appjecalendarcheckchevron-downchevron-leftchevron-rightchevron-upclosedownloaddragfacebookfast-backwardfast-forwardgoogle-plusiconinstagramlinkedinlistlisten-livelogo-nporadio1logo-tour-de-france mailmicrophonepauseperson-man-2person-woman-4phonepinterestplayplaylistplyr-nextplyr-prevquestionquotesearchsharesorter--up-and-down star--open-and-filled star-openstarthumbdownthumbuptwitterwatch-livewhatsappyoutubeplyr-captions-off plyr-captions-on plyr-enter-fullscreen plyr-exit-fullscreen plyr-fast-forward plyr-muted plyr-pause plyr-play plyr-restart plyr-rewind plyr-volume
STER Advertentie

Twee Belgen in niemandsland

Edwin Cornelissen
vrijdag 4 september 2020 | NOS | Edwin Cornelissen

Het mooie van het rondreizende Tour-circus is dat je soms op plekken komt, waar je je in een compleet andere wereld waant. Neem nu Mont Aigoual, de slotklim van de 6de etappe en de berg waarom het draait in Tim Krabbé's De Renner

Vanaf mijn parkeerplaats was het een wandeling van 2,5 kilometer bergop. Niet over geasfalteerde wegen, maar over geïmproviseerde paden vol kiezels en keien. Overal om mij heen verdord gras, links en rechts bomen en struiken. Naarmate de top van de berg dichterbij kwam werd het kaler en verdween de begroeiing. Eenmaal boven zag ik een observatorium en twee zendmasten als eenzame pijlers in een maanlandschap. Verder was er het grote niets. Behalve dan de Tour. 

Uitgestrekte vergezichten

Ik stond op de top van Mont Aigoual en liet de uitgestrekte vergezichten op mij inwerken. Het panorama dat mij omringde, deed geluiden verstommen, zo leek het. Er waren toeschouwers op de berg -niet overmatig veel, de meesten kozen voor eerdere klimmetjes. Maar zij die de top bereikt hadden, gingen rustig zitten in het dorre gras en staarden in de grote verte. Het was in afwachting van de renners zó stil, dat ik de krekels kon horen.  

Het was niet allen de weidsheid van het heuvelland die maakte dat het leek alsof in deze streek de tijd had stilgestaan. Onderweg hierheen passeerde ik stoffige dorpjes, waar geen leven meer te bekennen was. Spookstadjes waren het. Huizen met de rolluiken dicht. Winkeltjes die de deuren gesloten hadden. Geen mens op straat. Alsof de inwoners al lang geleden besloten hadden dat hier geen toekomst was. 

De spookdorpjes zetten mij aan het denken. Hoe zou het hier geweest zijn, een jaar of vijftig geleden? Zaten de mensen toen wel bij het dorpscafé een wijntje te drinken? Hing toen de was buiten te drogen? Was het eenmaal per week markt? Waagden de inwoners een dansje op het dorpsfeest tijdens de jaarlijkse braderie? Niemand aan wie ik het kon vragen. 

Belgisch mannen-uitje

Net buiten een van die dorpjes stond een camper in de berm. Op de stoeltjes ervoor zaten twee vijftigers. Biertje in de hand, een schaaltje olijven op een tafel. Een grote Belgische vlag over de camper gedrapeerd. Twee wielerliefhebbers, fier op Wout van Aert, een alleskunner zonder dikke nek. Of ik wist wat ze daarmee bedoelden. De twee Belgen hadden van hun Tour-bezoek een mannen-uitje gemaakt. Of liever gezegd: de vrouwen hadden hen permissie gegeven om de bloemetjes eens buiten te zetten. 

En zo kwam het dat zij hun campertje neerzetten voor een uitgestorven dorp, in het grote niets. Maar wat zou het? De kameraden hadden elkaar, ze hadden bier en olijven, ze hadden Van Aert. Het leven was goed in niemandsland.

Download de NPO Radio 1-app

Met onze app mis je niks. Of het nou gaat om nieuws uit binnen- en buitenland, sport, tech of cultuur; met de NPO Radio 1-app ben je altijd op de hoogte. Download 'm hier voor iOS en hier voor Android.

Correctie melden

STER Advertentie
Vorige pagina Back to top
NPO Radio 1