op. Maarten van Poelgeest, Groenlinks-prominent en oud-wethouder in Amsterdam, werd het gezicht van die studentendemonstraties. Van Poelgeest: "Het ging er behoorlijk ruig aan toe. En het was heel moeilijk om met het kabinet hierover in gesprek te komen. Het was een beetje de no nonsens-mentaliteit van die tijd. 'Wij beslissen, en zo gaan we het doen.'"

Met name minister van onderwijs Wim Deetman (CDA) was het mikpunt van kritiek. Van Poelgeest: "Ik heb hem in die tijd eigenlijk amper leren kennen. Dat was ook echt de stijl van het kabinet. Men ging niet in overleg. Er was een klus te klaren en dit moest gebeuren.” Van Poelgeest had het in zijn betogingen zelfs over ‘oorlog’: "Ik weet niet of ik het nu nog zo zou zeggen, maar het drukte wel een diepgevoelde emotie uit, bij heel veel studenten en medewerkers."

Invoering Tweede Fase (1999): scholieren als proefkonijnen

Eind jaren 90 moest in het middelbare onderwijs de Tweede Fase worden ingevoerd. De aansluiting met het hoger onderwijs moest worden verbeterd en het middelbaar onderwijs in de bovenbouw moest zich meer en meer richten op het ontwikkelen van vaardigheden in plaats van pure kennisoverdracht. Dat leverde veel klachten op bij docenten die het idee hadden dat ze hun vak niet meer konden uitoefenen. Maar ook studenten werden geconfronteerd met een grote hoeveelheid vakken, waaronder nieuwe vakken Culturele Kunstzinnige Vorming (CKV) en Algemene Natuurwetenschappen (ANW). Ook zou Frans en Duits een verplicht onderdeel worden, terwijl voorheen talen mochten laten vallen.

Studenten klaagden over de grote hoeveelheid praktische opdrachten en huiswerk. Die onvrede mondde uit in een gigantische demonstratie, met zo’n 30.000 scholieren, op het Malieveld. Lionel Schreiber voerde daar namens de scholieren het woord: “Er gingen stemmen op om te demonstreren. Als voorzitter van het LAKS besloot ik om dat te omarmen.” Wat onschuldig begon, eindigde in demonstranten die een ravage aanrichtte rondom het binnenhof.

Twee weken later kondigde toenmalig staatsecretaris Karin Adelmund aan dat er toch wat verlichting van het programma zou volgen. Er kwam meer geld, ANW werd verlicht en één van de verplichte talen werd geschrapt. Schreiber kijkt dan ook met een goed gevoel terug op het protest: "Ik denk dat de grootste overwinning was dat het budget met zo’n tien procent verhoogd is. Dat was daarvoor nooit gebeurd en daarna ook niet meer. Ik denk dat dat het onderwijs wat beter heeft gemaakt."

2015: opnieuw het Maagdenhuis

Jarenlang leek er amper actiebereidheid onder studenten. Maar in de jaren 10 van deze eeuw kwam er toch weer voeding voor protesten na acties zoals 'Occupy' en onderwijsprotesten in Amerika en Griekenland. Bezuinigen van de Universiteit van Amsterdam op de faculteit Geesteswetenschappen zorgde ditmaal voor het lont in het kruitvat. Studenten bezette in februari 2015 het Bungehuis, waar de faculteit zat, in de binnenstad van Amsterdam. Er werd behoud en financiering geeist van studies die dreigden te verdwijnen omdat er weinig animo voor was onder studenten.

Net als de protesten in 1969 werden de eisen fundamenteler: het bestuur van de UvA moest opstappen en het zogenoemde 'rendementsdenken' moest op de schop. Nadat het Bungehuis werd ontruimd volgde dan ook, net als in 1969, het Maagdenhuis bezet. Jarmo Berkhout was één van de bezetters: "Het Maagdenhuis zat het bestuur en daarom een symbolische waarde."

Toenmalig rector magnificus was Louise Gunning. Zij werd, in de ogen van de bezetters, het toonbeeld van de regenteske houding van het UvA-bestuur. Berkhout: "Voornaamste reden voor het conflict dat wij is verlangden wat het bestuur niet wilde geven, namelijk meer inspraak met minder focus op rendement. Wat het erger maakte dat Gunning totaal niet leek te begrijpen wat wij bedoelden en dat zij ons totaal niet serieus nam." Ook het Maagdenhuis werd, bijna twee maanden later, ontruimd.

Uiteindelijk stapte Louise Gunning op, maar had het protest nou iets fundamenteels veranderd? Jarmo Berkhout: "Dat is moeilijk te zeggen. Ik denk wat dat er veel steun was vanuit de maatschappij. Ook hadden wij het in die tijd over het failliet van het neoliberale denken, iets waar toen eigenlijk nog amper over werd gesproken. Je ziet nu dat het heel normaal is om hier kritiek op te hebben."

Blok&Toine

Mischa Blok en Toine van Peperstraten zoomen in op wat het nieuws voor jou betekent en zijn daarbij ook geïnteresseerd in jouw ervaringen. Maandag tot en met donderdag van 14.00 tot 16.00 uur.

Ster advertentie
Ster advertentie