Binnenland

Extreme meningen uiten in het publieke debat - mag dat?

AVROTROS
foto: Thierry Baudet en Geert Wilders, door Milou Brandfoto: Thierry Baudet en Geert Wilders, door Milou Brand
  1. Nieuwschevron right
  2. Extreme meningen uiten in het publieke debat - mag dat?

Onze samenleving lijkt in een soort politiek correct spasme te verkeren, waarbij je constant op je woorden moet passen. Voorts gaat dr Kelder in gesprek met socioloog dr. Eric C. Hendriks over onze tolerantie jegens andere meningen, en dan vooral de vraag of pittig rechtse standpunten geen podium meer krijgen in onze hypergevoelige mediacultuur.

{podcast audio="55534" caption="Jortcast #48 - Het politiek correcte spasme van onze samenleving" }

Als voorbeeld bespreekt Hendriks het interview met de rechtse, Rotterdamse politicus Geza Hegedüs in de Volkskrant van eind juli. Veel twitteraars uitten hun woede over dat hun 'kwaliteitskrant' een dergelijk, extreem-rechts figuur een podium had geboden. "Dat mag je niet in de pers hebben vond men", zegt Hendriks. De ombudsman van de Volkskrant werd ingeschakeld en die kwam tot de conclusie dat een kritisch interview moet kunnen op zijn tijd. "Het was een kritisch en goed interview. Ik vind best dat die mensen geïnterviewd kunnen worden, zodat je weet wat er speelt."

Aanmatigend

Dr Kelder: "we zijn zo weinig tolerant jegens meningen die ons even niet aanstaan." Het gaat in het publieke debat volgens hem dan vooral om de (extreem)rechtse mening die niet welkom is. "Zelfs de club Vrij Links, met een gematigd middenverhaal, wordt verweten dat zij rechts in de kaart spelen."
Hendriks: "het is heel vervelend als mensen alleen zeggen: ik ben het er niet mee eens". Het is prima als iemand niet van een bepaalde mening gediend is en die niet wilt horen. Maar voor anderen bepalen dat zij die ook niet mogen horen is een ander verhaal. "Heel aanmatigend", zegt Hendriks.

Om deze inhoud te tonen moet je toestemming geven voor social media cookies.

Grote mediaplatforms

Een ander voorbeeld van dat niet zomaar alles gezegd mag worden, is wat er de afgelopen weken gebeurde met de complottheoreticus Alex Jones. De Amerikaan met eigen show werd verbannen van zo goed als alle grote mediaplatforms: YouTube, Spotify, Facebook, Twitter, etc. etc. "Het is vervelend hoe dat gegaan is", zegt Hendriks. "Complottheorieën kunnen gevaarlijk zijn. Maar er wordt niet echt onderbouwd waarom Jones is verbannen." Er wordt volgens Hendriks alleen vaag verwezen naar de gebruikerscode van platforms. "Ze zijn elkaar gaan kopiëren. Als jij als platform Jones er nog niet af hebt gegooid, komen de critici: waarom jij nog niet?"
En dat is in commercieel opzicht natuurlijk niet handig voor de grote mediabedrijven. Volgens Hendriks bevinden we ons in een nieuwe, ongemakkelijke situatie met die bedrijven: "het zíjn mediabedrijven, ze beheersen het medialandschap, maar ze ontkennen dat ze mediabedrijven zijn." Een journalistieke code ontbreekt, net als een ombudsman. Dat is het grote verschil met kranten, waar dus wel een goed werkend van controle is ingebouwd. De grote mediabedrijven nemen commerciële beslissingen, en de gevolgen daarvan zijn volgens Hendriks wel een probleem. “We realiseren ons nu pas de technologische mogelijkheden en de maatschappelijke effecten daarvan."

Ster advertentie
Ster advertentie