Naar homepage
Achtergrond

'Door spreekrecht kun je iets met je onmacht, maar het is niet voor iedereen'

foto: ANP
  1. Nieuwschevron right
  2. 'Door spreekrecht kun je iets met je onmacht, maar het is niet voor iedereen'

Nooit eerder maakten zoveel nabestaanden - in totaal 91 - gebruik van hun spreekrecht in een strafproces als bij het MH17-proces. Wat is het effect daarvan op de rechtspraak en op de nabestaanden zelf? “Voor sommigen is het heel belangrijk. Voor anderen ook heel belastend”, zegt hoogleraar psychologie Jos de Keijser bij Spraakmakers.

“We doen al vrij lang onderzoek naar de effecten van spreekrecht en wat we zien is dat vooral na overlijden door toedoen van anderen, het een heel belangrijk middel is voor nabestaanden”, legt De Keijser uit. “Het is een mogelijkheid om iets met je onmacht te doen.”

Onbeperkt spreekrecht

In 2009 werd het spreekrecht ingevoerd in de Nederlandse rechtspraak. Nabestaanden mogen sindsdien vertellen over hoe zij persoonlijk geraakt zijn. Dat beperkte spreekrecht is sinds 2016 onbeperkt – nabestaanden mogen zich ook uitlaten over bijvoorbeeld de verdachte, bewijs en wat zij een passende straf zouden vinden.

De Keijser: “Je ziet zeker na 2016 dat nabestaanden veel meer tevredenheid ervaren bij rechtspraak. Erkenning is een heel belangrijke factor voor nabestaanden, maar ook voor de maatschappij.”

Spreekrecht 'schuurt'

Voormalig rechter voor het Joegoslaviëtribunaal Fons Orie erkent dat de plek van nabestaanden in een strafproces van belang is, maar kijkt tegelijkertijd kritisch naar de ontwikkeling van het spreekrecht. “Als je bespreekt hoe naar iets is - en het is ontegenzeggelijk dat het afschuwelijk is - vóór nog vastgesteld kan worden of iemand wel een verwijt gemaakt kan worden, dan schuurt dat.”

Een twee fasen-proces zou daarvoor een uitkomst zijn, vertelt Orie. “Dan bepaal je eerst of iemand schuldig is en daarna de straf.” In die tweede fase zou dan ruimte zijn voor nabestaanden om hun verhaal te doen. In de huidige vorm kunnen de slachtofferverklaringen en getuigenverklaringen door elkaar heen lopen, stelt Orie. “Je moet oppassen dat mensen in het verhaal dat ze vertellen ook aan het bijdragen zijn in het bewijs. Daar heb je getuigen voor.” De Keijser is van mening dat moderne rechters dit onderscheid prima kunnen maken.

Niet voor iedereen

Maar het spreekrecht biedt niet voor iedere nabestaande uitkomst, benadrukt De Keijser. “Ik ben terughoudend in het stellen dat het voor iedereen is. Voor sommigen is het heel belangrijk. Voor anderen ook heel belastend.” Zeker in zaken waarin hoger beroep volgt, is er een risico. “Als je het dan hebt over verwerking, is nog maar te zien of opnieuw oprakelen steunend of belastend is. Dat verschilt per persoon.”

Ook Orie waarschuwt voor de kans op secundaire victimisatie; opnieuw slachtoffer worden. “In een rechtszaal bestaat de kans dat je geschoffeerd wordt door de verdachte.” Orie betwijfelt of spreekrecht wel gunstig uitpakt voor slachtoffers. “Je wil een gebaar maken dat ze ertoe doen, maar wat doen we ze aan? Het empirisch onderzoek naar hoe het wel of niet therapeutisch werkt, is vaag en zwak.”

Erkenning voor aangedaan leed

De Keijser hoopt om die reden door middel van onderzoek erachter te komen wie en welke situatie wel en niet geschikt is om het spreekrecht te gebruiken. “We zien wel dat als een of twee persoonlijke uitspraken in een vonnis zijn opgenomen, dat heel erg steunend kan zijn.” Daarnaast kost de rechtspraak de maatschappij zoveel geld, dat er volgens de hoogleraar ook best wat tegenover mag staan. “En dat is niet alleen een veroordeling, maar ook erkenning voor het aangedane leed.”

“Ik heb ook als uitgangspunt dat de plek van het slachtoffer van belang is”, zegt Orie. “De vraag is alleen hoe.”

Mis niets met de nieuwsbrieven van Spraakmakers

Spraakmakers maken we mét jou als luisteraar. En om jou zoveel mogelijk bij ons programma te betrekken, versturen we een dagelijkse en wekelijkse nieuwsbrief. Zo kun je gemakkelijk meepraten en mis je nooit meer iets.

Meld je hier aan.

Ster advertentie
Ster advertentie