appjecalendarcheckchevron-downchevron-leftchevron-rightchevron-upclosedownloaddragfacebookfast-backwardfast-forwardgoogle-plusiconinstagramlinkedinlistlisten-livelogo-nporadio1logo-tour-de-france mailmicrophonepauseperson-man-2person-woman-4phonepinterestplayplaylistplyr-nextplyr-prevquestionquotesearchsharesorter--up-and-down star--open-and-filled star-openstarthumbdownthumbuptwitterwatch-livewhatsappyoutubeplyr-captions-off plyr-captions-on plyr-enter-fullscreen plyr-exit-fullscreen plyr-fast-forward plyr-muted plyr-pause plyr-play plyr-restart plyr-rewind plyr-volume
Nu: Nachtzuster
Afbeelding

Het Marathoninterview

Het Marathoninterview. Verhalen die dichterbij komen dan de waan van de dag ons meestal toelaat.

Podcast afleveringen

Het Marathoninterview met Carolien Roelants, tweede uur

zaterdag 28 december 2013, 19:00 uur

Carolien Roelants was dertig jaar Midden-Oosten-redacteur voor NRC - Handelsblad. Onlangs ging zij met pensioen, maar nog steeds schrijft zij een column over haar vakgebied voor de krant. En dezer dagen verscheen van haar hand en die van collega Midden Oosten-deskundige Paul Aerts het boek 'Saoedi-Arabië, de revolutie die nog moet komen'. In die dertig jaar heeft Carolien Roelants bewezen de beste Midden Oosten-journaliste zijn die ons land heeft. Drie uur lang in gesprek met Chris Kijne.

Het Marathoninterview met Carolien Roelants, eerste uur

zaterdag 28 december 2013, 19:00 uur

Carolien Roelants was dertig jaar Midden-Oosten-redacteur voor NRC - Handelsblad. Onlangs ging zij met pensioen, maar nog steeds schrijft zij een column over haar vakgebied voor de krant. En dezer dagen verscheen van haar hand en die van collega Midden Oosten-deskundige Paul Aerts het boek 'Saoedi-Arabië, de revolutie die nog moet komen'. In die dertig jaar heeft Carolien Roelants bewezen de beste Midden Oosten-journaliste zijn die ons land heeft. Drie uur lang in gesprek met Chris Kijne.

Het Marathoninterview - Carolien Roelants

zaterdag 28 december 2013, 19:00 uur

Carolien Roelants was dertig jaar Midden Oosten-redacteur voor NRC Handelsblad. Onlangs ging ze met pensioen, maar nog steeds schrijft ze een column over haar vakgebied voor de krant. Samen met collega en Midden Oosten-deskundige Paul Aarts schreef ze het boek Saoedie-Arabië, de revolutie die nog moet komen. In die dertig jaar heeft Carolien Roelants bewezen de beste Midden Oosten-journalist te zijn die ons land heeft. Een gesprek over het Midden-Oosten, over journalistiek en over de vraag hoe men zo'n leven leidt: altijd op reis, bezeten van het beste verhaal op het goede moment in de krant, en ook vier kinderen groot brengen.

Het Marathoninterview met Tinkebell, derde uur

vrijdag 27 december 2013, 19:00 uur

Anton de Goede in gesprek met de controversiële kunstenares Katinka Simonse (1979), beter bekend als Tinkebell, Ze maakte naam vanwege een reeks geruchtmakende kunstprojecten. Zo kwam zij recent in het nieuws vanwege haar film Save our children waarin haar eigen sterilisatie centraal staat. Ze liet zich steriliseren om aandacht te vestigen op het probleem van het opraken van het voor de landbouw essentiële fosfaat en ook omdat voor haar de enige oplossing van dit probleem schuilt in geboortebeperking. Ook verscheen van haar dit jaar De Duitsers zijn uitgeschakeld, een autobiografisch boek vol verhalen over hoe het is om in Goes geboren te zijn, de ambitie om kunstenaar te worden, het leven op een kunstacademie en het werken als telefoonprostituee. Verder over wat hamsters, politiek en portretschilderkunst met elkaar te maken hebben. Tinkebell roept afschuw op en wordt gehaat, zo zou ze dieren mishandelen en een ‘aandachtsjunk’ zijn, die voor de publiciteit haar eigen kat vermoordde en er een tas van maakte. Maar haar radicale acties dwingen ook respect af omdat zij als geen ander hypocrisie aan de kaak stelt.

Het Marathoninterview met Tinkebell, tweede uur

vrijdag 27 december 2013, 19:00 uur

Anton de Goede in gesprek met de controversiële kunstenares Katinka Simonse (1979), beter bekend als Tinkebell, Ze maakte naam vanwege een reeks geruchtmakende kunstprojecten. Zo kwam zij recent in het nieuws vanwege haar film Save our children waarin haar eigen sterilisatie centraal staat. Ze liet zich steriliseren om aandacht te vestigen op het probleem van het opraken van het voor de landbouw essentiële fosfaat en ook omdat voor haar de enige oplossing van dit probleem schuilt in geboortebeperking. Ook verscheen van haar dit jaar De Duitsers zijn uitgeschakeld, een autobiografisch boek vol verhalen over hoe het is om in Goes geboren te zijn, de ambitie om kunstenaar te worden, het leven op een kunstacademie en het werken als telefoonprostituee. Verder over wat hamsters, politiek en portretschilderkunst met elkaar te maken hebben. Tinkebell roept afschuw op en wordt gehaat, zo zou ze dieren mishandelen en een ‘aandachtsjunk’ zijn, die voor de publiciteit haar eigen kat vermoordde en er een tas van maakte. Maar haar radicale acties dwingen ook respect af omdat zij als geen ander hypocrisie aan de kaak stelt.

Het Marathoninterview met Tinkebell, eerste uur

vrijdag 27 december 2013, 19:00 uur

Anton de Goede in gesprek met de controversiële kunstenares Katinka Simonse (1979), beter bekend als Tinkebell, Ze maakte naam vanwege een reeks geruchtmakende kunstprojecten. Zo kwam zij recent in het nieuws vanwege haar film Save our children waarin haar eigen sterilisatie centraal staat. Ze liet zich steriliseren om aandacht te vestigen op het probleem van het opraken van het voor de landbouw essentiële fosfaat en ook omdat voor haar de enige oplossing van dit probleem schuilt in geboortebeperking. Ook verscheen van haar dit jaar De Duitsers zijn uitgeschakeld, een autobiografisch boek vol verhalen over hoe het is om in Goes geboren te zijn, de ambitie om kunstenaar te worden, het leven op een kunstacademie en het werken als telefoonprostituee. Verder over wat hamsters, politiek en portretschilderkunst met elkaar te maken hebben. Tinkebell roept afschuw op en wordt gehaat, zo zou ze dieren mishandelen en een ‘aandachtsjunk’ zijn, die voor de publiciteit haar eigen kat vermoordde en er een tas van maakte. Maar haar radicale acties dwingen ook respect af omdat zij als geen ander hypocrisie aan de kaak stelt.

Het Marathoninterview - Tinkebell

vrijdag 27 december 2013, 19:00 uur

De controversiële kunstenares Katinka Simonse (1979), beter bekend als Tinkebell, maakte naam vanwege een reeks geruchtmakende kunstprojecten. Zo kwam zij recent in het nieuws vanwege haar film Save our children waarin haar eigen sterilisatie centraal staat. Ook verscheen dit jaar De Duitsers zijn uitgeschakeld, een autobiografisch boek vol verhalen over hoe het is om in Goes geboren te zijn, de ambitie om kunstenaar te worden, het leven op een kunstacademie en het werken als telefoonprostituee. Verder over wat hamsters, politiek en portretschilderkunst met elkaar te maken hebben. Tinkebell roept afschuw op en wordt gehaat, zo zou ze dieren mishandelen en een ‘aandachtsjunk’ zijn, die voor de publiciteit haar eigen kat vermoordde en er een tas van maakte. Maar haar radicale acties dwingen ook respect af omdat zij als geen ander hypocrisie aan de kaak stelt.

Het Marathoninterview met Joke van Leeuwen, derde uur

donderdag 26 december 2013, 19:00 uur

Bejubeld kinderboekenschrijfster van klassiekers als IEP!, dichteres voor jong en oud, romanschrijfster die de AKO literatuurprijs dit jaar verrassend won met Het feest van het begin - schrijfster Joke van Leeuwen is straks te gast in het Marathoninterview. Live vanuit haar woonkamer in Antwerpen spreekt ze drie uur lang met programmamaker en presentator Djoeke Veeninga. 

Het Marathoninterview met Joke van Leeuwen, tweede uur

donderdag 26 december 2013, 19:00 uur

Bejubeld kinderboekenschrijfster van klassiekers als IEP!, dichteres voor jong en oud, romanschrijfster die de AKO literatuurprijs dit jaar verrassend won met Het feest van het begin - schrijfster Joke van Leeuwen is straks te gast in het Marathoninterview. Live vanuit haar woonkamer in Antwerpen spreekt ze drie uur lang met programmamaker en presentator Djoeke Veeninga. 

Het Marathoninterview met Joke van Leeuwen, eerste uur

donderdag 26 december 2013, 19:00 uur

Bejubeld kinderboekenschrijfster van klassiekers als IEP!, dichteres voor jong en oud, romanschrijfster die de AKO literatuurprijs dit jaar verrassend won met Het feest van het begin - schrijfster Joke van Leeuwen is straks te gast in het Marathoninterview. Live vanuit haar woonkamer in Antwerpen spreekt ze drie uur lang met programmamaker en presentator Djoeke Veeninga. 
 
 

Het Marathoninterview - Joke van Leeuwen

donderdag 26 december 2013, 19:00 uur

Joke van Leeuwen is schrijfster en illustrator. Eerst bekend als kinderboekenauteur, steeds bekender als all round auteur en dichter. Ze won dit jaar de AKO literatuurprijs voor Feest van het begin, een liefdesroman die ten tijde van de Franse revolutie speelt. Op de vraag wat ze met het prijzengeld ging doen, antwoordde ze droogjes: ‘Ik denk niet dat dat gevraagd wordt aan mensen die vijf keer de Balkenende-norm verdienen. Ik kan het geld goed gebruiken; ik ben zzp-er.’ Live vanuit haar huis in Antwerpen praat Djoeke Veeninga drie uur lang met Joke van Leeuwen over het altijd wisselend perspectief waarmee ze de wereld bekijkt, over taal, over kinderen, over het stadsdichterschap van Antwerpen, over haar optreden als cabaretière met een eigenzinnige vrouwenstem.

Het Marathoninterview - Tomas Ross

woensdag 25 december 2013, 19:00 uur

Vlak voor zijn 40e levensjaar begon Tomas Ross, in 1944 op een onderduikadres als Willem Hogendoorn geboren, in een explosief tempo misdaadromans en politieke thrillers te schrijven. Hij publiceerde in 30 jaar ruwweg 55 romans en 11 jeugdboeken, en ontwikkelde zich daarnaast tot een scenarioschrijver van films en televisieseries. Wat is er met Ross gebeurd? Welke bron voedt al die productiviteit? En hoe komt het dat dit oeuvre, dat hem meerdere prijzen heeft opgeleverd, sommige mensen zo tegen de haren instrijkt? Zijn het de samenzweringstheorieën die steeds weer in zijn werk terugkomen? Of is het zijn kritische houding tegen de Oranjes, die hem parten speelt? Het gesprek met Hogendoorn zal gaan over duistere zaken, over de verborgen wereld achter de realiteit van alledag, over zijn tumultueuze vriendschap met Theo van Gogh, over schrijven en misschien ook wel over de noodzakelijke relativering van een enigszins achterdochtig wereldbeeld.

Het Marathoninterview - Alexander Pechtold

dinsdag 24 december 2013, 19:00 uur

De schaduwpremier wordt hij in Den Haag genoemd: D66-leider Alexander Pechtold. Twee keer viste hij achter het net: in 2010 kwam er geen paarse coalitie maar een kabinet met gedoogsteun van Geert Wilders. Twee jaar later hadden VVD en PvdA hem niet nodig om aan een meerderheid te komen. Althans: in de Tweede Kamer. Aan de overkant van het Binnenhof lag het anders en dus moesten Rutte en Samsom dit najaar met hangende pootjes naar hem terug. Geniet Pechtold van die machtspositie? En hoe slaagde hij erin van het zieltogende D66 een partij te maken die nu op 23 zetels in de peiling van Maurice de Hond staat? Wie is de politicus die eerst veilingmeester, wethouder van Leiden, burgemeester van Wageningen en minister voor Bestuurlijke Vernieuwing was en in zijn vrije tijd naar de Zangeres zonder Naam luistert? Op de avond voor kerstmis een gesprek met een overtuigde vrijdenker. 

Marathoninterview Herzien - Ian Buruma

woensdag 14 augustus 2013, 22:00 uur

Op 16 juli 2004 sprak Djoeke Veeninga drie uur lang met de in New York woonachtige Buruma. Veel van zijn werk focust op de Aziatische cultuur, met name die van Japan in de 20e eeuw.

Na afloop van de herhaling van dit gesprek in 2009 spreekt Djoeke Veeninga opnieuw met Ian Buruma. Samen blikken zij terug op hun samenspraak uit 2004.

Marathoninterview Herzien - Maarten 't Hart

woensdag 7 augustus 2013, 22:00 uur

Op 2 januari 2007 sprak Aukje Holtrop drie uur lang met de schrijver van onder andere de romans 'Een vlucht regenwulpen', 'Het woeden der gehele wereld' en 'De droomkoningin'. Hij is bioloog, maar schrijft ook essays over de componisten als Mozart en Bach.

Na afloop van de herhaling van dit gesprek praat Aukje Holtrop opnieuw met Maarten 't Hart. Samen blikken zij terug op hun onderhoud in 2007.

timmerm3

zondag 30 december 2012, 19:00 uur

timmerm2

zondag 30 december 2012, 19:00 uur

timmerm1

zondag 30 december 2012, 19:00 uur

VPRO Marathoninterview - Frans Timmermans

zondag 30 december 2012, 19:00 uur

Frans Timmermans werd begin november 2012 minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet Rutte. Eerder was hij staatssecretaris van Europese Zaken onder Balkenende. Daarvoor was hij namens de PvdA lid van de Tweede Kamer. Ellen bespreekt met de bewindsman de toestand in de wereld.

Wat drijft Ellen van Dalen om de Man van Buitenlandse Zaken uit te nodigen?
Frans Timmermans is sinds twee maanden minister van Buitenlandse Zaken. Ik heb hem vooral leren kennen via facebook. Geen enkele politicus gaf ons zo nauwkeurig een inkijkje in de politieke arena als hij. Totdat hij enkele weken geleden zoveel boze berichten kreeg naar aanleiding van zijn uitingen over Gaza en Israel, dat ie zich gedwongen zag te stoppen.
De week voor de kerst begon hij weer: Ik kan geen vriend meer worden, wel fan. De berichten zijn wel weer vertrouwd open en roepen ook vragen op.
Timmermans is door zijn open houding naar de burger een heel andere minister van Buitenlandse Zaken dan zijn voorganger. Als eindredacteur van Bureau Buitenland heb ik bijvoorbeeld vele malen geprobeerd zijn voorganger Uri Rosenthal achter de microfoon te krijgen voor ons programma. Tevergeefs. Durfde hij niet? Was hij te onzeker over zijn dossierkennis?
Timmermans vaart dus een open koers, wordt nu al door zijn ambtenaren geroemd om zijn kundigheid. Op zich ook niet vreemd, hij is al jaren actief in de politiek, als Kamerlid en diplomaat. En dat maakt nieuwsgierig, ook naar de mens achter deze minister. Drie uur lang krijg ik de kans meer te weten te komen van deze man die nog de gelofte deed bij zijn aantreden. Waarom blijft hij een belijdend rooms-katholiek, terwijl hij zelf ook weinig positieve ervaringen heeft met deze kerkelijke stroming? Waarom gelooft hij ondanks de crisis nog steeds zo heilig in Europa? Op wat voor manier inspireerden zijn voorganger Max van der Stoel en zijn grootvader, een mijnwerker, hem? Ik beloof u: u gaat het allemaal horen.

Timmermans: de samenvattingen uur 1 en 2
Grote beslissingen in de politiek zijn emotioneel – niet rationeel; neem die gedachte mee van Frans Timmermans.
Samenvatting eerste uur

Het begon met het pessimisme van internationaal gezant Brahimi over het conflict in Syrie. Hij begrijpt het pessimisme, en toch zit er niks anders op dan te wachten op de oplossing die de coalitie zelf zal opbrengen. Assad verliest steeds meer terrein, al gaat dat langzaam, en al blokkeert Moskou de overgang naar ander regime nog. Maar van die langzame oplossing moet het komen, want militaire interventie zal alleen meer kwaad brengen. Wat we wel doen: patriots sturen, maar dat is solidariteit om de Turken in Adana te beschermen.

De nieuwe minister van Buitenlandse Zaken is sinds lang weer een sociaaldemocraat – en deze is dan ook gericht op Europa in plaats van vooral te kijken naar de band met Amerika zoals zijn voorgangers.
Nou, zegt hij, vooral is het zo dat Amerika helemaal geen aandacht meer voor Europa heeft. Dat is een logisch gevolg van de ontwikkelingen in de wereld. Tot aan val muur en jaren daarna moesten ze wel naar Europa kijken. Nu moet de aandacht naar het verre oosten. En is Europa op zichzelf aangewezen – een goede reden om serieus zelfstandig en sterk te worden.
Een sterk Europa en een sterk Noord Afrika – dat zijn de ambities voor Timmermans. Een sterk Noord Afrika waar de mensen kunnen blijven – in plaats van hier te komen. Maar u ging zelf toch ook op pad, weg uit Limburg na de mijnensluiting – jaja, dat was wel zo, maar het echte thuis, dat is het Limburg van zijn jeugd, van zijn opa, de mijnwerker, socialist die katholiek was geworden, nodig voor zijn huwelijk. Die jeugd bij de trotse arbeiders die het relatief goed hadden – dat is bepalend. Trots op zichzelf, angst voor de mijnen, levensgenieters van het mooie roomse leven, arbeiders die wilden dat de kinderen het beter zouden krijgen, studeren, boeken lezen. De vader van Frans is h’et voorbeeld van de sociale stijger; opgeleid bij de marechaussee, en toen als beveiliger bij het ministerie van Buitenlandse Zaken terecht gekomen, waar hij later boekhouder werd.
Eerst werd hij een soort nachtwaker bij de ambassade in Parijs, waar er een keiharde scheiding was tussen osm, de diplomaten en hun kinderen en de rest dsm. Ons soort mensen en dat soort mensen – opa kon trots zijn, want voor Frans was dat een reden er extra hard tegen aan te gaan. Dus nu staat hij aan het hoofd van dat apparaat waar dat standenverschil echt niet meer bestaat!

Dan gaat het over Frans de boekenliefhebber. Drie boeken per week leest hij als hij tijd heeft. Een van zijn grote literaire helden is Albert Camus – die eigenlijk zegt: Wees gewoon mens. Zoek de zin in jezelf en maak er het beste van. De derde weg - tussen de twee uitersten om danwel te vluchten in het geloof of in zelfmoord. Een mooie vorm van humanisme.
En dat zegt de man die nog steeds katholiek is en die als een van de twee nieuwe bewindslieden de gelofte deed – zo waarlijk helpe mij god almachtig! Strijdbaar zegt hij, maar het is mijn gemeenschap, en ik geef die kerk niet over aan die aartsconservatieven zoals de huidige paus. En dan, er is ook echt meer. Met schroom vertelt hij hoe zijn vrouw bij de geboorte van hun jongste kind zeseneenhalf jaar geleden een hersenbloeding kreeg, het zag er heel slecht uit, en toen heeft hij gevraagd om genade en steun en toen heeft hij een wonderlijke warmte gevoeld, een hand in zijn rug. En zijn vrouw herstelde wonderbaarlijk.
Ook het feit dat Timmerman op zijn 13-de eenmalig misbruikt is in Rome door een Amerikaanse priester. Het is een pijn die je leven lang mee draagt, maar die hij pas besefte toen Joep Dohmen met het grote misbruikverhaal in de katholieke kerk naar buiten kwam. Het verhaal in de openbaarheid te vertellen heeft hem ontlast. Hij heeft vergeven!

Samenvatting tweede uur.

Het begon over zijn keuze voor de sociaaldemocratie – wat zocht de katholiek in de PvdA? Hij zocht en vond de emancipatiegedachte. De sociaaldemocratische volkspartij dat is zijn gemeenschap – hij heeft er een paar, zo hoorde we het uur hiervoor ook al over zijn Limburgse thuis dat er ook nog een is - maar goed, dit ook, en dat komt omdat hij overtuigd is van de noodzaak van zelfverheffing. Mensen in een positie brengen dat ze meer van hun eigen leven kunnen maken, het beste uit zichzelf halen. Daarbij voelt hij zich thuis.
En dat is iets wat hij nergens anders vindt – niet bij de SP, zoals we van hem weten.
En zo kwamen we op 16 februari – het scheidingsmoment. Toen Timmermans een mail stuurde waarin hij zijn zorg uitte dat de PvdA zijn koers kwijtwas en teveel naar de SP opschoof. Een reactie op een interview met Spekman en Cohen. De mail lekte uit, Cohen stapte 4 dagen later op. Vroeg of laat zal uitkomen wie de mail lekte, zegt hij er nu over, en bovendien: het Mailtje heeft Cohen niet beschadigt, het was het laatste zetje. Het pakte goed uit, suggereert de interviewer, Timmermans en Ploumen die de twijfel over Cohen aan zwengelden en nu allebei een goede positie hebben? Nee, nee, hij heeft niks aangezwengeld – en dat is het laatste dat we er over horen.

Dan ging het over zijn grote leermeesters en vrienden in de Partij, allebei overleden – Max vd Stoel en Maarten van Traa – de man die zowel woede als ironie binnen de politiek bracht.
Allebei autonome krachten in de partij, met gedrevenheid voor de internationale zaak, die kunnen zelfrelativeren, en die allebei, en nu hoorden we voor het eerst een lachje, een afkeer van gezag hadden. Allemaal zaken waar hij zichzelf ook in vinden kan.

Waar hij zich helemaal niet in kan vinden is de opmerking die partijgenoten en parlementaire journalisten over hem wel maken, dat Timmermans over lijken kan gaan om te bereiken wat hij wil.
Ik ben direct, on-Limburgs, zegt hij, en er zit wel de plicht tot zelfverheffing in – woekeren met je talenten. Dat wordt als grenzeloos ambitieus gezien – soit! En die onwerkbare relatie met Bert Koenders in een ver verleden, dat was gewoon een totale clash van karakters en ze waren zo stom om anderen daarvan te laten genieten voordat ze dat inzagen en het oplosten.

Dan heeft hij nog een advies aan Nederland als het gaat om ons en Europa: die houding van Nederland, met de vuist op tafel slaan, en dat we pikken het niet meer! Die houding moeten we weer afleren – je moet weten wanneer wel en niet die vuist te gebruiken en die rol speelt hij wel in gesprekken met emotio.

Uiteindelijk kwamen we nog op de hoeveelheid en de rol van de ambassades. Waarom maken we er niet allemaal Europese vertegenwoordigers van? Dat zou niet goed zijn voor de Handelsbevordering – dat gaan Duitsers of Europeanen echt niet voor ons doen. Een interessante gedachte voor de grote Europeaan.

VPRO Marathoninterview - Frans Timmermans: uur 3

zaterdag 29 december 2012, 23:00 uur

Frans Timmermans werd begin november 2012 minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet Rutte. Eerder was hij staatssecretaris van Europese Zaken onder Balkenende. Daarvoor was hij namens de PvdA lid van de Tweede Kamer. Ellen bespreekt met de bewindsman de toestand in de wereld.

Wat drijft Ellen om de Man van Buitenlandse Zaken uit te nodigen?
Frans Timmermans is sinds twee maanden minister van Buitenlandse Zaken. Ik heb hem vooral leren kennen via facebook. Geen enkele politicus gaf ons zo nauwkeurig een inkijkje in de politieke arena als hij. Totdat hij enkele weken geleden zoveel boze berichten kreeg naar aanleiding van zijn uitingen over Gaza en Israel, dat ie zich gedwongen zag te stoppen.
De week voor de kerst begon hij weer: Ik kan geen vriend meer worden, wel fan. De berichten zijn wel weer vertrouwd open en roepen ook vragen op.
Timmermans is door zijn open houding naar de burger een heel andere minister van Buitenlandse Zaken dan zijn voorganger. Als eindredacteur van Bureau Buitenland heb ik bijvoorbeeld vele malen geprobeerd zijn voorganger Uri Rosenthal achter de microfoon te krijgen voor ons programma. Tevergeefs. Durfde hij niet? Was hij te onzeker over zijn dossierkennis?
Timmermans vaart dus een open koers, wordt nu al door zijn ambtenaren geroemd om zijn kundigheid. Op zich ook niet vreemd, hij is al jaren actief in de politiek, als Kamerlid en diplomaat. En dat maakt nieuwsgierig, ook naar de mens achter deze minister. Drie uur lang krijg ik de kans meer te weten te komen van deze man die nog de gelofte deed bij zijn aantreden. Waarom blijft hij een belijdend rooms-katholiek, terwijl hij zelf ook weinig positieve ervaringen heeft met deze kerkelijke stroming? Waarom gelooft hij ondanks de crisis nog steeds zo heilig in Europa? Op wat voor manier inspireerden zijn voorganger Max van der Stoel en zijn grootvader, een mijnwerker, hem? Ik beloof u: u gaat het allemaal horen.

Timmermans: de samenvattingen uur 1 en 2
Grote beslissingen in de politiek zijn emotioneel – niet rationeel; neem die gedachte mee van Frans Timmermans.
Samenvatting eerste uur

Het begon met het pessimisme van internationaal gezant Brahimi over het conflict in Syrie. Hij begrijpt het pessimisme, en toch zit er niks anders op dan te wachten op de oplossing die de coalitie zelf zal opbrengen. Assad verliest steeds meer terrein, al gaat dat langzaam, en al blokkeert Moskou de overgang naar ander regime nog. Maar van die langzame oplossing moet het komen, want militaire interventie zal alleen meer kwaad brengen. Wat we wel doen: patriots sturen, maar dat is solidariteit om de Turken in Adana te beschermen.

De nieuwe minister van Buitenlandse Zaken is sinds lang weer een sociaaldemocraat – en deze is dan ook gericht op Europa in plaats van vooral te kijken naar de band met Amerika zoals zijn voorgangers.
Nou, zegt hij, vooral is het zo dat Amerika helemaal geen aandacht meer voor Europa heeft. Dat is een logisch gevolg van de ontwikkelingen in de wereld. Tot aan val muur en jaren daarna moesten ze wel naar Europa kijken. Nu moet de aandacht naar het verre oosten. En is Europa op zichzelf aangewezen – een goede reden om serieus zelfstandig en sterk te worden.
Een sterk Europa en een sterk Noord Afrika – dat zijn de ambities voor Timmermans. Een sterk Noord Afrika waar de mensen kunnen blijven – in plaats van hier te komen. Maar u ging zelf toch ook op pad, weg uit Limburg na de mijnensluiting – jaja, dat was wel zo, maar het echte thuis, dat is het Limburg van zijn jeugd, van zijn opa, de mijnwerker, socialist die katholiek was geworden, nodig voor zijn huwelijk. Die jeugd bij de trotse arbeiders die het relatief goed hadden – dat is bepalend. Trots op zichzelf, angst voor de mijnen, levensgenieters van het mooie roomse leven, arbeiders die wilden dat de kinderen het beter zouden krijgen, studeren, boeken lezen. De vader van Frans is h’et voorbeeld van de sociale stijger; opgeleid bij de marechaussee, en toen als beveiliger bij het ministerie van Buitenlandse Zaken terecht gekomen, waar hij later boekhouder werd.
Eerst werd hij een soort nachtwaker bij de ambassade in Parijs, waar er een keiharde scheiding was tussen osm, de diplomaten en hun kinderen en de rest dsm. Ons soort mensen en dat soort mensen – opa kon trots zijn, want voor Frans was dat een reden er extra hard tegen aan te gaan. Dus nu staat hij aan het hoofd van dat apparaat waar dat standenverschil echt niet meer bestaat!

Dan gaat het over Frans de boekenliefhebber. Drie boeken per week leest hij als hij tijd heeft. Een van zijn grote literaire helden is Albert Camus – die eigenlijk zegt: Wees gewoon mens. Zoek de zin in jezelf en maak er het beste van. De derde weg - tussen de twee uitersten om danwel te vluchten in het geloof of in zelfmoord. Een mooie vorm van humanisme.
En dat zegt de man die nog steeds katholiek is en die als een van de twee nieuwe bewindslieden de gelofte deed – zo waarlijk helpe mij god almachtig! Strijdbaar zegt hij, maar het is mijn gemeenschap, en ik geef die kerk niet over aan die aartsconservatieven zoals de huidige paus. En dan, er is ook echt meer. Met schroom vertelt hij hoe zijn vrouw bij de geboorte van hun jongste kind zeseneenhalf jaar geleden een hersenbloeding kreeg, het zag er heel slecht uit, en toen heeft hij gevraagd om genade en steun en toen heeft hij een wonderlijke warmte gevoeld, een hand in zijn rug. En zijn vrouw herstelde wonderbaarlijk.
Ook het feit dat Timmerman op zijn 13-de eenmalig misbruikt is in Rome door een Amerikaanse priester. Het is een pijn die je leven lang mee draagt, maar die hij pas besefte toen Joep Dohmen met het grote misbruikverhaal in de katholieke kerk naar buiten kwam. Het verhaal in de openbaarheid te vertellen heeft hem ontlast. Hij heeft vergeven!

Samenvatting tweede uur.

Het begon over zijn keuze voor de sociaaldemocratie – wat zocht de katholiek in de PvdA? Hij zocht en vond de emancipatiegedachte. De sociaaldemocratische volkspartij dat is zijn gemeenschap – hij heeft er een paar, zo hoorde we het uur hiervoor ook al over zijn Limburgse thuis dat er ook nog een is - maar goed, dit ook, en dat komt omdat hij overtuigd is van de noodzaak van zelfverheffing. Mensen in een positie brengen dat ze meer van hun eigen leven kunnen maken, het beste uit zichzelf halen. Daarbij voelt hij zich thuis.
En dat is iets wat hij nergens anders vindt – niet bij de SP, zoals we van hem weten.
En zo kwamen we op 16 februari – het scheidingsmoment. Toen Timmermans een mail stuurde waarin hij zijn zorg uitte dat de PvdA zijn koers kwijtwas en teveel naar de SP opschoof. Een reactie op een interview met Spekman en Cohen. De mail lekte uit, Cohen stapte 4 dagen later op. Vroeg of laat zal uitkomen wie de mail lekte, zegt hij er nu over, en bovendien: het Mailtje heeft Cohen niet beschadigt, het was het laatste zetje. Het pakte goed uit, suggereert de interviewer, Timmermans en Ploumen die de twijfel over Cohen aan zwengelden en nu allebei een goede positie hebben? Nee, nee, hij heeft niks aangezwengeld – en dat is het laatste dat we er over horen.

Dan ging het over zijn grote leermeesters en vrienden in de Partij, allebei overleden – Max vd Stoel en Maarten van Traa – de man die zowel woede als ironie binnen de politiek bracht.
Allebei autonome krachten in de partij, met gedrevenheid voor de internationale zaak, die kunnen zelfrelativeren, en die allebei, en nu hoorden we voor het eerst een lachje, een afkeer van gezag hadden. Allemaal zaken waar hij zichzelf ook in vinden kan.

Waar hij zich helemaal niet in kan vinden is de opmerking die partijgenoten en parlementaire journalisten over hem wel maken, dat Timmermans over lijken kan gaan om te bereiken wat hij wil.
Ik ben direct, on-Limburgs, zegt hij, en er zit wel de plicht tot zelfverheffing in – woekeren met je talenten. Dat wordt als grenzeloos ambitieus gezien – soit! En die onwerkbare relatie met Bert Koenders in een ver verleden, dat was gewoon een totale clash van karakters en ze waren zo stom om anderen daarvan te laten genieten voordat ze dat inzagen en het oplosten.

Dan heeft hij nog een advies aan Nederland als het gaat om ons en Europa: die houding van Nederland, met de vuist op tafel slaan, en dat we pikken het niet meer! Die houding moeten we weer afleren – je moet weten wanneer wel en niet die vuist te gebruiken en die rol speelt hij wel in gesprekken met emotio.

Uiteindelijk kwamen we nog op de hoeveelheid en de rol van de ambassades. Waarom maken we er niet allemaal Europese vertegenwoordigers van? Dat zou niet goed zijn voor de Handelsbevordering – dat gaan Duitsers of Europeanen echt niet voor ons doen. Een interessante gedachte voor de grote Europeaan.

VPRO Marathoninterview - Frans Timmermans: uur 2

zaterdag 29 december 2012, 23:00 uur

Frans Timmermans werd begin november 2012 minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet Rutte. Eerder was hij staatssecretaris van Europese Zaken onder Balkenende. Daarvoor was hij namens de PvdA lid van de Tweede Kamer. Ellen bespreekt met de bewindsman de toestand in de wereld.

Wat drijft Ellen om de Man van Buitenlandse Zaken uit te nodigen?
Frans Timmermans is sinds twee maanden minister van Buitenlandse Zaken. Ik heb hem vooral leren kennen via facebook. Geen enkele politicus gaf ons zo nauwkeurig een inkijkje in de politieke arena als hij. Totdat hij enkele weken geleden zoveel boze berichten kreeg naar aanleiding van zijn uitingen over Gaza en Israel, dat ie zich gedwongen zag te stoppen.
De week voor de kerst begon hij weer: Ik kan geen vriend meer worden, wel fan. De berichten zijn wel weer vertrouwd open en roepen ook vragen op.
Timmermans is door zijn open houding naar de burger een heel andere minister van Buitenlandse Zaken dan zijn voorganger. Als eindredacteur van Bureau Buitenland heb ik bijvoorbeeld vele malen geprobeerd zijn voorganger Uri Rosenthal achter de microfoon te krijgen voor ons programma. Tevergeefs. Durfde hij niet? Was hij te onzeker over zijn dossierkennis?
Timmermans vaart dus een open koers, wordt nu al door zijn ambtenaren geroemd om zijn kundigheid. Op zich ook niet vreemd, hij is al jaren actief in de politiek, als Kamerlid en diplomaat. En dat maakt nieuwsgierig, ook naar de mens achter deze minister. Drie uur lang krijg ik de kans meer te weten te komen van deze man die nog de gelofte deed bij zijn aantreden. Waarom blijft hij een belijdend rooms-katholiek, terwijl hij zelf ook weinig positieve ervaringen heeft met deze kerkelijke stroming? Waarom gelooft hij ondanks de crisis nog steeds zo heilig in Europa? Op wat voor manier inspireerden zijn voorganger Max van der Stoel en zijn grootvader, een mijnwerker, hem? Ik beloof u: u gaat het allemaal horen.

Timmermans: de samenvattingen uur 1 en 2
Grote beslissingen in de politiek zijn emotioneel – niet rationeel; neem die gedachte mee van Frans Timmermans.
Samenvatting eerste uur

Het begon met het pessimisme van internationaal gezant Brahimi over het conflict in Syrie. Hij begrijpt het pessimisme, en toch zit er niks anders op dan te wachten op de oplossing die de coalitie zelf zal opbrengen. Assad verliest steeds meer terrein, al gaat dat langzaam, en al blokkeert Moskou de overgang naar ander regime nog. Maar van die langzame oplossing moet het komen, want militaire interventie zal alleen meer kwaad brengen. Wat we wel doen: patriots sturen, maar dat is solidariteit om de Turken in Adana te beschermen.

De nieuwe minister van Buitenlandse Zaken is sinds lang weer een sociaaldemocraat – en deze is dan ook gericht op Europa in plaats van vooral te kijken naar de band met Amerika zoals zijn voorgangers.
Nou, zegt hij, vooral is het zo dat Amerika helemaal geen aandacht meer voor Europa heeft. Dat is een logisch gevolg van de ontwikkelingen in de wereld. Tot aan val muur en jaren daarna moesten ze wel naar Europa kijken. Nu moet de aandacht naar het verre oosten. En is Europa op zichzelf aangewezen – een goede reden om serieus zelfstandig en sterk te worden.
Een sterk Europa en een sterk Noord Afrika – dat zijn de ambities voor Timmermans. Een sterk Noord Afrika waar de mensen kunnen blijven – in plaats van hier te komen. Maar u ging zelf toch ook op pad, weg uit Limburg na de mijnensluiting – jaja, dat was wel zo, maar het echte thuis, dat is het Limburg van zijn jeugd, van zijn opa, de mijnwerker, socialist die katholiek was geworden, nodig voor zijn huwelijk. Die jeugd bij de trotse arbeiders die het relatief goed hadden – dat is bepalend. Trots op zichzelf, angst voor de mijnen, levensgenieters van het mooie roomse leven, arbeiders die wilden dat de kinderen het beter zouden krijgen, studeren, boeken lezen. De vader van Frans is h’et voorbeeld van de sociale stijger; opgeleid bij de marechaussee, en toen als beveiliger bij het ministerie van Buitenlandse Zaken terecht gekomen, waar hij later boekhouder werd.
Eerst werd hij een soort nachtwaker bij de ambassade in Parijs, waar er een keiharde scheiding was tussen osm, de diplomaten en hun kinderen en de rest dsm. Ons soort mensen en dat soort mensen – opa kon trots zijn, want voor Frans was dat een reden er extra hard tegen aan te gaan. Dus nu staat hij aan het hoofd van dat apparaat waar dat standenverschil echt niet meer bestaat!

Dan gaat het over Frans de boekenliefhebber. Drie boeken per week leest hij als hij tijd heeft. Een van zijn grote literaire helden is Albert Camus – die eigenlijk zegt: Wees gewoon mens. Zoek de zin in jezelf en maak er het beste van. De derde weg - tussen de twee uitersten om danwel te vluchten in het geloof of in zelfmoord. Een mooie vorm van humanisme.
En dat zegt de man die nog steeds katholiek is en die als een van de twee nieuwe bewindslieden de gelofte deed – zo waarlijk helpe mij god almachtig! Strijdbaar zegt hij, maar het is mijn gemeenschap, en ik geef die kerk niet over aan die aartsconservatieven zoals de huidige paus. En dan, er is ook echt meer. Met schroom vertelt hij hoe zijn vrouw bij de geboorte van hun jongste kind zeseneenhalf jaar geleden een hersenbloeding kreeg, het zag er heel slecht uit, en toen heeft hij gevraagd om genade en steun en toen heeft hij een wonderlijke warmte gevoeld, een hand in zijn rug. En zijn vrouw herstelde wonderbaarlijk.
Ook het feit dat Timmerman op zijn 13-de eenmalig misbruikt is in Rome door een Amerikaanse priester. Het is een pijn die je leven lang mee draagt, maar die hij pas besefte toen Joep Dohmen met het grote misbruikverhaal in de katholieke kerk naar buiten kwam. Het verhaal in de openbaarheid te vertellen heeft hem ontlast. Hij heeft vergeven!

Samenvatting tweede uur.

Het begon over zijn keuze voor de sociaaldemocratie – wat zocht de katholiek in de PvdA? Hij zocht en vond de emancipatiegedachte. De sociaaldemocratische volkspartij dat is zijn gemeenschap – hij heeft er een paar, zo hoorde we het uur hiervoor ook al over zijn Limburgse thuis dat er ook nog een is - maar goed, dit ook, en dat komt omdat hij overtuigd is van de noodzaak van zelfverheffing. Mensen in een positie brengen dat ze meer van hun eigen leven kunnen maken, het beste uit zichzelf halen. Daarbij voelt hij zich thuis.
En dat is iets wat hij nergens anders vindt – niet bij de SP, zoals we van hem weten.
En zo kwamen we op 16 februari – het scheidingsmoment. Toen Timmermans een mail stuurde waarin hij zijn zorg uitte dat de PvdA zijn koers kwijtwas en teveel naar de SP opschoof. Een reactie op een interview met Spekman en Cohen. De mail lekte uit, Cohen stapte 4 dagen later op. Vroeg of laat zal uitkomen wie de mail lekte, zegt hij er nu over, en bovendien: het Mailtje heeft Cohen niet beschadigt, het was het laatste zetje. Het pakte goed uit, suggereert de interviewer, Timmermans en Ploumen die de twijfel over Cohen aan zwengelden en nu allebei een goede positie hebben? Nee, nee, hij heeft niks aangezwengeld – en dat is het laatste dat we er over horen.

Dan ging het over zijn grote leermeesters en vrienden in de Partij, allebei overleden – Max vd Stoel en Maarten van Traa – de man die zowel woede als ironie binnen de politiek bracht.
Allebei autonome krachten in de partij, met gedrevenheid voor de internationale zaak, die kunnen zelfrelativeren, en die allebei, en nu hoorden we voor het eerst een lachje, een afkeer van gezag hadden. Allemaal zaken waar hij zichzelf ook in vinden kan.

Waar hij zich helemaal niet in kan vinden is de opmerking die partijgenoten en parlementaire journalisten over hem wel maken, dat Timmermans over lijken kan gaan om te bereiken wat hij wil.
Ik ben direct, on-Limburgs, zegt hij, en er zit wel de plicht tot zelfverheffing in – woekeren met je talenten. Dat wordt als grenzeloos ambitieus gezien – soit! En die onwerkbare relatie met Bert Koenders in een ver verleden, dat was gewoon een totale clash van karakters en ze waren zo stom om anderen daarvan te laten genieten voordat ze dat inzagen en het oplosten.

Dan heeft hij nog een advies aan Nederland als het gaat om ons en Europa: die houding van Nederland, met de vuist op tafel slaan, en dat we pikken het niet meer! Die houding moeten we weer afleren – je moet weten wanneer wel en niet die vuist te gebruiken en die rol speelt hij wel in gesprekken met emotio.

Uiteindelijk kwamen we nog op de hoeveelheid en de rol van de ambassades. Waarom maken we er niet allemaal Europese vertegenwoordigers van? Dat zou niet goed zijn voor de Handelsbevordering – dat gaan Duitsers of Europeanen echt niet voor ons doen. Een interessante gedachte voor de grote Europeaan.

VPRO Marathoninterview - Frans Timmermans: uur 1

zaterdag 29 december 2012, 23:00 uur

Frans Timmermans werd begin november 2012 minister van Buitenlandse Zaken in het tweede kabinet Rutte. Eerder was hij staatssecretaris van Europese Zaken onder Balkenende. Daarvoor was hij namens de PvdA lid van de Tweede Kamer. Ellen bespreekt met de bewindsman de toestand in de wereld.

Wat drijft Ellen van Dalen om de Man van Buitenlandse Zaken uit te nodigen?
Frans Timmermans is sinds twee maanden minister van Buitenlandse Zaken. Ik heb hem vooral leren kennen via facebook. Geen enkele politicus gaf ons zo nauwkeurig een inkijkje in de politieke arena als hij. Totdat hij enkele weken geleden zoveel boze berichten kreeg naar aanleiding van zijn uitingen over Gaza en Israel, dat ie zich gedwongen zag te stoppen.
De week voor de kerst begon hij weer: Ik kan geen vriend meer worden, wel fan. De berichten zijn wel weer vertrouwd open en roepen ook vragen op.
Timmermans is door zijn open houding naar de burger een heel andere minister van Buitenlandse Zaken dan zijn voorganger. Als eindredacteur van Bureau Buitenland heb ik bijvoorbeeld vele malen geprobeerd zijn voorganger Uri Rosenthal achter de microfoon te krijgen voor ons programma. Tevergeefs. Durfde hij niet? Was hij te onzeker over zijn dossierkennis?
Timmermans vaart dus een open koers, wordt nu al door zijn ambtenaren geroemd om zijn kundigheid. Op zich ook niet vreemd, hij is al jaren actief in de politiek, als Kamerlid en diplomaat. En dat maakt nieuwsgierig, ook naar de mens achter deze minister. Drie uur lang krijg ik de kans meer te weten te komen van deze man die nog de gelofte deed bij zijn aantreden. Waarom blijft hij een belijdend rooms-katholiek, terwijl hij zelf ook weinig positieve ervaringen heeft met deze kerkelijke stroming? Waarom gelooft hij ondanks de crisis nog steeds zo heilig in Europa? Op wat voor manier inspireerden zijn voorganger Max van der Stoel en zijn grootvader, een mijnwerker, hem? Ik beloof u: u gaat het allemaal horen.

Timmermans: de samenvattingen uur 1 en 2
Grote beslissingen in de politiek zijn emotioneel – niet rationeel; neem die gedachte mee van Frans Timmermans.
Samenvatting eerste uur

Het begon met het pessimisme van internationaal gezant Brahimi over het conflict in Syrie. Hij begrijpt het pessimisme, en toch zit er niks anders op dan te wachten op de oplossing die de coalitie zelf zal opbrengen. Assad verliest steeds meer terrein, al gaat dat langzaam, en al blokkeert Moskou de overgang naar ander regime nog. Maar van die langzame oplossing moet het komen, want militaire interventie zal alleen meer kwaad brengen. Wat we wel doen: patriots sturen, maar dat is solidariteit om de Turken in Adana te beschermen.

De nieuwe minister van Buitenlandse Zaken is sinds lang weer een sociaaldemocraat – en deze is dan ook gericht op Europa in plaats van vooral te kijken naar de band met Amerika zoals zijn voorgangers.
Nou, zegt hij, vooral is het zo dat Amerika helemaal geen aandacht meer voor Europa heeft. Dat is een logisch gevolg van de ontwikkelingen in de wereld. Tot aan val muur en jaren daarna moesten ze wel naar Europa kijken. Nu moet de aandacht naar het verre oosten. En is Europa op zichzelf aangewezen – een goede reden om serieus zelfstandig en sterk te worden.
Een sterk Europa en een sterk Noord Afrika – dat zijn de ambities voor Timmermans. Een sterk Noord Afrika waar de mensen kunnen blijven – in plaats van hier te komen. Maar u ging zelf toch ook op pad, weg uit Limburg na de mijnensluiting – jaja, dat was wel zo, maar het echte thuis, dat is het Limburg van zijn jeugd, van zijn opa, de mijnwerker, socialist die katholiek was geworden, nodig voor zijn huwelijk. Die jeugd bij de trotse arbeiders die het relatief goed hadden – dat is bepalend. Trots op zichzelf, angst voor de mijnen, levensgenieters van het mooie roomse leven, arbeiders die wilden dat de kinderen het beter zouden krijgen, studeren, boeken lezen. De vader van Frans is het voorbeeld van de sociale stijger; opgeleid bij de marechaussee, en toen als beveiliger bij het ministerie van Buitenlandse Zaken terecht gekomen, waar hij later boekhouder werd.
Eerst werd hij een soort nachtwaker bij de ambassade in Parijs, waar er een keiharde scheiding was tussen osm, de diplomaten en hun kinderen en de rest dsm. Ons soort mensen en dat soort mensen – opa kon trots zijn, want voor Frans was dat een reden er extra hard tegen aan te gaan. Dus nu staat hij aan het hoofd van dat apparaat waar dat standenverschil echt niet meer bestaat!

Dan gaat het over Frans de boekenliefhebber. Drie boeken per week leest hij als hij tijd heeft. Een van zijn grote literaire helden is Albert Camus – die eigenlijk zegt: Wees gewoon mens. Zoek de zin in jezelf en maak er het beste van. De derde weg - tussen de twee uitersten om danwel te vluchten in het geloof of in zelfmoord. Een mooie vorm van humanisme.
En dat zegt de man die nog steeds katholiek is en die als een van de twee nieuwe bewindslieden de gelofte deed – zo waarlijk helpe mij god almachtig! Strijdbaar zegt hij, maar het is mijn gemeenschap, en ik geef die kerk niet over aan die aartsconservatieven zoals de huidige paus. En dan, er is ook echt meer. Met schroom vertelt hij hoe zijn vrouw bij de geboorte van hun jongste kind zeseneenhalf jaar geleden een hersenbloeding kreeg, het zag er heel slecht uit, en toen heeft hij gevraagd om genade en steun en toen heeft hij een wonderlijke warmte gevoeld, een hand in zijn rug. En zijn vrouw herstelde wonderbaarlijk.
Ook het feit dat Timmerman op zijn 13-de eenmalig misbruikt is in Rome door een Amerikaanse priester. Het is een pijn die je leven lang mee draagt, maar die hij pas besefte toen Joep Dohmen met het grote misbruikverhaal in de katholieke kerk naar buiten kwam. Het verhaal in de openbaarheid te vertellen heeft hem ontlast. Hij heeft vergeven!

Samenvatting tweede uur.

Het begon over zijn keuze voor de sociaaldemocratie – wat zocht de katholiek in de PvdA? Hij zocht en vond de emancipatiegedachte. De sociaaldemocratische volkspartij dat is zijn gemeenschap – hij heeft er een paar, zo hoorde we het uur hiervoor ook al over zijn Limburgse thuis dat er ook nog een is - maar goed, dit ook, en dat komt omdat hij overtuigd is van de noodzaak van zelfverheffing. Mensen in een positie brengen dat ze meer van hun eigen leven kunnen maken, het beste uit zichzelf halen. Daarbij voelt hij zich thuis.
En dat is iets wat hij nergens anders vindt – niet bij de SP, zoals we van hem weten.
En zo kwamen we op 16 februari – het scheidingsmoment. Toen Timmermans een mail stuurde waarin hij zijn zorg uitte dat de PvdA zijn koers kwijtwas en teveel naar de SP opschoof. Een reactie op een interview met Spekman en Cohen. De mail lekte uit, Cohen stapte 4 dagen later op. Vroeg of laat zal uitkomen wie de mail lekte, zegt hij er nu over, en bovendien: het Mailtje heeft Cohen niet beschadigt, het was het laatste zetje. Het pakte goed uit, suggereert de interviewer, Timmermans en Ploumen die de twijfel over Cohen aan zwengelden en nu allebei een goede positie hebben? Nee, nee, hij heeft niks aangezwengeld – en dat is het laatste dat we er over horen.

Dan ging het over zijn grote leermeesters en vrienden in de Partij, allebei overleden – Max vd Stoel en Maarten van Traa – de man die zowel woede als ironie binnen de politiek bracht.
Allebei autonome krachten in de partij, met gedrevenheid voor de internationale zaak, die kunnen zelfrelativeren, en die allebei, en nu hoorden we voor het eerst een lachje, een afkeer van gezag hadden. Allemaal zaken waar hij zichzelf ook in vinden kan.

Waar hij zich helemaal niet in kan vinden is de opmerking die partijgenoten en parlementaire journalisten over hem wel maken, dat Timmermans over lijken kan gaan om te bereiken wat hij wil.
Ik ben direct, on-Limburgs, zegt hij, en er zit wel de plicht tot zelfverheffing in – woekeren met je talenten. Dat wordt als grenzeloos ambitieus gezien – soit! En die onwerkbare relatie met Bert Koenders in een ver verleden, dat was gewoon een totale clash van karakters en ze waren zo stom om anderen daarvan te laten genieten voordat ze dat inzagen en het oplosten.

Dan heeft hij nog een advies aan Nederland als het gaat om ons en Europa: die houding van Nederland, met de vuist op tafel slaan, en dat we pikken het niet meer! Die houding moeten we weer afleren – je moet weten wanneer wel en niet die vuist te gebruiken en die rol speelt hij wel in gesprekken met emotie.

Uiteindelijk kwamen we nog op de hoeveelheid en de rol van de ambassades. Waarom maken we er niet allemaal Europese vertegenwoordigers van? Dat zou niet goed zijn voor de Handelsbevordering – dat gaan Duitsers of Europeanen echt niet voor ons doen. Een interessante gedachte voor de grote Europeaan.

herzberg3

zaterdag 29 december 2012, 19:00 uur

herzberg2

zaterdag 29 december 2012, 19:00 uur

herzberg1

zaterdag 29 december 2012, 19:00 uur

VPRO Marathoninterview - Judith Herzberg

zaterdag 29 december 2012, 19:00 uur

Dichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg debuteerde in 1961 in Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste dichtbundel, Zeepost. Later volgden onder meer Beemdgras, Vliegen, Strijklicht, Botshol en Dagrest. Verder schreef ze de toneelstukken Leedvermaak en Rijgdraad, die beide werden verfilmd.

Chris Kijne wil Judith Herzberg spreken omdat hij...... soms schaterend, vaak ontroerd en veelal instemmend haar gedichten, toneelstukken en verblijfsverslagen uit Israel zit te lezen en te bekijken. En graag het hoofd en het leven waar die uit voortkomen wil leren kennen.

Judith Herzberg
aangekondigd en samengevat (uren 1 en 2)
We zijn vereerd en blij u te kunnen voorstellen aan een niet weg te denken stem in de Nederlandse literatuur – onze gast is Judith Herzberg.
Judith Herzberg is schijfster. Van inmiddels dertien poëziebundels, tientallen toneelteksten en film- of televisiescenario’s, vertalingen van toneelteksten en gedichten en twee bundels met verslagen vanuit haar tweede thuisland Israel.
Voor haar werk werd zij onder veel meer onderscheiden met de Jan Campertprijs, de Joost van de Vondelprijs, de Nederlands-Vlaamse toneelschrijfprijs, de Constantijn Huygensprijs, de VSB-poezieprijs en last but not least in 1997 de P.C. Hooftprijs.
Mevrouw Herzberg werd geboren in 1934 in Amsterdam, als dochter van schrijver-jurist Abel Herzberg en Thea Loeb.
De oorlog overleefde zij, evenals haar broer en zuster, op vele onderduikadressen, haar ouders overleefden het concentratiekamp Bergen- Belsen. In haar eigen woorden: ‘Zo werden we een herenigde familie die van geluk mocht spreken, maar dat deden we niet.’
Wat dat precies betekende daar zal het vast over gaan vanavond, al was het maar omdat dat thema, een thema dat zich het misschien het meest precies laat omschrijven als ‘Na de oorlog’, nadrukkelijk aanwezig is in een belangrijk onderdeel van haar toneelwerk; de trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’, stukken over een joodse familie op drie momenten in hun bestaan: begin jaren tachtig, begin jaren negentig, en begin deze eeuw. Verfilmd door Frans Weisz en vele malen opgevoerd, met name in Duitsland.
Maar het werk van Judith Herzberg gaat over alles. Er lijkt niets te zijn, van grote thema’s tot de kleinste dingen , dat haar niet kan inspireren tot tekst.
Hoe dat werkt , daar gaan we hopelijk veel over horen, vanavond. Een gedicht over een afwasmachine kan zomaar staan naast één over de Bezette Gebieden in Israel. Want dat land speelt, sinds haar zionistische opvoeding, de emigratie van haar broer en zuster eind jaren veertig, en haar eigen halve emigratie later, ook een grote rol in haar leven. En zij deed uitvoerig verslag van haar leven daar.

Samenvatting uur 1:

Waarom heeft zij, die niet houdt van interviews, ja gezegd? Omdat je in een gesprek van drie uur tenminste een zin kan afmaken. En verder dacht ze, je kan je niet altijd afsluiten, dus doe nou maar zoiets. En in de hoop dat een slimme interviewer iets eruit haalt dat ze vergeten was. Zoals ze zich onlangs opeens herinnerde dat ze ooit logeerde bij een tante, tante Frieda, die haar gewoon vergeten was een paar dagen, ziek in een bed op zolder. Zulke verhalen komen misschien wel. En voor deze drie uur hoeft ze ook geen eierwekker mee, zoals laatst bij een optreden op een poezie-podium waar ze vier minuten had.
Is poëzie het belangrijkste van haar werk? Belangrijk is een woord dat ze niet zelf zou gebruiken. Kon ik maar eens iets belangrijks doen, denkt ze wel eens, maar dat kan ik niet. Nauwkeurigheid, dat is wel belangrijk, dat de dingen worden uitgevoerd zoals ze ze bedacht heeft.
Een gedachte volgt: vanmorgen heeft ze gelezen over de radarverwarrende zilversliertjes in de nesten gevlochten, een beeld uit een gedicht = in werkelijkheid de duizenden zilverpapiertjes die naar beneden werden gegooid om de radar in de war te brengen, waardoor het bombardement op Hamburg mogelijk werd - 37.000 doden, terwijl zij de sliertjes beschreef vanuit het enigszins onschuldige kind dat ondergedoken zat op het Groningse land. Zo’n thema als het bombardement dat zou ze nooit kunnen nemen om over te schrijven – te groot. Het begint bij het kleine maar gaat toch wel over het grote.
Tegenwoordig komt ze vaak en graag in Berlijn en in Duitsland, het land dat zich meer bewust is van de geschiedenis dan wij. Het land waar men zich meer bewust is van wat het nazisme heeft aangericht dan in ons land.
Duitsland dat gelukkig niet meer alleen meer gebukt gaat onder schuldgevoel en dat zo verder verwijderd is van de oorlog dan wij inmiddels.
Hóe dicht zij eigenlijk? Dat is weer zo’n niet te beantwoorden vraag – het gaat vaak om klank. Dan komen er de woorden jammer –zwabber. Dan komen er associaties – het niet tegen het geluid van de stofzuiger kunnen en het beeld van de ouderwetse grijze zwabber – en dan is er een nieuw gedicht! Maar vaak komt er ook geen nieuw gedicht van, hoor, veel mislukt, zegt ze.
Soms wil ze iets dóen in deze tijd waarin veel haar dwars zit. En soms wil ze dan met taal daar op reageren, liever niet met poëzie. Zo schreef ze een open brief aan Henk en Ingrid - dat ze zich lieten belazeren, en of ze zich wilden weren. Wat er dwars zit in deze tijd is het afknijpen van waardevolle zaken – bezuinigingen in de cultuur waardoor wegen worden afgesloten die niet meer zo snel opengaan. Alsof iedere waarde alleen uitgedrukt kan worden in geld.
Interviewer Kijne vraagt haar een gedicht te lezen dat hij zelf had opgevat als een ultiem liefdesgedicht - hoe de natgeregende dichteres niet meer kon zeggen aan de geliefde hoe nat ze was. Dat gaat over Jac Heijer, een goede vriend die stierf aan aids. Maar echte rouw is natuurlijk ook echte liefde zegt ze. Trouwens - heel veel gedichten gaan over dooien, hoor, heel veel.

Samenvatting uur 2:

Het potje jam uit een gedicht, dat komt uit vroeger – het vroeger van voor de oorlog. Kinderherinneringen heeft ze aan die jaren dertig, de schillenboer waar konijnen waren– de mensen die de straat inkwamen, de orgeldraaier, de mensen die de echte mensen waren wat zij niet waren. Dat zij het echte leven leefden. Zo griezelig ook – de auto’s waarvan ze bang was dat ze achter haar aan de straat opkwamen. In de kamer van de ouders was het donker en niet zo gezellig. De moeder werkte in de Bijenkorf, die was er niet vaak, de vader was aan het werk, en er was een heel lief dienstmeisje - en in de keuken bij haar was het wel gezellig.
Toen werd het oorlog – kinderen waar ze mee speelde op straat waren weg, huizen stonden te koop aangeboden. En we plakten met raar plakband de ramen af. En we pakten, want mijn ouders wilden vluchten, en uiteindelijk wou mijn vader niet want hij durfde niet aan boord van een boot waar geen radarverbinding was – dat soort herinneringen komen.
Opeens realiseert ze zich dat haar paniekgevoelens nog altijd als ze moet pákken om op reis te gaan van die dagen komt.
Over wat er volgt praat ze niet graag: hoe de ouders verdwenen tot ná de oorlog, hoe de drie kinderen Herzberg met hulp van het dienstmeisje Jo wisten te ontkomen en in de onderduik kwamen. Het wonen in al die verschillende onderduikgezinnen heeft haar erg geholpen bij het toneelschrijven later – het was een waardevol inkijkje in die verschillende milieus, ze kon observeren hoe mensen met elkaar omgingen.



De hereniging na de oorlog, toen haar ouders terugkwamen uit Bergen Belsen en haar broer en zus van andere onderduikgezinnen – dat was wederzijds ondeelbaar . Geen gesprekken. Nooit meer een goede relatie met haar moeder gekregen.
Het dagboek dat haar vader schreef Tweestromenland, over BergenBelsen, heeft ze nooit uitgelezen. Dat is nog altijd onverdraaglijk. Te kwaad over hoe zij behandeld werden Terwijl haar vader Abel Herzberg juist een symbool werd van verdraagzaamheid. Maar daar had zij niks aan, want je kan niet namens iemand ander vergeven.
Ze schreef de theater trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’ over de enorme discrepantie die de overlevers overkwam na de oorlog: succesvol in werk maar een ramp in relationele zaken. En zo schreef ze het harde verhaal, hard in de vergroting waardoor het ook humoristisch was en ook bevrijdend, over de hoofdpersoon Lea die drie keer is getrouwd en alle familiebanden daaromheen. Het is toch een baanbrekend stuk voor de Joodse gemeenschap in Nederland, is de vraag – maar zoiets als de joodse gemeenschap daar heeft ze ik geen contact mee.
We waren gebleven bij het stuk Kras dat ze schreef – ook over een familie.

Daarover meer in uur 3.

VPRO Marathoninterview - Judith Herzberg: uur 3

vrijdag 28 december 2012, 23:00 uur

Dichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg debuteerde in 1961 in Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste dichtbundel, Zeepost. Later volgden onder meer Beemdgras, Vliegen, Strijklicht, Botshol en Dagrest. Verder schreef ze de toneelstukken Leedvermaak en Rijgdraad, die beide werden verfilmd.
---------------------------------

Chris Kijne wil Judith Herzberg spreken omdat hij soms schaterend, vaak ontroerd en veelal instemmend haar gedichten, toneelstukken en verblijfsverslagen uit Israel zit te lezen en te bekijken. En graag het hoofd en het leven waar die uit voortkomen wil leren kennen.
--------------------------------------------

Judith Herzberg

We zijn vereerd en blij u te kunnen voorstellen aan een niet weg te denken stem in de Nederlandse literatuur – onze gast is Judith Herzberg.
Judith Herzberg is schijfster. Van inmiddels dertien poëziebundels, tientallen toneelteksten en film- of televisiescenario’s, vertalingen van toneelteksten en gedichten en twee bundels met verslagen vanuit haar tweede thuisland Israel.
Voor haar werk werd zij onder veel meer onderscheiden met de Jan Campertprijs, de Joost van de Vondelprijs, de Nederlands-Vlaamse toneelschrijfprijs, de Constantijn Huygensprijs, de VSB-poezieprijs en last but not least in 1997 de P.C. Hooftprijs.
Mevrouw Herzberg werd geboren in 1934 in Amsterdam, als dochter van schrijver-jurist Abel Herzberg en Thea Loeb.
De oorlog overleefde zij, evenals haar broer en zuster, op vele onderduikadressen, haar ouders overleefden het concentratiekamp Bergen- Belsen. In haar eigen woorden: ‘Zo werden we een herenigde familie die van geluk mocht spreken, maar dat deden we niet.’
Wat dat precies betekende daar zal het vast over gaan vanavond, al was het maar omdat dat thema, een thema dat zich het misschien het meest precies laat omschrijven als ‘Na de oorlog’, nadrukkelijk aanwezig is in een belangrijk onderdeel van haar toneelwerk; de trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’, stukken over een joodse familie op drie momenten in hun bestaan: begin jaren tachtig, begin jaren negentig, en begin deze eeuw. Verfilmd door Frans Weisz en vele malen opgevoerd, met name in Duitsland.
Maar het werk van Judith Herzberg gaat over alles. Er lijkt niets te zijn, van grote thema’s tot de kleinste dingen , dat haar niet kan inspireren tot tekst.
Hoe dat werkt , daar gaan we hopelijk veel over horen, vanavond. Een gedicht over een afwasmachine kan zomaar staan naast één over de Bezette Gebieden in Israel. Want dat land speelt, sinds haar zionistische opvoeding, de emigratie van haar broer en zuster eind jaren veertig, en haar eigen halve emigratie later, ook een grote rol in haar leven. En zij deed uitvoerig verslag van haar leven daar.

Samenvatting uur 1:

Waarom heeft zij, die niet houdt van interviews, ja gezegd? Omdat je in een gesprek van drie uur tenminste een zin kan afmaken. En verder dacht ze, je kan je niet altijd afsluiten, dus doe nou maar zoiets. En in de hoop dat een slimme interviewer iets eruit haalt dat ze vergeten was. Zoals ze zich onlangs opeens herinnerde dat ze ooit logeerde bij een tante, tante Frieda, die haar gewoon vergeten was een paar dagen, ziek in een bed op zolder. Zulke verhalen komen misschien wel. En voor deze drie uur hoeft ze ook geen eierwekker mee, zoals laatst bij een optreden op een poezie-podium waar ze vier minuten had.
Is poëzie het belangrijkste van haar werk? Belangrijk is een woord dat ze niet zelf zou gebruiken. Kon ik maar eens iets belangrijks doen, denkt ze wel eens, maar dat kan ik niet. Nauwkeurigheid, dat is wel belangrijk, dat de dingen worden uitgevoerd zoals ze ze bedacht heeft.
Een gedachte volgt: vanmorgen heeft ze gelezen over de radarverwarrende zilversliertjes in de nesten gevlochten, een beeld uit een gedicht = in werkelijkheid de duizenden zilverpapiertjes die naar beneden werden gegooid om de radar in de war te brengen, waardoor het bombardement op Hamburg mogelijk werd - 37.000 doden, terwijl zij de sliertjes beschreef vanuit het enigszins onschuldige kind dat ondergedoken zat op het Groningse land. Zo’n thema als het bombardement dat zou ze nooit kunnen nemen om over te schrijven – te groot. Het begint bij het kleine maar gaat toch wel over het grote.
Tegenwoordig komt ze vaak en graag in Berlijn en in Duitsland, het land dat zich meer bewust is van de geschiedenis dan wij. Het land waar men zich meer bewust is van wat het nazisme heeft aangericht dan in ons land.
Duitsland dat gelukkig niet meer alleen meer gebukt gaat onder schuldgevoel en dat zo verder verwijderd is van de oorlog dan wij inmiddels.
Hóe dicht zij eigenlijk? Dat is weer zo’n niet te beantwoorden vraag – het gaat vaak om klank. Dan komen er de woorden jammer –zwabber. Dan komen er associaties – het niet tegen het geluid van de stofzuiger kunnen en het beeld van de ouderwetse grijze zwabber – en dan is er een nieuw gedicht! Maar vaak komt er ook geen nieuw gedicht van, hoor, veel mislukt, zegt ze.
Soms wil ze iets dóen in deze tijd waarin veel haar dwars zit. En soms wil ze dan met taal daar op reageren, liever niet met poëzie. Zo schreef ze een open brief aan Henk en Ingrid - dat ze zich lieten belazeren, en of ze zich wilden weren. Wat er dwars zit in deze tijd is het afknijpen van waardevolle zaken – bezuinigingen in de cultuur waardoor wegen worden afgesloten die niet meer zo snel opengaan. Alsof iedere waarde alleen uitgedrukt kan worden in geld.
Interviewer Kijne vraagt haar een gedicht te lezen dat hij zelf had opgevat als een ultiem liefdesgedicht - hoe de natgeregende dichteres niet meer kon zeggen aan de geliefde hoe nat ze was. Dat gaat over Jac Heijer, een goede vriend die stierf aan aids. Maar echte rouw is natuurlijk ook echte liefde zegt ze. Trouwens - heel veel gedichten gaan over dooien, hoor, heel veel.

Samenvatting uur 2:

Het potje jam uit een gedicht, dat komt uit vroeger – het vroeger van voor de oorlog. Kinderherinneringen heeft ze aan die jaren dertig, de schillenboer waar konijnen waren– de mensen die de straat inkwamen, de orgeldraaier, de mensen die de echte mensen waren wat zij niet waren. Dat zij het echte leven leefden. Zo griezelig ook – de auto’s waarvan ze bang was dat ze achter haar aan de straat opkwamen. In de kamer van de ouders was het donker en niet zo gezellig. De moeder werkte in de Bijenkorf, die was er niet vaak, de vader was aan het werk, en er was een heel lief dienstmeisje - en in de keuken bij haar was het wel gezellig.
Toen werd het oorlog – kinderen waar ze mee speelde op straat waren weg, huizen stonden te koop aangeboden. En we plakten met raar plakband de ramen af. En we pakten, want mijn ouders wilden vluchten, en uiteindelijk wou mijn vader niet want hij durfde niet aan boord van een boot waar geen radarverbinding was – dat soort herinneringen komen.
Opeens realiseert ze zich dat haar paniekgevoelens nog altijd als ze moet pákken om op reis te gaan van die dagen komt.
Over wat er volgt praat ze niet graag: hoe de ouders verdwenen tot ná de oorlog, hoe de drie kinderen Herzberg met hulp van het dienstmeisje Jo wisten te ontkomen en in de onderduik kwamen. Het wonen in al die verschillende onderduikgezinnen heeft haar erg geholpen bij het toneelschrijven later – het was een waardevol inkijkje in die verschillende milieus, ze kon observeren hoe mensen met elkaar omgingen.



De hereniging na de oorlog, toen haar ouders terugkwamen uit Bergen Belsen en haar broer en zus van andere onderduikgezinnen – dat was wederzijds ondeelbaar . Geen gesprekken. Nooit meer een goede relatie met haar moeder gekregen.
Het dagboek dat haar vader schreef Tweestromenland, over BergenBelsen, heeft ze nooit uitgelezen. Dat is nog altijd onverdraaglijk. Te kwaad over hoe zij behandeld werden Terwijl haar vader Abel Herzberg juist een symbool werd van verdraagzaamheid. Maar daar had zij niks aan, want je kan niet namens iemand ander vergeven.
Ze schreef de theater trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’ over de enorme discrepantie die de overlevers overkwam na de oorlog: succesvol in werk maar een ramp in relationele zaken. En zo schreef ze het harde verhaal, hard in de vergroting waardoor het ook humoristisch was en ook bevrijdend, over de hoofdpersoon Lea die drie keer is getrouwd en alle familiebanden daaromheen. Het is toch een baanbrekend stuk voor de Joodse gemeenschap in Nederland, is de vraag – maar zoiets als de joodse gemeenschap daar heeft ze ik geen contact mee.
We waren gebleven bij het stuk Kras dat ze schreef – ook over een familie.

VPRO Marathoninterview - Judith Herzberg: uur 2

vrijdag 28 december 2012, 23:00 uur

Dichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg debuteerde in 1961 in Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste dichtbundel, Zeepost. Later volgden onder meer Beemdgras, Vliegen, Strijklicht, Botshol en Dagrest. Verder schreef ze de toneelstukken Leedvermaak en Rijgdraad, die beide werden verfilmd.
---------------------------------

Chris Kijne wil Judith Herzberg spreken omdat hij soms schaterend, vaak ontroerd en veelal instemmend haar gedichten, toneelstukken en verblijfsverslagen uit Israel zit te lezen en te bekijken. En graag het hoofd en het leven waar die uit voortkomen wil leren kennen.
--------------------------------------------

Judith Herzberg

We zijn vereerd en blij u te kunnen voorstellen aan een niet weg te denken stem in de Nederlandse literatuur – onze gast is Judith Herzberg.
Judith Herzberg is schijfster. Van inmiddels dertien poëziebundels, tientallen toneelteksten en film- of televisiescenario’s, vertalingen van toneelteksten en gedichten en twee bundels met verslagen vanuit haar tweede thuisland Israel.
Voor haar werk werd zij onder veel meer onderscheiden met de Jan Campertprijs, de Joost van de Vondelprijs, de Nederlands-Vlaamse toneelschrijfprijs, de Constantijn Huygensprijs, de VSB-poezieprijs en last but not least in 1997 de P.C. Hooftprijs.
Mevrouw Herzberg werd geboren in 1934 in Amsterdam, als dochter van schrijver-jurist Abel Herzberg en Thea Loeb.
De oorlog overleefde zij, evenals haar broer en zuster, op vele onderduikadressen, haar ouders overleefden het concentratiekamp Bergen- Belsen. In haar eigen woorden: ‘Zo werden we een herenigde familie die van geluk mocht spreken, maar dat deden we niet.’
Wat dat precies betekende daar zal het vast over gaan vanavond, al was het maar omdat dat thema, een thema dat zich het misschien het meest precies laat omschrijven als ‘Na de oorlog’, nadrukkelijk aanwezig is in een belangrijk onderdeel van haar toneelwerk; de trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’, stukken over een joodse familie op drie momenten in hun bestaan: begin jaren tachtig, begin jaren negentig, en begin deze eeuw. Verfilmd door Frans Weisz en vele malen opgevoerd, met name in Duitsland.
Maar het werk van Judith Herzberg gaat over alles. Er lijkt niets te zijn, van grote thema’s tot de kleinste dingen , dat haar niet kan inspireren tot tekst.
Hoe dat werkt , daar gaan we hopelijk veel over horen, vanavond. Een gedicht over een afwasmachine kan zomaar staan naast één over de Bezette Gebieden in Israel. Want dat land speelt, sinds haar zionistische opvoeding, de emigratie van haar broer en zuster eind jaren veertig, en haar eigen halve emigratie later, ook een grote rol in haar leven. En zij deed uitvoerig verslag van haar leven daar.

Samenvatting uur 1:

Waarom heeft zij, die niet houdt van interviews, ja gezegd? Omdat je in een gesprek van drie uur tenminste een zin kan afmaken. En verder dacht ze, je kan je niet altijd afsluiten, dus doe nou maar zoiets. En in de hoop dat een slimme interviewer iets eruit haalt dat ze vergeten was. Zoals ze zich onlangs opeens herinnerde dat ze ooit logeerde bij een tante, tante Frieda, die haar gewoon vergeten was een paar dagen, ziek in een bed op zolder. Zulke verhalen komen misschien wel. En voor deze drie uur hoeft ze ook geen eierwekker mee, zoals laatst bij een optreden op een poezie-podium waar ze vier minuten had.
Is poëzie het belangrijkste van haar werk? Belangrijk is een woord dat ze niet zelf zou gebruiken. Kon ik maar eens iets belangrijks doen, denkt ze wel eens, maar dat kan ik niet. Nauwkeurigheid, dat is wel belangrijk, dat de dingen worden uitgevoerd zoals ze ze bedacht heeft.
Een gedachte volgt: vanmorgen heeft ze gelezen over de radarverwarrende zilversliertjes in de nesten gevlochten, een beeld uit een gedicht = in werkelijkheid de duizenden zilverpapiertjes die naar beneden werden gegooid om de radar in de war te brengen, waardoor het bombardement op Hamburg mogelijk werd - 37.000 doden, terwijl zij de sliertjes beschreef vanuit het enigszins onschuldige kind dat ondergedoken zat op het Groningse land. Zo’n thema als het bombardement dat zou ze nooit kunnen nemen om over te schrijven – te groot. Het begint bij het kleine maar gaat toch wel over het grote.
Tegenwoordig komt ze vaak en graag in Berlijn en in Duitsland, het land dat zich meer bewust is van de geschiedenis dan wij. Het land waar men zich meer bewust is van wat het nazisme heeft aangericht dan in ons land.
Duitsland dat gelukkig niet meer alleen meer gebukt gaat onder schuldgevoel en dat zo verder verwijderd is van de oorlog dan wij inmiddels.
Hóe dicht zij eigenlijk? Dat is weer zo’n niet te beantwoorden vraag – het gaat vaak om klank. Dan komen er de woorden jammer –zwabber. Dan komen er associaties – het niet tegen het geluid van de stofzuiger kunnen en het beeld van de ouderwetse grijze zwabber – en dan is er een nieuw gedicht! Maar vaak komt er ook geen nieuw gedicht van, hoor, veel mislukt, zegt ze.
Soms wil ze iets dóen in deze tijd waarin veel haar dwars zit. En soms wil ze dan met taal daar op reageren, liever niet met poëzie. Zo schreef ze een open brief aan Henk en Ingrid - dat ze zich lieten belazeren, en of ze zich wilden weren. Wat er dwars zit in deze tijd is het afknijpen van waardevolle zaken – bezuinigingen in de cultuur waardoor wegen worden afgesloten die niet meer zo snel opengaan. Alsof iedere waarde alleen uitgedrukt kan worden in geld.
Interviewer Kijne vraagt haar een gedicht te lezen dat hij zelf had opgevat als een ultiem liefdesgedicht - hoe de natgeregende dichteres niet meer kon zeggen aan de geliefde hoe nat ze was. Dat gaat over Jac Heijer, een goede vriend die stierf aan aids. Maar echte rouw is natuurlijk ook echte liefde zegt ze. Trouwens - heel veel gedichten gaan over dooien, hoor, heel veel.

Samenvatting uur 2:

Het potje jam uit een gedicht, dat komt uit vroeger – het vroeger van voor de oorlog. Kinderherinneringen heeft ze aan die jaren dertig, de schillenboer waar konijnen waren– de mensen die de straat inkwamen, de orgeldraaier, de mensen die de echte mensen waren wat zij niet waren. Dat zij het echte leven leefden. Zo griezelig ook – de auto’s waarvan ze bang was dat ze achter haar aan de straat opkwamen. In de kamer van de ouders was het donker en niet zo gezellig. De moeder werkte in de Bijenkorf, die was er niet vaak, de vader was aan het werk, en er was een heel lief dienstmeisje - en in de keuken bij haar was het wel gezellig.
Toen werd het oorlog – kinderen waar ze mee speelde op straat waren weg, huizen stonden te koop aangeboden. En we plakten met raar plakband de ramen af. En we pakten, want mijn ouders wilden vluchten, en uiteindelijk wou mijn vader niet want hij durfde niet aan boord van een boot waar geen radarverbinding was – dat soort herinneringen komen.
Opeens realiseert ze zich dat haar paniekgevoelens nog altijd als ze moet pákken om op reis te gaan van die dagen komt.
Over wat er volgt praat ze niet graag: hoe de ouders verdwenen tot ná de oorlog, hoe de drie kinderen Herzberg met hulp van het dienstmeisje Jo wisten te ontkomen en in de onderduik kwamen. Het wonen in al die verschillende onderduikgezinnen heeft haar erg geholpen bij het toneelschrijven later – het was een waardevol inkijkje in die verschillende milieus, ze kon observeren hoe mensen met elkaar omgingen.



De hereniging na de oorlog, toen haar ouders terugkwamen uit Bergen Belsen en haar broer en zus van andere onderduikgezinnen – dat was wederzijds ondeelbaar . Geen gesprekken. Nooit meer een goede relatie met haar moeder gekregen.
Het dagboek dat haar vader schreef Tweestromenland, over BergenBelsen, heeft ze nooit uitgelezen. Dat is nog altijd onverdraaglijk. Te kwaad over hoe zij behandeld werden Terwijl haar vader Abel Herzberg juist een symbool werd van verdraagzaamheid. Maar daar had zij niks aan, want je kan niet namens iemand ander vergeven.
Ze schreef de theater trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’ over de enorme discrepantie die de overlevers overkwam na de oorlog: succesvol in werk maar een ramp in relationele zaken. En zo schreef ze het harde verhaal, hard in de vergroting waardoor het ook humoristisch was en ook bevrijdend, over de hoofdpersoon Lea die drie keer is getrouwd en alle familiebanden daaromheen. Het is toch een baanbrekend stuk voor de Joodse gemeenschap in Nederland, is de vraag – maar zoiets als de joodse gemeenschap daar heeft ze ik geen contact mee.
We waren gebleven bij het stuk Kras dat ze schreef – ook over een familie.

VPRO Marathoninterview - Judith Herzberg: uur 1

vrijdag 28 december 2012, 23:00 uur

Dichteres en toneelschrijfster Judith Herzberg debuteerde in 1961 in Vrij Nederland. In 1963 verscheen haar eerste dichtbundel, Zeepost. Later volgden onder meer Beemdgras, Vliegen, Strijklicht, Botshol en Dagrest. Verder schreef ze de toneelstukken Leedvermaak en Rijgdraad, die beide werden verfilmd.
---------------------------------

Chris Kijne wil Judith Herzberg spreken omdat hij soms schaterend, vaak ontroerd en veelal instemmend haar gedichten, toneelstukken en verblijfsverslagen uit Israel zit te lezen en te bekijken. En graag het hoofd en het leven waar die uit voortkomen wil leren kennen.
--------------------------------------------

Judith Herzberg

We zijn vereerd en blij u te kunnen voorstellen aan een niet weg te denken stem in de Nederlandse literatuur – onze gast is Judith Herzberg.
Judith Herzberg is schijfster. Van inmiddels dertien poëziebundels, tientallen toneelteksten en film- of televisiescenario’s, vertalingen van toneelteksten en gedichten en twee bundels met verslagen vanuit haar tweede thuisland Israel.
Voor haar werk werd zij onder veel meer onderscheiden met de Jan Campertprijs, de Joost van de Vondelprijs, de Nederlands-Vlaamse toneelschrijfprijs, de Constantijn Huygensprijs, de VSB-poezieprijs en last but not least in 1997 de P.C. Hooftprijs.
Mevrouw Herzberg werd geboren in 1934 in Amsterdam, als dochter van schrijver-jurist Abel Herzberg en Thea Loeb.
De oorlog overleefde zij, evenals haar broer en zuster, op vele onderduikadressen, haar ouders overleefden het concentratiekamp Bergen- Belsen. In haar eigen woorden: ‘Zo werden we een herenigde familie die van geluk mocht spreken, maar dat deden we niet.’
Wat dat precies betekende daar zal het vast over gaan vanavond, al was het maar omdat dat thema, een thema dat zich het misschien het meest precies laat omschrijven als ‘Na de oorlog’, nadrukkelijk aanwezig is in een belangrijk onderdeel van haar toneelwerk; de trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’, stukken over een joodse familie op drie momenten in hun bestaan: begin jaren tachtig, begin jaren negentig, en begin deze eeuw. Verfilmd door Frans Weisz en vele malen opgevoerd, met name in Duitsland.
Maar het werk van Judith Herzberg gaat over alles. Er lijkt niets te zijn, van grote thema’s tot de kleinste dingen , dat haar niet kan inspireren tot tekst.
Hoe dat werkt , daar gaan we hopelijk veel over horen, vanavond. Een gedicht over een afwasmachine kan zomaar staan naast één over de Bezette Gebieden in Israel. Want dat land speelt, sinds haar zionistische opvoeding, de emigratie van haar broer en zuster eind jaren veertig, en haar eigen halve emigratie later, ook een grote rol in haar leven. En zij deed uitvoerig verslag van haar leven daar.

Samenvatting uur 1:

Waarom heeft zij, die niet houdt van interviews, ja gezegd? Omdat je in een gesprek van drie uur tenminste een zin kan afmaken. En verder dacht ze, je kan je niet altijd afsluiten, dus doe nou maar zoiets. En in de hoop dat een slimme interviewer iets eruit haalt dat ze vergeten was. Zoals ze zich onlangs opeens herinnerde dat ze ooit logeerde bij een tante, tante Frieda, die haar gewoon vergeten was een paar dagen, ziek in een bed op zolder. Zulke verhalen komen misschien wel. En voor deze drie uur hoeft ze ook geen eierwekker mee, zoals laatst bij een optreden op een poezie-podium waar ze vier minuten had.
Is poëzie het belangrijkste van haar werk? Belangrijk is een woord dat ze niet zelf zou gebruiken. Kon ik maar eens iets belangrijks doen, denkt ze wel eens, maar dat kan ik niet. Nauwkeurigheid, dat is wel belangrijk, dat de dingen worden uitgevoerd zoals ze ze bedacht heeft.
Een gedachte volgt: vanmorgen heeft ze gelezen over de radarverwarrende zilversliertjes in de nesten gevlochten, een beeld uit een gedicht = in werkelijkheid de duizenden zilverpapiertjes die naar beneden werden gegooid om de radar in de war te brengen, waardoor het bombardement op Hamburg mogelijk werd - 37.000 doden, terwijl zij de sliertjes beschreef vanuit het enigszins onschuldige kind dat ondergedoken zat op het Groningse land. Zo’n thema als het bombardement dat zou ze nooit kunnen nemen om over te schrijven – te groot. Het begint bij het kleine maar gaat toch wel over het grote.
Tegenwoordig komt ze vaak en graag in Berlijn en in Duitsland, het land dat zich meer bewust is van de geschiedenis dan wij. Het land waar men zich meer bewust is van wat het nazisme heeft aangericht dan in ons land.
Duitsland dat gelukkig niet meer alleen meer gebukt gaat onder schuldgevoel en dat zo verder verwijderd is van de oorlog dan wij inmiddels.
Hóe dicht zij eigenlijk? Dat is weer zo’n niet te beantwoorden vraag – het gaat vaak om klank. Dan komen er de woorden jammer –zwabber. Dan komen er associaties – het niet tegen het geluid van de stofzuiger kunnen en het beeld van de ouderwetse grijze zwabber – en dan is er een nieuw gedicht! Maar vaak komt er ook geen nieuw gedicht van, hoor, veel mislukt, zegt ze.
Soms wil ze iets dóen in deze tijd waarin veel haar dwars zit. En soms wil ze dan met taal daar op reageren, liever niet met poëzie. Zo schreef ze een open brief aan Henk en Ingrid - dat ze zich lieten belazeren, en of ze zich wilden weren. Wat er dwars zit in deze tijd is het afknijpen van waardevolle zaken – bezuinigingen in de cultuur waardoor wegen worden afgesloten die niet meer zo snel opengaan. Alsof iedere waarde alleen uitgedrukt kan worden in geld.
Interviewer Kijne vraagt haar een gedicht te lezen dat hij zelf had opgevat als een ultiem liefdesgedicht - hoe de natgeregende dichteres niet meer kon zeggen aan de geliefde hoe nat ze was. Dat gaat over Jac Heijer, een goede vriend die stierf aan aids. Maar echte rouw is natuurlijk ook echte liefde zegt ze. Trouwens - heel veel gedichten gaan over dooien, hoor, heel veel.

Samenvatting uur 2:

Het potje jam uit een gedicht, dat komt uit vroeger – het vroeger van voor de oorlog. Kinderherinneringen heeft ze aan die jaren dertig, de schillenboer waar konijnen waren– de mensen die de straat inkwamen, de orgeldraaier, de mensen die de echte mensen waren wat zij niet waren. Dat zij het echte leven leefden. Zo griezelig ook – de auto’s waarvan ze bang was dat ze achter haar aan de straat opkwamen. In de kamer van de ouders was het donker en niet zo gezellig. De moeder werkte in de Bijenkorf, die was er niet vaak, de vader was aan het werk, en er was een heel lief dienstmeisje - en in de keuken bij haar was het wel gezellig.
Toen werd het oorlog – kinderen waar ze mee speelde op straat waren weg, huizen stonden te koop aangeboden. En we plakten met raar plakband de ramen af. En we pakten, want mijn ouders wilden vluchten, en uiteindelijk wou mijn vader niet want hij durfde niet aan boord van een boot waar geen radarverbinding was – dat soort herinneringen komen.
Opeens realiseert ze zich dat haar paniekgevoelens nog altijd als ze moet pákken om op reis te gaan van die dagen komt.
Over wat er volgt praat ze niet graag: hoe de ouders verdwenen tot ná de oorlog, hoe de drie kinderen Herzberg met hulp van het dienstmeisje Jo wisten te ontkomen en in de onderduik kwamen. Het wonen in al die verschillende onderduikgezinnen heeft haar erg geholpen bij het toneelschrijven later – het was een waardevol inkijkje in die verschillende milieus, ze kon observeren hoe mensen met elkaar omgingen.



De hereniging na de oorlog, toen haar ouders terugkwamen uit Bergen Belsen en haar broer en zus van andere onderduikgezinnen – dat was wederzijds ondeelbaar . Geen gesprekken. Nooit meer een goede relatie met haar moeder gekregen.
Het dagboek dat haar vader schreef Tweestromenland, over BergenBelsen, heeft ze nooit uitgelezen. Dat is nog altijd onverdraaglijk. Te kwaad over hoe zij behandeld werden Terwijl haar vader Abel Herzberg juist een symbool werd van verdraagzaamheid. Maar daar had zij niks aan, want je kan niet namens iemand ander vergeven.
Ze schreef de theater trilogie ‘Leedvermaak, Rijgdraad en Simon’ over de enorme discrepantie die de overlevers overkwam na de oorlog: succesvol in werk maar een ramp in relationele zaken. En zo schreef ze het harde verhaal, hard in de vergroting waardoor het ook humoristisch was en ook bevrijdend, over de hoofdpersoon Lea die drie keer is getrouwd en alle familiebanden daaromheen. Het is toch een baanbrekend stuk voor de Joodse gemeenschap in Nederland, is de vraag – maar zoiets als de joodse gemeenschap daar heeft ze ik geen contact mee.
We waren gebleven bij het stuk Kras dat ze schreef – ook over een familie.

deruiter3

vrijdag 28 december 2012, 19:00 uur

deruiter2

vrijdag 28 december 2012, 19:00 uur

deruiter1

vrijdag 28 december 2012, 19:00 uur

VPRO Marathoninterview - Corine de Ruiter

vrijdag 28 december 2012, 19:00 uur

Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.

Een gesprek over of de moderne mens nog wel tegen tegenslag bestand is als blijkt dat niet altijd alles maakbaar is. Ook goede mensen doen soms beestachtige dingen, zegt de advocaat van de brave boer die vanuit het niets Marianne Vaatstra verkrachtte en vermoordde. Het lijkt wel ,of het de laatste tijd steeds vaker gebeurt, neem nou die doodnormale leuke huisvader die een paar weekenden geleden op zondagochtend opeens besluit zijn hele gezin uit te moorden. Why in godsnaam, waarom? Zegt het iets over deze tijd? Zijn we wellicht allemaal aan het verworden tot narcisten die niet meer met teleurstelling en tegenslag om kunnen gaan en daarom wel eens ‘af’ kunnen gaan? De Ruiter is ondermeer gespecialiseerd in de analyse van gezinsdrama’s met dodelijke afloop waarbij de motieven en aanleidingen vaak zo onbegrijpelijk blijven. Verder uit de Ruiter scherpe kritiek op het wetenschappelijke klimaat in Nederland omdat ze vind dat veel te weinig tegenspraak georganiseerd wordt op universiteiten. Zelf schuwt de Ruiter het niet om dwars tegen de stroom in opiniërende meningen te ventileren over allerhande maatschappelijke kwesties. Ze promoveerde op angststoornissen,was lang hoofd Onder-zoek van de tbs-inrichting Van der Hoeven Kliniek maar vindt ondanks dat ze de wereld van gevangenissen en gevangenen goed van binnen kent dat het Nederlandse strafsysteem ondoelmatig functioneert en te veel op primitieve wraak gebaseerd is. Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.Een gesprek over of de moderne mens nog wel tegen tegenslag bestand is als blijkt dat niet altijd alles maakbaar is. Ook goede mensen doen soms beestachtige dingen, zegt de advocaat van de brave boer die vanuit het niets Marianne Vaatstra verkrachtte en vermoordde. Het lijkt wel ,of het de laatste tijd steeds vaker gebeurt, neem nou die doodnormale leuke huisvader die een paar weekenden geleden op zondagochtend opeens besluit zijn hele gezin uit te moorden. Why in godsnaam, waarom? Zegt het iets over deze tijd? Zijn we wellicht allemaal aan het verworden tot narcisten die niet meer met teleurstelling en tegenslag om kunnen gaan en daarom wel eens ‘af’ kunnen gaan? De Ruiter is ondermeer gespecialiseerd in de analyse van gezinsdrama’s met dodelijke afloop waarbij de motieven en aanleidingen vaak zo onbegrijpelijk blijven. Verder uit de Ruiter scherpe kritiek op het wetenschappelijke klimaat in Nederland omdat ze vind dat veel te weinig tegenspraak georganiseerd wordt op universiteiten. Zelf schuwt de Ruiter het niet om dwars tegen de stroom in opiniërende meningen te ventileren over allerhande maatschappelijke kwesties. Ze promoveerde op angststoornissen,was lang hoofd Onder-zoek van de tbs-inrichting Van der Hoeven Kliniek maar vindt ondanks dat ze de wereld van gevangenissen en gevangenen goed van binnen kent dat het Nederlandse strafsysteem ondoelmatig functioneert en te veel op primitieve wraak gebaseerd is.

VPRO Marathoninterview - Corine de Ruiter: uur 3

donderdag 27 december 2012, 23:00 uur

Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.

Een gesprek over of de moderne mens nog wel tegen tegenslag bestand is als blijkt dat niet altijd alles maakbaar is. Ook goede mensen doen soms beestachtige dingen, zegt de advocaat van de brave boer die vanuit het niets Marianne Vaatstra verkrachtte en vermoordde. Het lijkt wel ,of het de laatste tijd steeds vaker gebeurt, neem nou die doodnormale leuke huisvader die een paar weekenden geleden op zondagochtend opeens besluit zijn hele gezin uit te moorden. Why in godsnaam, waarom? Zegt het iets over deze tijd? Zijn we wellicht allemaal aan het verworden tot narcisten die niet meer met teleurstelling en tegenslag om kunnen gaan en daarom wel eens ‘af’ kunnen gaan? De Ruiter is ondermeer gespecialiseerd in de analyse van gezinsdrama’s met dodelijke afloop waarbij de motieven en aanleidingen vaak zo onbegrijpelijk blijven. Verder uit de Ruiter scherpe kritiek op het wetenschappelijke klimaat in Nederland omdat ze vind dat veel te weinig tegenspraak georganiseerd wordt op universiteiten. Zelf schuwt de Ruiter het niet om dwars tegen de stroom in opiniërende meningen te ventileren over allerhande maatschappelijke kwesties. Ze promoveerde op angststoornissen,was lang hoofd Onderzoek van de tbs-inrichting Van der Hoeven Kliniek maar vindt ondanks dat ze de wereld van gevangenissen en gevangenen goed van binnen kent dat het Nederlandse strafsysteem ondoelmatig functioneert en te veel op primitieve wraak gebaseerd is. Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter. Een gesprek over of de moderne mens nog wel tegen tegenslag bestand is als blijkt dat niet altijd alles maakbaar is.

VPRO Marathoninterview - Corine de Ruiter: uur 2

donderdag 27 december 2012, 23:00 uur

Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.
--------------------------------------------------
Ook goede mensen doen soms beestachtige dingen, zegt de advocaat van de brave boer die vanuit het niets Marianne Vaatstra verkrachtte en vermoordde. Het lijkt wel ,of het de laatste tijd steeds vaker gebeurt, neem nou die doodnormale leuke huisvader die een paar weekenden geleden op zondagochtend opeens besluit zijn hele gezin uit te moorden. Why in godsnaam, waarom? Zegt het iets over deze tijd? Zijn we wellicht allemaal aan het verworden tot narcisten die niet meer met teleurstelling en tegenslag om kunnen gaan en daarom wel eens ‘af’ kunnen gaan? De Ruiter is ondermeer gespecialiseerd in de analyse van gezinsdrama’s met dodelijke afloop waarbij de motieven en aanleidingen vaak zo onbegrijpelijk blijven. Verder uit de Ruiter scherpe kritiek op het wetenschappelijke klimaat in Nederland omdat ze vind dat veel te weinig tegenspraak georganiseerd wordt op universiteiten. Zelf schuwt de Ruiter het niet om dwars tegen de stroom in opiniërende meningen te ventileren over allerhande maatschappelijke kwesties. Ze promoveerde op angststoornissen,was lang hoofd Onder-zoek van de tbs-inrichting Van der Hoeven Kliniek maar vindt ondanks dat ze de wereld van gevangenissen en gevangenen goed van binnen kent dat het Nederlandse strafsysteem ondoelmatig functioneert en te veel op primitieve wraak gebaseerd is. Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.

VPRO Marathoninterview - Corine de Ruiter: uur 1

donderdag 27 december 2012, 23:00 uur

Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.
--------------------------------------------------
Ook goede mensen doen soms beestachtige dingen, zegt de advocaat van de brave boer die vanuit het niets Marianne Vaatstra verkrachtte en vermoordde. Het lijkt wel ,of het de laatste tijd steeds vaker gebeurt, neem nou die doodnormale leuke huisvader die een paar weekenden geleden op zondagochtend opeens besluit zijn hele gezin uit te moorden. Why in godsnaam, waarom? Zegt het iets over deze tijd? Zijn we wellicht allemaal aan het verworden tot narcisten die niet meer met teleurstelling en tegenslag om kunnen gaan en daarom wel eens ‘af’ kunnen gaan? De Ruiter is ondermeer gespecialiseerd in de analyse van gezinsdrama’s met dodelijke afloop waarbij de motieven en aanleidingen vaak zo onbegrijpelijk blijven. Verder uit de Ruiter scherpe kritiek op het wetenschappelijke klimaat in Nederland omdat ze vind dat veel te weinig tegenspraak georganiseerd wordt op universiteiten. Zelf schuwt de Ruiter het niet om dwars tegen de stroom in opiniërende meningen te ventileren over allerhande maatschappelijke kwesties. Ze promoveerde op angststoornissen,was lang hoofd Onder-zoek van de tbs-inrichting Van der Hoeven Kliniek maar vindt ondanks dat ze de wereld van gevangenissen en gevangenen goed van binnen kent dat het Nederlandse strafsysteem ondoelmatig functioneert en te veel op primitieve wraak gebaseerd is. Ze wordt door collega’s getypeerd als een gedreven vrouw met een missie die ze wel altijd op bestudeerde feiten baseert. Reden om eens diepgravend te praten met een uitgesproken forensisch psycholoog, Corine de Ruiter.

rhomése3

donderdag 27 december 2012, 19:00 uur

thomése2

donderdag 27 december 2012, 19:00 uur

thomése1

donderdag 27 december 2012, 19:00 uur

VPRO Marathoninterview - P. F. Thomése

donderdag 27 december 2012, 19:00 uur

Frans Thomése schreef zowel het keeltoeschroevende Schaduwkind als het droogkomische J. Kessels: The Novel. Zijn debuut Zuidland werd onderscheiden met de AKO Literatuurprijs. En met Grillroom Jeruzalem won hij eerder in 2012 de VPRO Bob den Uylprijs. Onlangs verscheen Het Bamischandaal. Hier vindt u de volle drie uren.

Maarten Westerveen over dit gesprek:
Ik houd van ongrijpbaarheid
Thomése en zijn werk laten zich moeilijk samenvatten. Ik heb het althans nooit iemand succesvol zien doen. Ik verwacht ook niet dat het mij gaat lukken in drie uur. Dat vind ik wel een aangename gedachte.

VPRO Marathoninterview - P. F. Thomése: uur 1

woensdag 26 december 2012, 23:00 uur

Frans Thomése schreef zowel het keeltoeschroevende Schaduwkind als het droogkomische J. Kessels: The Novel. Zijn debuut Zuidland werd onderscheiden met de AKO Literatuurprijs. En met Grillroom Jeruzalem won hij eerder in 2012 de VPRO Bob den Uylprijs. Onlangs verscheen Het Bamischandaal. Hier vindt u de volle drie uren.

Maarten Westerveen over dit gesprek:
Ik houd van ongrijpbaarheid
Thomése en zijn werk laten zich moeilijk samenvatten. Ik heb het althans nooit iemand succesvol zien doen. Ik verwacht ook niet dat het mij gaat lukken in drie uur. Dat vind ik wel een aangename gedachte.

Samenvatting en citaten:

Maarten Westerveen in gesprek met P. F. Thomese.
De schrijver werd verwekt op een Paasochtend in 1957 en geboren in Doetinchem op 23 januari 1958 als toevallige nazaat van een oud, vrijwel uitgestorven geslacht. Frans groeide op in het afgelegen Zaltbommel, in een gevleugeld wit landhuis met uitzicht op de horizon, dromend van het echte leven, waar hij zich geen voorstelling van kon maken. Oudste en enige zoon. wereldvreemd.
"Ongeschikt", werd er gezegd. Maar voor wat? Hij behaalde alerlei diploma's, zoals voor zwemmen en het gymnasium, waar hij vervolgens niets mee deed.
En droomde van boeken die niet bestonden. Probeerde die te schrijven, maar ze bleken iets anders te worden, iets wat hij zelf niet had voorzien.
In de bioscoop van zijn vriendje Henkie Eenhoorn en thuis op de televisie ontdekte hij al op vroege leeftijd Amerika. Het was het beloofde land, waar verlangens in beeld verschenen en de stoutste vermoedens gewoon werden ondertiteld - zodat je er nog steeds van kon dromen.
Totdat de legendarische J. Kessels in zijn leven verscheen en ze er op een doordeweekse dag heen gingen. Ze bezochten in dat giga-grote filmdecor alle plekken die ze kenden van thuis en waar ze in proncipe dus niet van opkeken. Alleen een paar dingen waren anders.
Later reisde hij met J. Kessels een aantal malen naar Duitsland.
Frans Thomese was van 1979 tot 1984 redacteur en verslaggever bij het Eindhovens Dagblad. in 1984 pakte hij zijn geschiedenisstudie voor drie jaar weer op, maar hij voltooide deze niet. Daarna schreef hij voor het weekblad De Tijd en leverde bijdragen voor NRC Handelsblad, enkele regionale dagbladen en Vrij Nederland. ook was Tomese redacteur van het literaire tijdschrift De Revisor.
Een handjevol boektitels: Zuidland, Schaduwkind, J.Kessels: The Novel. Reisverhalen gebundeld in Greatest Hits gelden onder liefhebbers al jaren als hoogtepunt in het genre, voor zijn verslag Grillroom Jeruzalem kreeg hij in 2012 de Bob den Uyl-prijs. En dan zijn nieuwste in '12: Het bamischandaal. In NRC teypeerd als " Geestig, virtuoos en onbedaarlijk smerig.

Over de kritiek:
Over Arnold Heumakers (NRC) en Jeroen Vullings (VN) maar ook de wat stille Janet Luis en Elsbeth Etty is hij enthousiast. " ik ben blij veel verschillende reacties te krijgen op mijn werk. Maar in het algemeen gesproken: de reflectie is uit de literatuurkritiek aan het verdwijnen, zoals eertijds Ter Braak en Rodenko schreven. Schrijvers werden vroeger echt beter als gevolg vam het feit dat er anderen waren die goede analyses gaven en betekenis vonden in het werk.
Er is niks mooiers dan als je Borges leest over Don Quichotte. Het genot van een goede exegese.
Polemiek rondom Thomese:
Thomese belandde zo nu en dan in stevige polemische gevechten. Leon de Winter verweet ook hem antisemitisme vanwege een column in de GPD-bladen. Joost Zwagerman beschuldigde hem van dubbelhartigheid inzake cultuurpessimisme; P.F. had een essay aan de Revisor geleverd waarin hij het commercialisme in de literatuur hekelde: " De narcistische samenzwering". Critici namen hem op de korrel toen hij Connie Palmen hekelde om haar zoeken van publiciteit met autobiografische literatuur, omdat hij dat later zelf ook deed!

Enkele citaten:
Jacob Groot, auteur van het boek Adam Seconde, daarmee kan Thomese zeer vruchtbaar van gedachten wisselen. Bijvoorbeeld over het thema pornografie. Niet om het te hebben over proza dat je schrijfr met 1 hand, laten we zeggen Rukkers Proza. Nee, bespiegelingen over porno als fenomeen. Met stellingen als: We leven in een wereld waarin pornografie de meest beoefende tak van sport is geworden.

Over de totstandkoming van Schaduwkind, notities geschreven na het overlijden van zijn dochtertje. Het was in eerste instantie, hors commerce, gepubliceerd als nieuwjaarsgeschenk van uitgeverij Contact en werd later een enorme hype. Op de Frankfurter Buchmesse werd er gevochten om de vertalingsrechten. Daarna in Duitsland kwamen de ECHTE recensies: critici niet niet het leed van Thomese bespraken maar, zoals het hoort, het boek zelf. Daarmee werd Schaduwkind voor Thomese een wenlijk ander boek dan de rest van zijn oeuvre. De irinie ontbreekt bijna helemaal.

Maarten Westerveen stelt dat "misschien het autobiografische gewoon veel belangrijker wordt in de lieratuur ". Frans geeft de naam Bruno Schulz, dat is toverwerk! Twee bundels verhalen, fantastische fantasie, vanuit het gezichtspunt van een kind, hoe je als een kind geluiden interpreteerd, de werking van de taal, , daaaaaar wordt ik nu door ontroerd. de biografie is dan niet belangrijk.
Over zijn ontgoocheling door de schrijvers die hij ontmoette bij De Revisor: "Ik had te veel gespetterd in de piranhabak".

Het sleuteljaar 2002 waarin hij ouder werd maar ook zijn dochter verloor: " Het roer ging om! Ik verstond me met andere boeken, met Rilke, misschien ook omdat ik 'vrij' was. Misschien wel door het verlies van mijn dochter, dee veel van het andere relativeerde.

En dan nog een opmerking over de gemakzucht van Arnon Grunberg, die uit luiheid moralistisch wordt en zichzelf op een sokkeltje zet!

VPRO Marathoninterview - P. F. Thomése: uur 2

woensdag 26 december 2012, 23:00 uur

Frans Thomése schreef zowel het keeltoeschroevende Schaduwkind als het droogkomische J. Kessels: The Novel. Zijn debuut Zuidland werd onderscheiden met de AKO Literatuurprijs. En met Grillroom Jeruzalem won hij eerder in 2012 de VPRO Bob den Uylprijs. Onlangs verscheen Het Bamischandaal. Hier vindt u de volle drie uren.

Maarten Westerveen over dit gesprek:
Ik houd van ongrijpbaarheid
Thomése en zijn werk laten zich moeilijk samenvatten. Ik heb het althans nooit iemand succesvol zien doen. Ik verwacht ook niet dat het mij gaat lukken in drie uur. Dat vind ik wel een aangename gedachte.

Samenvatting en citaten:

Maarten Westerveen in gesprek met P. F. Thomese.
De schrijver werd verwekt op een Paasochtend in 1957 en geboren in Doetinchem op 23 januari 1958 als toevallige nazaat van een oud, vrijwel uitgestorven geslacht. Frans groeide op in het afgelegen Zaltbommel, in een gevleugeld wit landhuis met uitzicht op de horizon, dromend van het echte leven, waar hij zich geen voorstelling van kon maken. Oudste en enige zoon. wereldvreemd.
"Ongeschikt", werd er gezegd. Maar voor wat? Hij behaalde alerlei diploma's, zoals voor zwemmen en het gymnasium, waar hij vervolgens niets mee deed.
En droomde van boeken die niet bestonden. Probeerde die te schrijven, maar ze bleken iets anders te worden, iets wat hij zelf niet had voorzien.
In de bioscoop van zijn vriendje Henkie Eenhoorn en thuis op de televisie ontdekte hij al op vroege leeftijd Amerika. Het was het beloofde land, waar verlangens in beeld verschenen en de stoutste vermoedens gewoon werden ondertiteld - zodat je er nog steeds van kon dromen.
Totdat de legendarische J. Kessels in zijn leven verscheen en ze er op een doordeweekse dag heen gingen. Ze bezochten in dat giga-grote filmdecor alle plekken die ze kenden van thuis en waar ze in proncipe dus niet van opkeken. Alleen een paar dingen waren anders.
Later reisde hij met J. Kessels een aantal malen naar Duitsland.
Frans Thomese was van 1979 tot 1984 redacteur en verslaggever bij het Eindhovens Dagblad. in 1984 pakte hij zijn geschiedenisstudie voor drie jaar weer op, maar hij voltooide deze niet. Daarna schreef hij voor het weekblad De Tijd en leverde bijdragen voor NRC Handelsblad, enkele regionale dagbladen en Vrij Nederland. ook was Tomese redacteur van het literaire tijdschrift De Revisor.
Een handjevol boektitels: Zuidland, Schaduwkind, J.Kessels: The Novel. Reisverhalen gebundeld in Greatest Hits gelden onder liefhebbers al jaren als hoogtepunt in het genre, voor zijn verslag Grillroom Jeruzalem kreeg hij in 2012 de Bob den Uyl-prijs. En dan zijn nieuwste in '12: Het bamischandaal. In NRC teypeerd als " Geestig, virtuoos en onbedaarlijk smerig.

Over de kritiek:
Over Arnold Heumakers (NRC) en Jeroen Vullings (VN) maar ook de wat stille Janet Luis en Elsbeth Etty is hij enthousiast. " ik ben blij veel verschillende reacties te krijgen op mijn werk. Maar in het algemeen gesproken: de reflectie is uit de literatuurkritiek aan het verdwijnen, zoals eertijds Ter Braak en Rodenko schreven. Schrijvers werden vroeger echt beter als gevolg vam het feit dat er anderen waren die goede analyses gaven en betekenis vonden in het werk.
Er is niks mooiers dan als je Borges leest over Don Quichotte. Het genot van een goede exegese.
Polemiek rondom Thomese:
Thomese belandde zo nu en dan in stevige polemische gevechten. Leon de Winter verweet ook hem antisemitisme vanwege een column in de GPD-bladen. Joost Zwagerman beschuldigde hem van dubbelhartigheid inzake cultuurpessimisme; P.F. had een essay aan de Revisor geleverd waarin hij het commercialisme in de literatuur hekelde: " De narcistische samenzwering". Critici namen hem op de korrel toen hij Connie Palmen hekelde om haar zoeken van publiciteit met autobiografische literatuur, omdat hij dat later zelf ook deed!

Enkele citaten:
Jacob Groot, auteur van het boek Adam Seconde, daarmee kan Thomese zeer vruchtbaar van gedachten wisselen. Bijvoorbeeld over het thema pornografie. Niet om het te hebben over proza dat je schrijfr met 1 hand, laten we zeggen Rukkers Proza. Nee, bespiegelingen over porno als fenomeen. Met stellingen als: We leven in een wereld waarin pornografie de meest beoefende tak van sport is geworden.

Over de totstandkoming van Schaduwkind, notities geschreven na het overlijden van zijn dochtertje. Het was in eerste instantie, hors commerce, gepubliceerd als nieuwjaarsgeschenk van uitgeverij Contact en werd later een enorme hype. Op de Frankfurter Buchmesse werd er gevochten om de vertalingsrechten. Daarna in Duitsland kwamen de ECHTE recensies: critici niet niet het leed van Thomese bespraken maar, zoals het hoort, het boek zelf. Daarmee werd Schaduwkind voor Thomese een wenlijk ander boek dan de rest van zijn oeuvre. De irinie ontbreekt bijna helemaal.

Maarten Westerveen stelt dat "misschien het autobiografische gewoon veel belangrijker wordt in de lieratuur ". Frans geeft de naam Bruno Schulz, dat is toverwerk! Twee bundels verhalen, fantastische fantasie, vanuit het gezichtspunt van een kind, hoe je als een kind geluiden interpreteerd, de werking van de taal, , daaaaaar wordt ik nu door ontroerd. de biografie is dan niet belangrijk.
Over zijn ontgoocheling door de schrijvers die hij ontmoette bij De Revisor: "Ik had te veel gespetterd in de piranhabak".

Het sleuteljaar 2002 waarin hij ouder werd maar ook zijn dochter verloor: " Het roer ging om! Ik verstond me met andere boeken, met Rilke, misschien ook omdat ik 'vrij' was. Misschien wel door het verlies van mijn dochter, dee veel van het andere relativeerde.

En dan nog een opmerking over de gemakzucht van Arnon Grunberg, die uit luiheid moralistisch wordt en zichzelf op een sokkeltje zet!

VPRO Marathoninterview - P. F. Thomése: uur 3

woensdag 26 december 2012, 23:00 uur

Frans Thomése schreef zowel het keeltoeschroevende Schaduwkind als het droogkomische J. Kessels: The Novel. Zijn debuut Zuidland werd onderscheiden met de AKO Literatuurprijs. En met Grillroom Jeruzalem won hij eerder in 2012 de VPRO Bob den Uylprijs. Onlangs verscheen Het Bamischandaal. Hier vindt u de volle drie uren.

Maarten Westerveen over dit gesprek:
Ik houd van ongrijpbaarheid
Thomése en zijn werk laten zich moeilijk samenvatten. Ik heb het althans nooit iemand succesvol zien doen. Ik verwacht ook niet dat het mij gaat lukken in drie uur. Dat vind ik wel een aangename gedachte.

Samenvatting en citaten:

Maarten Westerveen in gesprek met P. F. Thomese.
De schrijver werd verwekt op een Paasochtend in 1957 en geboren in Doetinchem op 23 januari 1958 als toevallige nazaat van een oud, vrijwel uitgestorven geslacht. Frans groeide op in het afgelegen Zaltbommel, in een gevleugeld wit landhuis met uitzicht op de horizon, dromend van het echte leven, waar hij zich geen voorstelling van kon maken. Oudste en enige zoon. wereldvreemd.
"Ongeschikt", werd er gezegd. Maar voor wat? Hij behaalde alerlei diploma's, zoals voor zwemmen en het gymnasium, waar hij vervolgens niets mee deed.
En droomde van boeken die niet bestonden. Probeerde die te schrijven, maar ze bleken iets anders te worden, iets wat hij zelf niet had voorzien.
In de bioscoop van zijn vriendje Henkie Eenhoorn en thuis op de televisie ontdekte hij al op vroege leeftijd Amerika. Het was het beloofde land, waar verlangens in beeld verschenen en de stoutste vermoedens gewoon werden ondertiteld - zodat je er nog steeds van kon dromen.
Totdat de legendarische J. Kessels in zijn leven verscheen en ze er op een doordeweekse dag heen gingen. Ze bezochten in dat giga-grote filmdecor alle plekken die ze kenden van thuis en waar ze in proncipe dus niet van opkeken. Alleen een paar dingen waren anders.
Later reisde hij met J. Kessels een aantal malen naar Duitsland.
Frans Thomese was van 1979 tot 1984 redacteur en verslaggever bij het Eindhovens Dagblad. in 1984 pakte hij zijn geschiedenisstudie voor drie jaar weer op, maar hij voltooide deze niet. Daarna schreef hij voor het weekblad De Tijd en leverde bijdragen voor NRC Handelsblad, enkele regionale dagbladen en Vrij Nederland. ook was Tomese redacteur van het literaire tijdschrift De Revisor.
Een handjevol boektitels: Zuidland, Schaduwkind, J.Kessels: The Novel. Reisverhalen gebundeld in Greatest Hits gelden onder liefhebbers al jaren als hoogtepunt in het genre, voor zijn verslag Grillroom Jeruzalem kreeg hij in 2012 de Bob den Uyl-prijs. En dan zijn nieuwste in '12: Het bamischandaal. In NRC teypeerd als " Geestig, virtuoos en onbedaarlijk smerig.

Over de kritiek:
Over Arnold Heumakers (NRC) en Jeroen Vullings (VN) maar ook de wat stille Janet Luis en Elsbeth Etty is hij enthousiast. " ik ben blij veel verschillende reacties te krijgen op mijn werk. Maar in het algemeen gesproken: de reflectie is uit de literatuurkritiek aan het verdwijnen, zoals eertijds Ter Braak en Rodenko schreven. Schrijvers werden vroeger echt beter als gevolg vam het feit dat er anderen waren die goede analyses gaven en betekenis vonden in het werk.
Er is niks mooiers dan als je Borges leest over Don Quichotte. Het genot van een goede exegese.
Polemiek rondom Thomese:
Thomese belandde zo nu en dan in stevige polemische gevechten. Leon de Winter verweet ook hem antisemitisme vanwege een column in de GPD-bladen. Joost Zwagerman beschuldigde hem van dubbelhartigheid inzake cultuurpessimisme; P.F. had een essay aan de Revisor geleverd waarin hij het commercialisme in de literatuur hekelde: " De narcistische samenzwering". Critici namen hem op de korrel toen hij Connie Palmen hekelde om haar zoeken van publiciteit met autobiografische literatuur, omdat hij dat later zelf ook deed!

Enkele citaten:
Jacob Groot, auteur van het boek Adam Seconde, daarmee kan Thomese zeer vruchtbaar van gedachten wisselen. Bijvoorbeeld over het thema pornografie. Niet om het te hebben over proza dat je schrijfr met 1 hand, laten we zeggen Rukkers Proza. Nee, bespiegelingen over porno als fenomeen. Met stellingen als: We leven in een wereld waarin pornografie de meest beoefende tak van sport is geworden.

Over de totstandkoming van Schaduwkind, notities geschreven na het overlijden van zijn dochtertje. Het was in eerste instantie, hors commerce, gepubliceerd als nieuwjaarsgeschenk van uitgeverij Contact en werd later een enorme hype. Op de Frankfurter Buchmesse werd er gevochten om de vertalingsrechten. Daarna in Duitsland kwamen de ECHTE recensies: critici niet niet het leed van Thomese bespraken maar, zoals het hoort, het boek zelf. Daarmee werd Schaduwkind voor Thomese een wenlijk ander boek dan de rest van zijn oeuvre. De irinie ontbreekt bijna helemaal.

Maarten Westerveen stelt dat "misschien het autobiografische gewoon veel belangrijker wordt in de lieratuur ". Frans geeft de naam Bruno Schulz, dat is toverwerk! Twee bundels verhalen, fantastische fantasie, vanuit het gezichtspunt van een kind, hoe je als een kind geluiden interpreteerd, de werking van de taal, , daaaaaar wordt ik nu door ontroerd. de biografie is dan niet belangrijk.
Over zijn ontgoocheling door de schrijvers die hij ontmoette bij De Revisor: "Ik had te veel gespetterd in de piranhabak".

Het sleuteljaar 2002 waarin hij ouder werd maar ook zijn dochter verloor: " Het roer ging om! Ik verstond me met andere boeken, met Rilke, misschien ook omdat ik 'vrij' was. Misschien wel door het verlies van mijn dochter, dee veel van het andere relativeerde.

En dan nog een opmerking over de gemakzucht van Arnon Grunberg, die uit luiheid moralistisch wordt en zichzelf op een sokkeltje zet!

VPRO Marathoninterview - David Van Reybrouck

woensdag 26 december 2012, 19:00 uur

David Van Reybrouck, Belg, cultuurhistoricus en archeoloog, schreef hét boek over de geschiedenis van Congo.
Hij richtte het burgerinitiatief G1000 op want hij wil onze democratie weer pit geven. In dit gesprek, zal Van Reybrouck ingaan op België, Europa, Afrika, Vlaanderen en meer.

Waarom wil Djoeke met David Van Reybrouck het Marathoninterview doen?
Omdat hij een geniale veelvraat is die prachtig spreekt en enthousiasmerend is in zijn afkeer van cynisme. Schrijver, dichter, archeoloog, cultuurhistoricus, betrokken burger.
Ik leerde hem dit jaar kennen tijdens het filmen van de VPRO reisserie Het België van... waar hij één van de hoofdrolspelers was. Ik heb het Westvlaamse land gezien waar hij vandaan komt en ik heb gezien hoe hij alles onderneemt met intensiteit. Ik heb, net als 200.000 andere Nederlandstaligen, zijn boek Congo gelezen. Ik heb gezien hoe hij 700 Belgen in de burgertop G1000 een nieuwe vorm van democratie liet uitvinden. Geweldig om nu drie uur met hem over dit alles in gesprek te gaan, zodat de luisteraars van het Marathoninterview deze inspirerende man nader kunnen leren kennen.

Samenvattingen uur 1 en 2
door Laura Stek
UUR 1
Het begon, hoe kan het ook anders, met de kersttoespraken, en dan natuurlijk die van de Belgische koning. De koning waarschuwde in zijn jaarlijkse kerstboodschap voor de gevaren van het populisme en maakte een vergelijking met de crisis van de jaren 30 en de opkomst van de NSDAP. Van Reybrouck had daar een duidelijke mening over: een vergelijking met de jaren 30 is niet zinvol. ?Elke nieuwe stroming zien als een herhaling van de NSDAP doet afbreuk aan de complexiteit van het heden, zei hij.
Reybrouck's spraakwaterval ging verder, Djoeke Veeninga hoefde hem nauwelijks aan te sporen. Het ging van België naar Europa. We zijn, zo zegt Reybrouck, verveeld met de luxe van Europa. Niet dat hij er niet onverdeeld gelukkig over is: het is te weinig een Europa van de burger, maar het is van een historisch ongeziene waarde dat er al zo lang vrede is. Hij is een optimist en deelt alleen het pessimisme over het pessimisme. Ik hoor zo veel gezeur van Nederlanders over Nederland,; zegt hij. Laat dit een kerstboodschap zijn voor ons.
Maar Van Reybrouck was niet altijd een optimist. Ooit was hij eerder een defaitist. Hij is niet van de ene op de andere dag van zijn paard gebliksemt zoals Paulus, zei hij. Hij kan geen dag of nacht aanwijzen waarin hij veranderde. Maar Mandela en Tutu hebben een grote invloed gehad. Toen hij voor zijn eerste boek naar Zuid-Afrika vertrok begon hij hen te lezen. Het werden de belangrijkste boeken uit zijn leven. Hij ontdekte dat politiek een zaak is van idealen en waarden. En dat de geschiedenis niet een onstopbare machine is. Ik geloof dat wij verschil kunnen maken. En niet dat de geschiedenis doordendert, zei hij. Maakbaarheid dus, dat klinkt optimistisch.
Het ging ook over taal. Hoewel hij prachtig Vlaams spreekt is hij geen fanatiek Flamingant. Maar, zegt hij, als je hier ziet hoe makkelijk de Nederlandse taal wordt opgeofferd aan het Engels dan is dat wel opvallend. Er lijkt een soort schaamte te bestaan als er geen perfect Engels wordt gesproken.? Met andere woorden trots blijven op je eigen taal, Nederlanders! Dat raadt onze Vlaamse buurman ons aan.
Het ging uiteraard ook over De Burger. En de burger in de openbare ruimte. En de burger in de openbare ruimte in crisis. We houden de crisis in stand door hem te benoemen, Een selffulfilling prophecy. Bovendien kunnen we onze frustraties niet meer de baas. ?Het probleem van vandaag is dat we niet meer praten, we schreeuwen onze frustraties uit op twitter en facebook. We hebben niet geleerd hoe om te gaan met agressie. Dus we kroppen het op. We beëindigen de treinrit met een maagzweer. Ik denk dat veel reizigers zich daarin zullen herkennen. Nog een kerstboodschap. We moeten weer gewoon rustig assertief leren zijn.
Van Reybrouck denkt dat we aan het begin staan van een fundamentele omwenteling. Hij maakte een parallel met de boekdrukkunst in de middeleeuwen. En dat is nogal wat. De overeenkomst is dat mensen zelf kunnen bepalen welke informatie de wereld in geslingerd wordt. Iedereen is hoofdredacteur en uitgever geworden. Moeten we daar blij mee zijn? Hij denkt dat het twee richtingen op kan gaan. Op dit ogenblik zijn ze nog "stokken in de wielen voor de democratie", maar ooit komt het vast goed. Uiteraard, want Van Reybrouck is een optimist.
Over zijn boek Congo heeft hij veel gepraat dit jaar, hij werd er bijna moe van. Maar nog niet moe genoeg om ook daar nog met Djoeke Veeninga over te praten. Wie weet gaan zij er nog op door in het tweede uur.

UUR 2
Het begin van het tweede uur stond onmiskenbaar in het teken van Congo, waar David van Reybrouck voornamelijk zijn bekendheid aan te danken heeft. Hij vat het probleem van Congo samen met de zin: "Congo is als een bejaarde die in de Bronx wordt gestuurd met zakken vol diamant." Dat beeld zegt misschien wel genoeg, maar leest u toch nog even zijn prachtige boek als u dat nog niet gedaan heeft.
Van de Congolezen naar de missionarissen, waar zijn theaterstuk Missie over gaat, want theaterstukken maakt hij ook. Hij vond dat de beeldvorming simplistisch negatief was. Hij deed er wat aan. Van Reybrouck wilde aantonen dat er een cruciaal verschil bestaat tussen de missionarissen van de jaren 30 en de missionarissen van vandaag. Hij sprak zelf met missionarissen, hoewel hij naar eigen zeggen een Reborn Atheist is. Pardon? "k ben van de post-katholieke stroming van atheistische aard." U hoort het, heel duidelijk.
Hij schrijft graag monologen omdat hij vindt dat in iedereen een Corsicaans bergdorp met ruzie schuilt. Weer zo duidelijk. Maar eigenlijk begrijpen we wel wat hij bedoelt.
Van Reybrouck maakte spannende momenten mee tijdens het schrijven van zijn boeken. Hij is naar eigen zeggen niet roekeloos, geen thrill-seeker. Ondertussen gaat hij wel midden in oorlogsgebied op zoek naar de grootste warlords, met een geladen wapen van een kindsoldaat op zijn slaap. Ook crashte hij bijna in een aftands vliegtuig. Ik vraag me af of Van Reybrouck's moeder het eens is met zijn idee over de afgewogen risico's.
Terug in het brave België haalt zijn angst hem soms opeens in. Dan ziet hij achter iedere brievenbus een rebel. Hij vindt het wel plezant, terwijl waarschijnlijk iedereen zich afvraagt hoe geesten van rebellen plezant kunnen zijn. Hij geeft toe: hij houdt van de intensiteit, van monomaan aan 1 doel werken. En niet van het versnipperde leven. Hoe het dan kan dat hij een krankzinnig veelzijdige CV heeft, legde Van Reybrouck niet uit.
Daarna begon hij zich te beklagen over de thee die in de studio geschonken werd. Er werd snel een biertje geregeld, of moeten we zeggen pintje. Misschien vroeg hij wel om alcohol omdat hij voelde dat het gesprek naar een gevoelig onderwerp zou gaan.
Iets waar hij niet zo graag over praat, dat was direct te horen in zijn spreektempo. Vijf van zijn beste vrienden kwamen om toen hij 26 was, dat heeft hem getekend. Maar het werd een dubbel trauma. Naast het verlies stelde hij iets bij zich zelf vast waar hij van schrok. Hoe koel en efficiënt hij de ouders kon inlichten over de dood van zijn vrienden. Ik begreep plotseling hoe iemand beul kon worden zei hij. Hij leerde er wel wat van: hij vindt dat iedere vorm van rouw is toegestaan. Daar mag je geen moreel oordeel over geven. De verplichting van verdriet, en het opleggen van emoties is een verschrikkelijke ontwikkeling, vindt van Reybrouck.
Er volgde ook een vogelperspectief: "Je kan na zo'n vreselijke ervaring twee dingen doen", zegt van Reybrouck. "Een epicurist worden, een cynicus worden of een Camusiaan worden. Ik kies voor het laatste: voor wie de ervaring van het absurde de aanleiding vormt voor opstandigheid." En daar hoort bier bij.

VPRO Marathoninterview - David Van Reybrouck: uur 3

dinsdag 25 december 2012, 23:00 uur

David Van Reybrouck, Belg, cultuurhistoricus en archeoloog, schreef hét boek over de geschiedenis van Congo.
Hij richtte het burgerinitiatief G1000 op want hij wil onze democratie weer pit geven. In dit gesprek, zal Van Reybrouck ingaan op België, Europa, Afrika, Vlaanderen en meer.

Waarom wil Djoeke met David Van Reybrouck het Marathoninterview doen?
Omdat hij een geniale veelvraat is die prachtig spreekt en enthousiasmerend is in zijn afkeer van cynisme. Schrijver, dichter, archeoloog, cultuurhistoricus, betrokken burger.
Ik leerde hem dit jaar kennen tijdens het filmen van de VPRO reisserie Het België van... waar hij één van de hoofdrolspelers was. Ik heb het Westvlaamse land gezien waar hij vandaan komt en ik heb gezien hoe hij alles onderneemt met intensiteit. Ik heb, net als 200.000 andere Nederlandstaligen, zijn boek Congo gelezen. Ik heb gezien hoe hij 700 Belgen in de burgertop G1000 een nieuwe vorm van democratie liet uitvinden. Geweldig om nu drie uur met hem over dit alles in gesprek te gaan, zodat de luisteraars van het Marathoninterview deze inspirerende man nader kunnen leren kennen.

Samenvattingen uur 1 en 2
door Laura Stek
UUR 1
Het begon, hoe kan het ook anders, met de kersttoespraken, en dan natuurlijk die van de Belgische koning. De koning waarschuwde in zijn jaarlijkse kerstboodschap voor de gevaren van het populisme en maakte een vergelijking met de crisis van de jaren 30 en de opkomst van de NSDAP. Van Reybrouck had daar een duidelijke mening over: een vergelijking met de jaren 30 is niet zinvol. ?Elke nieuwe stroming zien als een herhaling van de NSDAP doet afbreuk aan de complexiteit van het heden, zei hij.
Reybrouck's spraakwaterval ging verder, Djoeke Veeninga hoefde hem nauwelijks aan te sporen. Het ging van België naar Europa. We zijn, zo zegt Reybrouck, verveeld met de luxe van Europa. Niet dat hij er niet onverdeeld gelukkig over is: het is te weinig een Europa van de burger, maar het is van een historisch ongeziene waarde dat er al zo lang vrede is. Hij is een optimist en deelt alleen het pessimisme over het pessimisme. Ik hoor zo veel gezeur van Nederlanders over Nederland,; zegt hij. Laat dit een kerstboodschap zijn voor ons.
Maar Van Reybrouck was niet altijd een optimist. Ooit was hij eerder een defaitist. Hij is niet van de ene op de andere dag van zijn paard gebliksemt zoals Paulus, zei hij. Hij kan geen dag of nacht aanwijzen waarin hij veranderde. Maar Mandela en Tutu hebben een grote invloed gehad. Toen hij voor zijn eerste boek naar Zuid-Afrika vertrok begon hij hen te lezen. Het werden de belangrijkste boeken uit zijn leven. Hij ontdekte dat politiek een zaak is van idealen en waarden. En dat de geschiedenis niet een onstopbare machine is. Ik geloof dat wij verschil kunnen maken. En niet dat de geschiedenis doordendert, zei hij. Maakbaarheid dus, dat klinkt optimistisch.
Het ging ook over taal. Hoewel hij prachtig Vlaams spreekt is hij geen fanatiek Flamingant. Maar, zegt hij, als je hier ziet hoe makkelijk de Nederlandse taal wordt opgeofferd aan het Engels dan is dat wel opvallend. Er lijkt een soort schaamte te bestaan als er geen perfect Engels wordt gesproken.? Met andere woorden trots blijven op je eigen taal, Nederlanders! Dat raadt onze Vlaamse buurman ons aan.
Het ging uiteraard ook over De Burger. En de burger in de openbare ruimte. En de burger in de openbare ruimte in crisis. We houden de crisis in stand door hem te benoemen, Een selffulfilling prophecy. Bovendien kunnen we onze frustraties niet meer de baas. ?Het probleem van vandaag is dat we niet meer praten, we schreeuwen onze frustraties uit op twitter en facebook. We hebben niet geleerd hoe om te gaan met agressie. Dus we kroppen het op. We beëindigen de treinrit met een maagzweer. Ik denk dat veel reizigers zich daarin zullen herkennen. Nog een kerstboodschap. We moeten weer gewoon rustig assertief leren zijn.
Van Reybrouck denkt dat we aan het begin staan van een fundamentele omwenteling. Hij maakte een parallel met de boekdrukkunst in de middeleeuwen. En dat is nogal wat. De overeenkomst is dat mensen zelf kunnen bepalen welke informatie de wereld in geslingerd wordt. Iedereen is hoofdredacteur en uitgever geworden. Moeten we daar blij mee zijn? Hij denkt dat het twee richtingen op kan gaan. Op dit ogenblik zijn ze nog "stokken in de wielen voor de democratie", maar ooit komt het vast goed. Uiteraard, want Van Reybrouck is een optimist.
Over zijn boek Congo heeft hij veel gepraat dit jaar, hij werd er bijna moe van. Maar nog niet moe genoeg om ook daar nog met Djoeke Veeninga over te praten. Wie weet gaan zij er nog op door in het tweede uur.

UUR 2
Het begin van het tweede uur stond onmiskenbaar in het teken van Congo, waar David van Reybrouck voornamelijk zijn bekendheid aan te danken heeft. Hij vat het probleem van Congo samen met de zin: "Congo is als een bejaarde die in de Bronx wordt gestuurd met zakken vol diamant." Dat beeld zegt misschien wel genoeg, maar leest u toch nog even zijn prachtige boek als u dat nog niet gedaan heeft.
Van de Congolezen naar de missionarissen, waar zijn theaterstuk Missie over gaat, want theaterstukken maakt hij ook. Hij vond dat de beeldvorming simplistisch negatief was. Hij deed er wat aan. Van Reybrouck wilde aantonen dat er een cruciaal verschil bestaat tussen de missionarissen van de jaren 30 en de missionarissen van vandaag. Hij sprak zelf met missionarissen, hoewel hij naar eigen zeggen een Reborn Atheist is. Pardon? "k ben van de post-katholieke stroming van atheistische aard." U hoort het, heel duidelijk.
Hij schrijft graag monologen omdat hij vindt dat in iedereen een Corsicaans bergdorp met ruzie schuilt. Weer zo duidelijk. Maar eigenlijk begrijpen we wel wat hij bedoelt.
Van Reybrouck maakte spannende momenten mee tijdens het schrijven van zijn boeken. Hij is naar eigen zeggen niet roekeloos, geen thrill-seeker. Ondertussen gaat hij wel midden in oorlogsgebied op zoek naar de grootste warlords, met een geladen wapen van een kindsoldaat op zijn slaap. Ook crashte hij bijna in een aftands vliegtuig. Ik vraag me af of Van Reybrouck's moeder het eens is met zijn idee over de afgewogen risico's.
Terug in het brave België haalt zijn angst hem soms opeens in. Dan ziet hij achter iedere brievenbus een rebel. Hij vindt het wel plezant, terwijl waarschijnlijk iedereen zich afvraagt hoe geesten van rebellen plezant kunnen zijn. Hij geeft toe: hij houdt van de intensiteit, van monomaan aan 1 doel werken. En niet van het versnipperde leven. Hoe het dan kan dat hij een krankzinnig veelzijdige CV heeft, legde Van Reybrouck niet uit.
Daarna begon hij zich te beklagen over de thee die in de studio geschonken werd. Er werd snel een biertje geregeld, of moeten we zeggen pintje. Misschien vroeg hij wel om alcohol omdat hij voelde dat het gesprek naar een gevoelig onderwerp zou gaan.
Iets waar hij niet zo graag over praat, dat was direct te horen in zijn spreektempo. Vijf van zijn beste vrienden kwamen om toen hij 26 was, dat heeft hem getekend. Maar het werd een dubbel trauma. Naast het verlies stelde hij iets bij zich zelf vast waar hij van schrok. Hoe koel en efficiënt hij de ouders kon inlichten over de dood van zijn vrienden. Ik begreep plotseling hoe iemand beul kon worden zei hij. Hij leerde er wel wat van: hij vindt dat iedere vorm van rouw is toegestaan. Daar mag je geen moreel oordeel over geven. De verplichting van verdriet, en het opleggen van emoties is een verschrikkelijke ontwikkeling, vindt van Reybrouck.
Er volgde ook een vogelperspectief: "Je kan na zo'n vreselijke ervaring twee dingen doen", zegt van Reybrouck. "Een epicurist worden, een cynicus worden of een Camusiaan worden. Ik kies voor het laatste: voor wie de ervaring van het absurde de aanleiding vormt voor opstandigheid." En daar hoort bier bij.

VPRO Marathoninterview - David Van Reybrouck: uur 2

dinsdag 25 december 2012, 23:00 uur

David Van Reybrouck, Belg, cultuurhistoricus en archeoloog, schreef hét boek over de geschiedenis van Congo.
Hij richtte het burgerinitiatief G1000 op want hij wil onze democratie weer pit geven. In dit gesprek, zal Van Reybrouck ingaan op België, Europa, Afrika, Vlaanderen en meer.

Waarom wil Djoeke met David Van Reybrouck het Marathoninterview doen?
Omdat hij een geniale veelvraat is die prachtig spreekt en enthousiasmerend is in zijn afkeer van cynisme. Schrijver, dichter, archeoloog, cultuurhistoricus, betrokken burger.
Ik leerde hem dit jaar kennen tijdens het filmen van de VPRO reisserie Het België van... waar hij één van de hoofdrolspelers was. Ik heb het Westvlaamse land gezien waar hij vandaan komt en ik heb gezien hoe hij alles onderneemt met intensiteit. Ik heb, net als 200.000 andere Nederlandstaligen, zijn boek Congo gelezen. Ik heb gezien hoe hij 700 Belgen in de burgertop G1000 een nieuwe vorm van democratie liet uitvinden. Geweldig om nu drie uur met hem over dit alles in gesprek te gaan, zodat de luisteraars van het Marathoninterview deze inspirerende man nader kunnen leren kennen.

Samenvattingen uur 1 en 2
door Laura Stek
UUR 1
Het begon, hoe kan het ook anders, met de kersttoespraken, en dan natuurlijk die van de Belgische koning. De koning waarschuwde in zijn jaarlijkse kerstboodschap voor de gevaren van het populisme en maakte een vergelijking met de crisis van de jaren 30 en de opkomst van de NSDAP. Van Reybrouck had daar een duidelijke mening over: een vergelijking met de jaren 30 is niet zinvol. ?Elke nieuwe stroming zien als een herhaling van de NSDAP doet afbreuk aan de complexiteit van het heden, zei hij.
Reybrouck's spraakwaterval ging verder, Djoeke Veeninga hoefde hem nauwelijks aan te sporen. Het ging van België naar Europa. We zijn, zo zegt Reybrouck, verveeld met de luxe van Europa. Niet dat hij er niet onverdeeld gelukkig over is: het is te weinig een Europa van de burger, maar het is van een historisch ongeziene waarde dat er al zo lang vrede is. Hij is een optimist en deelt alleen het pessimisme over het pessimisme. Ik hoor zo veel gezeur van Nederlanders over Nederland,; zegt hij. Laat dit een kerstboodschap zijn voor ons.
Maar Van Reybrouck was niet altijd een optimist. Ooit was hij eerder een defaitist. Hij is niet van de ene op de andere dag van zijn paard gebliksemt zoals Paulus, zei hij. Hij kan geen dag of nacht aanwijzen waarin hij veranderde. Maar Mandela en Tutu hebben een grote invloed gehad. Toen hij voor zijn eerste boek naar Zuid-Afrika vertrok begon hij hen te lezen. Het werden de belangrijkste boeken uit zijn leven. Hij ontdekte dat politiek een zaak is van idealen en waarden. En dat de geschiedenis niet een onstopbare machine is. Ik geloof dat wij verschil kunnen maken. En niet dat de geschiedenis doordendert, zei hij. Maakbaarheid dus, dat klinkt optimistisch.
Het ging ook over taal. Hoewel hij prachtig Vlaams spreekt is hij geen fanatiek Flamingant. Maar, zegt hij, als je hier ziet hoe makkelijk de Nederlandse taal wordt opgeofferd aan het Engels dan is dat wel opvallend. Er lijkt een soort schaamte te bestaan als er geen perfect Engels wordt gesproken.? Met andere woorden trots blijven op je eigen taal, Nederlanders! Dat raadt onze Vlaamse buurman ons aan.
Het ging uiteraard ook over De Burger. En de burger in de openbare ruimte. En de burger in de openbare ruimte in crisis. We houden de crisis in stand door hem te benoemen, Een selffulfilling prophecy. Bovendien kunnen we onze frustraties niet meer de baas. ?Het probleem van vandaag is dat we niet meer praten, we schreeuwen onze frustraties uit op twitter en facebook. We hebben niet geleerd hoe om te gaan met agressie. Dus we kroppen het op. We beëindigen de treinrit met een maagzweer. Ik denk dat veel reizigers zich daarin zullen herkennen. Nog een kerstboodschap. We moeten weer gewoon rustig assertief leren zijn.
Van Reybrouck denkt dat we aan het begin staan van een fundamentele omwenteling. Hij maakte een parallel met de boekdrukkunst in de middeleeuwen. En dat is nogal wat. De overeenkomst is dat mensen zelf kunnen bepalen welke informatie de wereld in geslingerd wordt. Iedereen is hoofdredacteur en uitgever geworden. Moeten we daar blij mee zijn? Hij denkt dat het twee richtingen op kan gaan. Op dit ogenblik zijn ze nog "stokken in de wielen voor de democratie", maar ooit komt het vast goed. Uiteraard, want Van Reybrouck is een optimist.
Over zijn boek Congo heeft hij veel gepraat dit jaar, hij werd er bijna moe van. Maar nog niet moe genoeg om ook daar nog met Djoeke Veeninga over te praten. Wie weet gaan zij er nog op door in het tweede uur.

UUR 2
Het begin van het tweede uur stond onmiskenbaar in het teken van Congo, waar David van Reybrouck voornamelijk zijn bekendheid aan te danken heeft. Hij vat het probleem van Congo samen met de zin: "Congo is als een bejaarde die in de Bronx wordt gestuurd met zakken vol diamant." Dat beeld zegt misschien wel genoeg, maar leest u toch nog even zijn prachtige boek als u dat nog niet gedaan heeft.
Van de Congolezen naar de missionarissen, waar zijn theaterstuk Missie over gaat, want theaterstukken maakt hij ook. Hij vond dat de beeldvorming simplistisch negatief was. Hij deed er wat aan. Van Reybrouck wilde aantonen dat er een cruciaal verschil bestaat tussen de missionarissen van de jaren 30 en de missionarissen van vandaag. Hij sprak zelf met missionarissen, hoewel hij naar eigen zeggen een Reborn Atheist is. Pardon? "k ben van de post-katholieke stroming van atheistische aard." U hoort het, heel duidelijk.
Hij schrijft graag monologen omdat hij vindt dat in iedereen een Corsicaans bergdorp met ruzie schuilt. Weer zo duidelijk. Maar eigenlijk begrijpen we wel wat hij bedoelt.
Van Reybrouck maakte spannende momenten mee tijdens het schrijven van zijn boeken. Hij is naar eigen zeggen niet roekeloos, geen thrill-seeker. Ondertussen gaat hij wel midden in oorlogsgebied op zoek naar de grootste warlords, met een geladen wapen van een kindsoldaat op zijn slaap. Ook crashte hij bijna in een aftands vliegtuig. Ik vraag me af of Van Reybrouck's moeder het eens is met zijn idee over de afgewogen risico's.
Terug in het brave België haalt zijn angst hem soms opeens in. Dan ziet hij achter iedere brievenbus een rebel. Hij vindt het wel plezant, terwijl waarschijnlijk iedereen zich afvraagt hoe geesten van rebellen plezant kunnen zijn. Hij geeft toe: hij houdt van de intensiteit, van monomaan aan 1 doel werken. En niet van het versnipperde leven. Hoe het dan kan dat hij een krankzinnig veelzijdige CV heeft, legde Van Reybrouck niet uit.
Daarna begon hij zich te beklagen over de thee die in de studio geschonken werd. Er werd snel een biertje geregeld, of moeten we zeggen pintje. Misschien vroeg hij wel om alcohol omdat hij voelde dat het gesprek naar een gevoelig onderwerp zou gaan.
Iets waar hij niet zo graag over praat, dat was direct te horen in zijn spreektempo. Vijf van zijn beste vrienden kwamen om toen hij 26 was, dat heeft hem getekend. Maar het werd een dubbel trauma. Naast het verlies stelde hij iets bij zich zelf vast waar hij van schrok. Hoe koel en efficiënt hij de ouders kon inlichten over de dood van zijn vrienden. Ik begreep plotseling hoe iemand beul kon worden zei hij. Hij leerde er wel wat van: hij vindt dat iedere vorm van rouw is toegestaan. Daar mag je geen moreel oordeel over geven. De verplichting van verdriet, en het opleggen van emoties is een verschrikkelijke ontwikkeling, vindt van Reybrouck.
Er volgde ook een vogelperspectief: "Je kan na zo'n vreselijke ervaring twee dingen doen", zegt van Reybrouck. "Een epicurist worden, een cynicus worden of een Camusiaan worden. Ik kies voor het laatste: voor wie de ervaring van het absurde de aanleiding vormt voor opstandigheid." En daar hoort bier bij.

VPRO Marathoninterview - David Van Reybrouck: uur 1

dinsdag 25 december 2012, 23:00 uur

David Van Reybrouck, Belg, cultuurhistoricus en archeoloog, schreef hét boek over de geschiedenis van Congo.
Hij richtte het burgerinitiatief G1000 op want hij wil onze democratie weer pit geven. In dit gesprek, zal Van Reybrouck ingaan op België, Europa, Afrika, Vlaanderen en meer.

Waarom wil Djoeke met David Van Reybrouck het Marathoninterview doen?
Omdat hij een geniale veelvraat is die prachtig spreekt en enthousiasmerend is in zijn afkeer van cynisme. Schrijver, dichter, archeoloog, cultuurhistoricus, betrokken burger.
Ik leerde hem dit jaar kennen tijdens het filmen van de VPRO reisserie Het België van... waar hij één van de hoofdrolspelers was. Ik heb het Westvlaamse land gezien waar hij vandaan komt en ik heb gezien hoe hij alles onderneemt met intensiteit. Ik heb, net als 200.000 andere Nederlandstaligen, zijn boek Congo gelezen. Ik heb gezien hoe hij 700 Belgen in de burgertop G1000 een nieuwe vorm van democratie liet uitvinden. Geweldig om nu drie uur met hem over dit alles in gesprek te gaan, zodat de luisteraars van het Marathoninterview deze inspirerende man nader kunnen leren kennen.

Samenvattingen uur 1 en 2
door Laura Stek
UUR 1
Het begon, hoe kan het ook anders, met de kersttoespraken, en dan natuurlijk die van de Belgische koning. De koning waarschuwde in zijn jaarlijkse kerstboodschap voor de gevaren van het populisme en maakte een vergelijking met de crisis van de jaren 30 en de opkomst van de NSDAP. Van Reybrouck had daar een duidelijke mening over: een vergelijking met de jaren 30 is niet zinvol. ?Elke nieuwe stroming zien als een herhaling van de NSDAP doet afbreuk aan de complexiteit van het heden, zei hij.
Reybrouck's spraakwaterval ging verder, Djoeke Veeninga hoefde hem nauwelijks aan te sporen. Het ging van België naar Europa. We zijn, zo zegt Reybrouck, verveeld met de luxe van Europa. Niet dat hij er niet onverdeeld gelukkig over is: het is te weinig een Europa van de burger, maar het is van een historisch ongeziene waarde dat er al zo lang vrede is. Hij is een optimist en deelt alleen het pessimisme over het pessimisme. Ik hoor zo veel gezeur van Nederlanders over Nederland,; zegt hij. Laat dit een kerstboodschap zijn voor ons.
Maar Van Reybrouck was niet altijd een optimist. Ooit was hij eerder een defaitist. Hij is niet van de ene op de andere dag van zijn paard gebliksemt zoals Paulus, zei hij. Hij kan geen dag of nacht aanwijzen waarin hij veranderde. Maar Mandela en Tutu hebben een grote invloed gehad. Toen hij voor zijn eerste boek naar Zuid-Afrika vertrok begon hij hen te lezen. Het werden de belangrijkste boeken uit zijn leven. Hij ontdekte dat politiek een zaak is van idealen en waarden. En dat de geschiedenis niet een onstopbare machine is. Ik geloof dat wij verschil kunnen maken. En niet dat de geschiedenis doordendert, zei hij. Maakbaarheid dus, dat klinkt optimistisch.
Het ging ook over taal. Hoewel hij prachtig Vlaams spreekt is hij geen fanatiek Flamingant. Maar, zegt hij, als je hier ziet hoe makkelijk de Nederlandse taal wordt opgeofferd aan het Engels dan is dat wel opvallend. Er lijkt een soort schaamte te bestaan als er geen perfect Engels wordt gesproken.? Met andere woorden trots blijven op je eigen taal, Nederlanders! Dat raadt onze Vlaamse buurman ons aan.
Het ging uiteraard ook over De Burger. En de burger in de openbare ruimte. En de burger in de openbare ruimte in crisis. We houden de crisis in stand door hem te benoemen, Een selffulfilling prophecy. Bovendien kunnen we onze frustraties niet meer de baas. ?Het probleem van vandaag is dat we niet meer praten, we schreeuwen onze frustraties uit op twitter en facebook. We hebben niet geleerd hoe om te gaan met agressie. Dus we kroppen het op. We beëindigen de treinrit met een maagzweer. Ik denk dat veel reizigers zich daarin zullen herkennen. Nog een kerstboodschap. We moeten weer gewoon rustig assertief leren zijn.
Van Reybrouck denkt dat we aan het begin staan van een fundamentele omwenteling. Hij maakte een parallel met de boekdrukkunst in de middeleeuwen. En dat is nogal wat. De overeenkomst is dat mensen zelf kunnen bepalen welke informatie de wereld in geslingerd wordt. Iedereen is hoofdredacteur en uitgever geworden. Moeten we daar blij mee zijn? Hij denkt dat het twee richtingen op kan gaan. Op dit ogenblik zijn ze nog "stokken in de wielen voor de democratie", maar ooit komt het vast goed. Uiteraard, want Van Reybrouck is een optimist.
Over zijn boek Congo heeft hij veel gepraat dit jaar, hij werd er bijna moe van. Maar nog niet moe genoeg om ook daar nog met Djoeke Veeninga over te praten. Wie weet gaan zij er nog op door in het tweede uur.

UUR 2
Het begin van het tweede uur stond onmiskenbaar in het teken van Congo, waar David van Reybrouck voornamelijk zijn bekendheid aan te danken heeft. Hij vat het probleem van Congo samen met de zin: "Congo is als een bejaarde die in de Bronx wordt gestuurd met zakken vol diamant." Dat beeld zegt misschien wel genoeg, maar leest u toch nog even zijn prachtige boek als u dat nog niet gedaan heeft.
Van de Congolezen naar de missionarissen, waar zijn theaterstuk Missie over gaat, want theaterstukken maakt hij ook. Hij vond dat de beeldvorming simplistisch negatief was. Hij deed er wat aan. Van Reybrouck wilde aantonen dat er een cruciaal verschil bestaat tussen de missionarissen van de jaren 30 en de missionarissen van vandaag. Hij sprak zelf met missionarissen, hoewel hij naar eigen zeggen een Reborn Atheist is. Pardon? "k ben van de post-katholieke stroming van atheistische aard." U hoort het, heel duidelijk.
Hij schrijft graag monologen omdat hij vindt dat in iedereen een Corsicaans bergdorp met ruzie schuilt. Weer zo duidelijk. Maar eigenlijk begrijpen we wel wat hij bedoelt.
Van Reybrouck maakte spannende momenten mee tijdens het schrijven van zijn boeken. Hij is naar eigen zeggen niet roekeloos, geen thrill-seeker. Ondertussen gaat hij wel midden in oorlogsgebied op zoek naar de grootste warlords, met een geladen wapen van een kindsoldaat op zijn slaap. Ook crashte hij bijna in een aftands vliegtuig. Ik vraag me af of Van Reybrouck's moeder het eens is met zijn idee over de afgewogen risico's.
Terug in het brave België haalt zijn angst hem soms opeens in. Dan ziet hij achter iedere brievenbus een rebel. Hij vindt het wel plezant, terwijl waarschijnlijk iedereen zich afvraagt hoe geesten van rebellen plezant kunnen zijn. Hij geeft toe: hij houdt van de intensiteit, van monomaan aan 1 doel werken. En niet van het versnipperde leven. Hoe het dan kan dat hij een krankzinnig veelzijdige CV heeft, legde Van Reybrouck niet uit.
Daarna begon hij zich te beklagen over de thee die in de studio geschonken werd. Er werd snel een biertje geregeld, of moeten we zeggen pintje. Misschien vroeg hij wel om alcohol omdat hij voelde dat het gesprek naar een gevoelig onderwerp zou gaan.
Iets waar hij niet zo graag over praat, dat was direct te horen in zijn spreektempo. Vijf van zijn beste vrienden kwamen om toen hij 26 was, dat heeft hem getekend. Maar het werd een dubbel trauma. Naast het verlies stelde hij iets bij zich zelf vast waar hij van schrok. Hoe koel en efficiënt hij de ouders kon inlichten over de dood van zijn vrienden. Ik begreep plotseling hoe iemand beul kon worden zei hij. Hij leerde er wel wat van: hij vindt dat iedere vorm van rouw is toegestaan. Daar mag je geen moreel oordeel over geven. De verplichting van verdriet, en het opleggen van emoties is een verschrikkelijke ontwikkeling, vindt van Reybrouck.
Er volgde ook een vogelperspectief: "Je kan na zo'n vreselijke ervaring twee dingen doen", zegt van Reybrouck. "Een epicurist worden, een cynicus worden of een Camusiaan worden. Ik kies voor het laatste: voor wie de ervaring van het absurde de aanleiding vormt voor opstandigheid." En daar hoort bier bij.

Vorige pagina Back to top
NPO Radio 1