Naar homepage
Cultuur & Media

Cabaretier en liedjesschrijver Jeroen van Merwijk (65) overleden

foto: Foto: Merlijn Doomernikfoto: Foto: Merlijn Doomernik
  1. Nieuwschevron right
  2. Cabaretier en liedjesschrijver Jeroen van Merwijk (65) overleden

Cabaretier Jeroen van Merwijk is overleden aan de gevolgen van kanker. In november was hij te gast in de Taalstaat. Daar sprak hij uitgebreid met Frits Spits over ziek zijn, zijn favoriete schrijvers, laxeren en liefde voor het woord 'misschien'.

"Laten we eerlijk zijn, kanker krijgen kan iedereen. Ik zou bijna zeggen: de eerste de beste boerenlul kan kanker krijgen", aldus van Merkwerk afgelopen november. " Het is nou niet direct een prestatie en het is goedbeschouwd niet iets om iemand voor in het zonnetje te zetten." Jeroen van Merwijk (65) schreef het boek Kanker voor Beginners. De veelzijdige kleinkunstenaar had uitgezaaide darmkanker.

Van Merwijk belt vanuit zijn huis in Frankrijk. Daar ligt Oorlog en vrede van de Russische schrijver en filosoof Lev Tolstoj zowat onder zijn kussen. "Het beste wat ik ooit heb gelezen." Nederlandse literatuur doet danig mee, vindt Van Merwijk. Joe Speedboot van Tommy Wieringa is het beste wat hij in tijden las. "Maar zo'n worp als Tolstoj kan maken, dat is ons niet gegeven. Laten we wel wezen, wij zijn betere schilders dan schrijvers. Tolstoj heeft onbegrijpelijk inlevingsvermogen in de menselijke geest, gepaard met een heel goed observatievermogen."

Hoewel hij veel van Tolstoj leerde, heeft hij niets van hem overgenomen. "Dat kan ik niet. Dat talent heb ik niet. Ik ben een liedjesschrijver. Een korte zinnenschrijver. Ik heb [met Kanker voor beginners] juist geprobeerd sec te schrijven. Zo direct mogelijk de lezer aan te spreken." Met zijn boek, naar eigen zeggen 'boekje', wil Van Merwijk een zo breed mogelijk publiek bereiken. "Zo veel mogelijk mensen niet van me afstoten."

Wapens van de cabaretier

"Ik ben van mezelf geneigd om te praten in hyperbolen, overdrijvingen, met ironie en sarcasme te werken. Dat zijn de wapens van de cabaretier. Dat heb ik geprobeerd niet te doen. Het kostte me veel moeite om te schrijven, juist daarom. Omdat ik een paar van mijn wapens moest afleggen", legt Van Merwijk uit.

Het zou best een monoloog op toneel kunnen zijn, zegt Van Merwijk. "Het is heel direct geschreven in de tegenwoordige tijd. Je hebt het idee dat je erbij zit. Het is technisch niet zo eenvoudig om zo'n boekje te schrijven, vind ik. Je bent geneigd om 'toen dit en toen dat' te doen." Toen Van Merwijk 'ineens' begreep dat hij het in de tegenwoordige tijd moest schrijven, voelde het gelijk urgent. Ook in de stijl. "Dat was een gelukkige keuze waardoor je, denk ik en hoop ik, het boekje ook leest alsof het je overkomt."

Andere kijk op kanker

Van Merwijk ging schrijven toen hij ziek werd. En niet per se om daar zijn emoties in kwijt te kunnen. "Want ik had niet zoveel emoties. Toen ik hoorde dat ik ziek was, dacht ik: nou mooi, zijn we van dat hele gezeik af. Dat was het eerste wat me te binnen schoot. Ik kan het ook niet helpen. Het nut van het boek is dat ik op een andere manier naar kanker kijk dan de meesten doen. De meeste mensen schieten in een soort stuip bij het horen van het woord kanker. Ik heb die kanker juist gezien als mogelijkheid om er aan het einde van mijn leven nog iets van te maken. Een extra dimensie eraan toe te voegen. Dat is ook heel goed gelukt. Zo kun je ook naar de kanker kijken, je kunt het ook omarmen, dat is misschien wel eens nuttig om te doen."

In zijn boek omschrijft Van Merwijk een scène waarbij hij een laxeermiddel krijgt toegediend voorafgaand aan inwendig onderzoek. "Je krijgt niet zomaar een laxeermiddel toegediend", legt Van Merwijk uit, "ze gaan met een filmploeg je ingewanden in. Dat moet dan natuurlijk wel een beetje schoon zijn. Anders kunnen ze geen hand voor ogen zien. Dat is wel anders dan even een pilletje nemen."

Uit Kanker voor beginners:

Dus dat wordt dan laxeren met een grote L. Dat wordt dan laxeren in kapitalen. Dat wordt laxeren zoals dat ooit een keer door God is bedoeld. Laxeren, kortom, met alles erop en eraan. Ik kan ik alle eerlijkheid zeggen: ik heb in heel mijn leven nog nooit zo gelaxeerd. Ik zou eigenlijk moeten zeggen: ik bén in mijn leven nog nooit zo gelaxeerd. Want ik heb niet het idee dat ik nog het minste of geringste over mijn eigen lichaam te vertellen heb.

Alles wat mijn lichaam kan verlaten, doet dat zo snel zijn beentjes het kunnen dragen. Ik laxeer dat het een aard heeft. De vloeistof die ik er boven ingiet, komt er van onderen even hard weer uitgestroomd. Ik ben een doorgeefluik geworden.

Ik breng een uur of drie ononderbroken laxerend op de wc door. Na een uur komen de buren bezorgd vragen of we misschien problemen met de riolering hebben. Na twee uur beginnen buurtbewoners zich bij de voordeur te beklagen over stank en geluidsoverlast. En na drie uur is de ME uitgerukt, is de hele laan afgezet en staan er drie politiewagens en twee ambulances met mannen in witte pakken op de stoep om de eerste stoffelijke resten te bergen en het gehele huis aan een forensisch onderzoek te onderwerpen.

"Ik ben natuurlijk wel ziek. Maar je bent niet constant ziek als je ziek bent. Er zijn ook momenten van veel plezier en lol", vertelt Van Merwijk. Ook in het ziekenhuis valt er van alles te lachen. "Natuurlijk heb ik veel leed gezien, maar ook veel leuke dingen. Je kunt daar gaan zitten en naar je navel gaan staren en met jezelf ontzettend ongelukkig zijn en in dat zelfverdriet terecht komen, maar ik denk dat niemand daarbij gebaat is. Jijzelf op de laatste plaats."

Een laatste statement

Zijn boek is behalve een andere kijk op kanker, soms ook filosofisch. "Het is natuurlijk een soort laatste statement. Misschien dat er nog een Kanker voor gevorderden komt, maar dat lijkt me stug." Met het boek wil Van Merwijk ook aangeven wie hij is en hoe hij denkt. "Daarom heb ik dat boekje gelardeerd met wat overpeinzingen en uitweidingen die veel over mij zeggen."

Die overpeinzingen beginnen bijna allemaal met het woord 'misschien'. "Ik vind het woord 'misschien' heel mooi in het Nederlands. Ik heb gedacht over dat woord een liedje te schrijven. Het is er nooit van gekomen. Maar 'misschien' houdt een slag om de arm. Het is ook een woord dat hoop heeft. Misschien dat ik ooit nog eens.. Het heeft iets mystieks. Een prachtig, mooi, licht woord waarmee je ontzettend veel nuance kunt aanbrengen. Ik gebruik het heel vaak."

De Taalstaat (KRO-NCRV)

Frits Spits presenteert iedere zaterdag tussen 11:00 en 13:00 uur De Taalstaat op NPO Radio 1. Een vrolijk en informatief programma over, je verwacht het niet, de Nederlandse taal. Frits Spits interviewt bekende schrijvers, dichters en muzikanten, ingewikkelde taalkwesties worden beantwoord en 'vergeten' woorden worden verzameld. Volg De Taalstaat op Facebook en Twitter.

Ster advertentie
Ster advertentie