Leerlingen presteren minder goed door slechte luchtkwaliteit klaslokalen
- Nieuws
- Leerlingen presteren minder goed door slechte luchtkwaliteit klaslokalen
Dat de meeste leerlingen een warme zomerdag liever in de frisse lucht dan in een schoolgebouw doorbrengen, zal niemand verbazen. Zeker niet als temperaturen in het klaslokaal oplopen tot veertig graden. Maar die hitte kan ook daadwerkelijk, in combinatie met een slechte luchtkwaliteit, grote gevolgen hebben. Zo kunnen leerlingen lichamelijke klachten krijgen en zelfs slechter presteren. "Het heeft heel veel effect", zegt Nils Kok in De Rode Draad.
Nils Kok is professor aan de Universiteit Utrecht en onderzocht vijf jaar lang de luchtkwaliteit in 300 verschillende lokalen op basisscholen. Daarnaast werden de schoolprestaties van leerlingen bijgehouden. "Dat hebben we naast elkaar gelegd. We kijken hoe die leerlingen groeien, en zetten dat af tegen de luchtkwaliteit van het lokaal." De resultaten waren duidelijk: bij een slechtere luchtkwaliteit, presteren leerlingen minder goed.
Een goed CO₂ -gehalte ligt onder de 800 ppm. Kok ontdekte dat schoolprestaties met twintig procent afnemen wanneer het CO₂ -gehalte stijgt naar 1400 ppm. "Dat is meer dan dat de leerprestatie achteruitging aan de hand van de coronasluitingen. Het is gigantisch", zegt hij. Dat effect kan ook doorwerken in de Cito-toets. "Als je dan een verdubbeling in CO₂ krijgt, is de kans dat je een vwo-advies krijgt dertien procent lager."
Lichamelijke klachten
De luchtkwaliteit is niet het enige probleem op scholen. Ook hitte in de klaslokalen beïnvloedt de leerlingen. "Gemiddeld genomen zie je dat die twee hand in hand gaan", zegt Kok. Pointer zocht via een enquête uit welke rol die warmte op het onderwijs had. 600 basisscholen reageerden. "Driekwart van hen geeft aan dat de leerprestaties achteruitgaan als gevolg van de hitte", zegt Lisanne Wichgers, onderzoeksjournalist bij dat programma. "Zestig procent van deze scholen ziet zelfs lichamelijke klachten bij de kinderen, zoals hoofdpijn of duizeligheid. Slechts een op de vijf geeft aan dat hun klaslokalen geschikt zijn voor deze hoge temperaturen."
Achtergesteld kindje
En juist daar zit het probleem: er is geen aandacht voor de slechte staat van schoolgebouwen. "De onderwijsinfrastructuur is een achtergesteld kindje", vindt Kok. "Er is geld nodig om dit soort dingen uit te voeren maar die focus ligt nu bijvoorbeeld op digiboards en compensatie van leraren, en terecht ook."
Volgens Wichgers werken sommige scholen met een tropenrooster als oplossing, alleen komen ouders dan soms in de knel met hun werktijden. Zij kunnen lang niet altijd hun kinderen eerder van school ophalen of een oppas regelen. Uiteindelijk zal de focus liggen op airconditioning, denken de twee. "Dat kunnen ook gewoon units zijn die je in een lokaal ophangt en dat combineer je dan met zonnepanelen, maar het kost wel geld", zegt Kok.
Koeltefonds
Daardoor rijst de vraag: wie is er verantwoordelijk? "Het is een gedeelde verantwoordelijkheid", zegt Wichgers. “Gemeenten zijn verantwoordelijk voor nieuwbouw en scholen voor onderhoud.” Dat zowel gemeenten als scholen niet zwemmen in het geld, begrijpt Kok ook. "Het is niet meer zo dat het alleen een weekje in augustus heel heet is. Dus ik zie graag een nationaal koeltefonds." Hij ziet daarbij een instantie voor zich die financieel kan bijspringen, zodat scholen materiaal in huis kunnen halen om zo de temperatuur op orde te krijgen. "We denken in Nederland nog steeds heel erg na over verwarmen, maar we moeten steeds meer nadenken over koelen."
Gerelateerd




