Politiek
AVROTROS

'Je moet het op een vreedzame manier met elkaar oneens kunnen zijn'

foto: ANPfoto: eigen foto
  1. Nieuwschevron right
  2. 'Je moet het op een vreedzame manier met elkaar oneens kunnen zijn'

Zowel de linker- als de rechterflank is de afgelopen jaren steeds radicaler geworden in Den Haag, aldus prof. dr. Paul Frissen, emeritus hoogleraar bestuurskunde in de uitzending van dr Kelder en Co. Volgens Frissen is dat geen toeval: de staat is zich meer gaan bemoeien met moreel beladen kwesties zoals klimaat. Dit soort maakbaarheidsdenken leidt volgens Frissen tot repressie en vervreemding onder de bevolking, wat radicaal gedachtegoed voedt. "Onze overheid barst van de opvattingen over wat de wereld moet doen, wat een nette burger is, hoe die zich moet gedragen en wat die moet eten."

Video niet beschikbaar

Neutrale staat

Frissen pleit in zijn net verschenen boek, getiteld De neutrale staat. Pleidooi voor een conservatief pluralisme voor een staat zonder inhoudelijke opvattingen over het goede leven, maar faciliteert wel de ruimte waarin discussies hierover plaats kunnen vinden. Elke vorm van beleid die deze pluraliteit in gevaar brengt, hoort niet thuis in een neutrale staat volgens Frissen: van linkse activistische idealen waar acceptatie en inclusie worden afgedwongen, tot rechtse populistische ideeën over het beschermen van 'het echte volk'. Een neutrale staat praktiseert volgens Frissen daarom conservatief pluralisme: pluralistisch in de zin dat conservatieve, progressieve, religieuze en seculiere ideeën naast elkaar bestaan zonder dat de staat er één verkiest, conservatief in de zin dat de staat behoudend moet zijn en geen paternalistische ambities moet hebben.

 

Onderscheid staat en politiek

Maar wie staat er achter een staat die volledig neutraal is? En hoe neutraal kan een staat eigenlijk zijn? Politieke onderwerpen, zoals migratie, moeten toch in beleid worden omgezet? Om die spanning te begrijpen, is volgens Frissen eerst een onderscheid nodig tussen de staat en de politiek. De staat is de democratisch-rechtsstatelijke orde van instituties, wetten, ambten en procedures die politieke macht mogelijk maakt én begrenst. De politiek vindt plaats binnen de kaders van deze staat, maar hoort hier nooit mee samen te vallen. 

 

Lege staat

Er hoeft dus ook niemand achter de staat te staan, omdat deze nergens inhoudelijk vóór of tegen hoort te zijn: de staat is 'leeg'. De politiek maakt praktische beleidskeuzes, bijvoorbeeld rondom migratie, op basis van democratische meerderheden. De staat voert beleid uit, op basis van politieke besluiten met een democratische meerderheid, maar daar zit geen ideologische overtuiging achter, zoals "migratie is een bedreiging" of "migratie is een verrijking". 

 

Grenzen aan neutraliteit

Hoort de staat dan al het beleid over te nemen, zolang het door een politieke meerderheid is besloten? Nee, stelt Frissen. Er zijn grenzen aan de staatsneutraliteit: de staat mag nooit neutraal zijn in het beschermen van de democratische rechtsstaat en mag dus geen beleid uitvoeren dat in strijd is met de grondwet, grondrechten of andere rechtsstatelijke regels.

 

Vreedzame onenigheid

Volgens Frissen moeten we er vooral niet van dromen dat we het ooit eens gaan worden met elkaar. Ook kunnen maatschappelijke conflicten niet simpelweg worden opgelost met wetenschappelijke rapporten, rationeel beleid en bestuurlijke oplossingen. Want juist wanneer politieke conflicten worden behandeld als technische beleidsproblemen, leidt dat volgens de hoogleraar tot repressie, toenemende polarisatie en uiteindelijk tot vervreemding tussen burgers en staat. Daarom moeten we terug naar wat Frissen de kern van de democratie noemt: "Dat je het op een vreedzame manier oneens met elkaar kunt blijven, omdat wij het fundamentele recht hebben een minderheid te zijn en het fundamentele recht hebben om verschillend over de wereld te denken."

 

Advertentie via ster.nl
Advertentie via ster.nl