Chronisch ziek, maar niet uitgeschakeld: ‘Kijk naar wat mensen wél kunnen’
- Nieuws
- Chronisch ziek, maar niet uitgeschakeld: ‘Kijk naar wat mensen wél kunnen’
Terwijl werkgevers kampen met personeelstekorten, blijven honderdduizenden mensen met een chronische aandoening aan de zijlijn staan. En dat terwijl een groot deel wel wíl werken. Volgens vier onderzoekers, waaronder hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen, moet dit anders. “Het is een onderschatting van het potentieel dat mensen gewoon hebben”, zegt hij in Villa VdB.
Een baan vinden of behouden voor mensen met een chronische aandoening kan een flinke uitdaging zijn. Volgens hoogleraar arbeidsmarkt Ton Wilthagen van Tilburg University wordt hun arbeidspotentieel structureel onderschat. In een artikel in het Vakblad voor Economie pleit hij samen met drie collega-onderzoekers voor een andere benadering. Volgens hen is er meer maatwerk nodig, betere samenwerking tussen zorg en arbeidsmarkt en vooral meer aandacht voor wat mensen nog wél kunnen.
Arbeidsongeschikt
“We zien dat de arbeidsongeschiktheid maar blijft oplopen, maar niet iedereen is arbeidsongeschikt”, vertelt de hoogleraar. In Nederland gaat het volgens de onderzoekers om ongeveer 415.000 mensen met een chronische of langdurige fysieke of psychische aandoening. Samen vertegenwoordigen zij mogelijk een onbenut potentieel van ongeveer 400.000 voltijdbanen.
“Werkgevers zien mensen met een chronische aandoening vaak als een risico”, legt Wilthagen uit. De angst voor ziekteverzuim speelt daarbij een rol. Nederlandse werkgevers zijn bij ziekte verplicht om maximaal twee jaar loon door te betalen. Maar volgens Wilthagen betekent een chronische aandoening niet automatisch dat iemand niet kan werken of dat uitval onvermijdelijk is. Met de juiste aanpassingen kunnen veel mensen juist duurzaam aan het werk blijven.
Van droombaan naar nieuwe kansen
Aliyah Williams weet uit eigen ervaring hoe moeilijk het kan zijn om opnieuw een plek te vinden op de arbeidsmarkt. Tijdens haar werk in een dierenhotel kreeg ze te maken met een chronische spierziekte. Vermoeidheid en problemen met haar ogen bleken de eerste signalen. Het fysiek zware werk werd uiteindelijk onmogelijk.
Aanpassingen zoals extra pauzes boden niet genoeg uitkomst. Na haar diagnose bleek er weinig ruimte om te onderzoeken welke werkzaamheden nog wél mogelijk waren. Williams kwam thuis te zitten, terwijl ze van jongs af aan al in de dierenwereld wilde werken.
“Er wordt vooral gekeken naar je rugzak, en niet meer naar de kwaliteiten die je meebrengt”, vertelt ze over haar ervaringen met solliciteren. Via lotgenoten kwam ze in contact met Emma at Work, een organisatie die jongeren met een chronische aandoening helpt bij het vinden van werk. Uiteindelijk vond Williams een nieuwe baan. Daar ervaart ze hoe het ook kan: ze werkt regelmatig thuis, heeft aangepaste werktijden en maakt kortere werkdagen. En het belangrijkste, zo vindt ze zelf, haar gezondheid is altijd bespreekbaar.
Werk als medicijn
Volgens Wilthagen gaat het om meer dan enkel het oplossen van personeelstekorten. Werk biedt sociale contacten, inkomen, ontwikkelmogelijkheden en een gevoel van eigenwaarde. Mensen die niet werken, missen die voordelen. “Het werken kan voor velen juist een medicijn zijn.”
“In het onderzoek hebben wij berekend dat er 400.000 banen te vullen zijn als werkgevers omkijken naar mensen met een chronische ziekte”, zegt de hoogleraar. Om dat werkelijkheid te maken, moeten werkgevers eerder met werknemers in gesprek over werk en gezondheid. Ook de samenwerking tussen bedrijfsartsen, arbeidsdiensten en reguliere zorg kan beter. In Scandinavische landen sluiten die werelden nauwer op elkaar aan.
Niet iedere baan past bij iedereen, maar een aandoening hoeft niet het einde van een loopbaan te betekenen. Soms maken juist flexibiliteit, begrip en een beetje maatwerk het verschil tussen thuiszitten en volwaardig meedoen. “Er zijn mensen die ziek worden van werk, terwijl dat makkelijk op te lossen is als meer mensen naar ze omkijken.”
Villa VdB
Villa VdB (Omroep MAX) hoor je van maandag t/m donderdag van 14.00 tot 16:00 uur op NPO Radio 1. Gepresenteerd door Jurgen van den Berg.
Gerelateerd





