Binnenland

Daan werd uit huis geplaatst: 'Ik zag meer dan honderdvijftig hulpverleners'

KRO-NCRV
foto: Stefanie van Ulftfoto: Stefanie van Ulft
  1. Nieuwschevron right
  2. Daan werd uit huis geplaatst: 'Ik zag meer dan honderdvijftig hulpverleners'

Nadat zijn ouders gingen scheiden en hij niet meer bij zijn moeder kon wonen, werd Daan - toen zestien - uit huis geplaatst. Na de crisisopvang volgde een 'carrousel': verhuizingen van de ene naar de andere groep en meer dan honderdvijftig verschillende hulpverleners. ''Als je mij vraagt wat thuis is, dan weet ik het antwoord niet meer.''

Deze 'carrousel' moet stoppen, vindt Stichting Het Vergeten Kind. Vandaag lanceren zij de campagne Stop de Carrousel waar Daan, inmiddels twintig, ambassadeur voor is. Volgens Margot Ende, voorzitter van de stichting, leidt deze constante verandering bij uit huis geplaatste kinderen tot veel problemen.

Door wisselende opvangplekken kunnen kinderen zich niet goed hechten en veranderen ze vaak van school. Hierdoor kunnen ze het contact met vriendjes en vriendinnen en broers en zussen kwijt raken. Er zijn gevallen waarbij kinderen naar de andere kant van het land moeten verhuizen. Dit is slecht voor hun ontwikkeling, zegt Ende.

Tien keer verhuizen

Jaarlijks zitten honderdduizend kinderen in een onveilige thuissituatie. De helft van hen wordt uit huis geplaatst en vierentwintigduizend daarvan komen in deze carrousel terecht. Ende: ''De overheid is verantwoordelijk en moet zorgen voor een veilige thuissituatie, maar ik ken kinderen die uit huis geplaatst zijn en wel tien keer moeten verhuizen.'' Gemeenten moeten volgens haar beginnen in kaart te brengen hoeveel jongeren er op deze manier worden doorgeplaatst.

Als het aan Daan ligt zou hij twee zaken direct veranderen: het doorverhuizen moet stoppen en kinderen zouden met minder wisselende hulpverleners te maken moeten krijgen. Door regelgeving en geldgebrek kunnen jongeren vaak niet lang op dezelfde plek verblijven. Daan: ''Je krijgt een zorgindicatie voor bijvoorbeeld een half jaar, maar daarna moet je weg want dan krijgt de instelling geen geld meer voor je opvang. Of je moet verhuizen omdat je te oud wordt voor de groep.''

Iedere keer opnieuw je verhaal vertellen

Daan ziet dat de verschillende hulpverleners die hij heeft gehad hun best doen, maar beperkt worden door het systeem. Dat beaamt Ende: ''Veel instellingen worden betaald per bed. Als het bed leeg is, krijgen ze geen geld.'' Daarom huren instellingen flexkrachten in, die vaak wisselen en de jongeren minder goed kennen. Dit laatste had voor Daan tot gevolg dat hij iedere keer opnieuw zijn verhaal moest vertellen.

Inmiddels gaat het beter met Daan. Hij woont zelfstandig in een gezinshuis. Hij is inmiddels twintig en hij zal nooit meer thuis kunnen wonen. Hij hoopt dat hij met zijn verhaal de hulpverlening voor uit huis geplaatste kinderen kan verbeteren.

Ster advertentie
Ster advertentie