appjecalendarcheckchevron-downchevron-leftchevron-rightchevron-upclosedownloaddragfacebookfast-backwardfast-forwardgoogle-plusiconinstagramlinkedinlistlisten-livelogo-nporadio1logo-tour-de-france mailmicrophonepauseperson-man-2person-woman-4phonepinterestplayplaylistplyr-nextplyr-prevquestionquotesearchsharestar-openstarthumbdownthumbuptwitterwatch-livewhatsappyoutubeplyr-captions-off plyr-captions-on plyr-enter-fullscreen plyr-exit-fullscreen plyr-fast-forward plyr-muted plyr-pause plyr-play plyr-restart plyr-rewind plyr-volume
Afspeellijst Je afspeellijst is leeg

Komen er meer aanslagen door media-aandacht voor terrorisme?

Peshawar
dinsdag 23 augustus 2016 | NTR | Laurens Gaukema

De zomer van 2016 zal voor altijd berucht blijven om de reeks aanslagen die in de Westerse wereld zijn gepleegd. Media hebben er uitvoerig aandacht aan besteed, maar is dat wel zo’n goed idee? Kan die aandacht, net zoals bij zelfdodingen, geen kopieergedrag in de hand werken? Nieuws en Co vraag het vandaag aan twee academici. 

 23 juli 2016. De politie van München (Duitsland) laat weten dat de dader die de dag eerder negen mensen en zichzelf bij de McDonald’s van het leven beroofde, geïnspireerd zou zijn door de Noor Anders Breivik. Het was misschien inderdaad geen toeval dat de jongen toesloeg op 22 juli, de dag waarop Breivik exact vijf jaar geleden voor een bloedbad zorgde op het eiland Uyatolla.

Maar is dit dan duidelijk een voorbeeld van terroristisch kopieergedrag als gevolg van een grote mediabelangstelling? Daar valt zoals vaker heel veel op aan te merken. De jongen bleek een labiele persoonlijkheid te hebben, werd vroeger gepest op school, en had sowieso een fascinatie voor grote massamoorden. En hoewel enkele IS-aanhangers de daad op sociale media verheerlijkten, bevestigde de politie verder dat de jongen (met een Iraanse achtergrond) geen banden had met IS en dat zijn aanslagen juist niet terroristisch geïnspireerd waren.

Maar eigenlijk is er een groot probleem met de vraag of media-aandacht bij terroristische aanslagen voor kopieergedrag zorgt. Er zijn namelijk te weinig data - lees: er gebeuren (gelukkig) te weinig aanslagen -  om harde conclusies uit te trekken. En anderzijds is er natuurlijk ook het feit dat sociale media steeds meer het perfecte alternatief zijn voor terreurorganisaties om (in tegenstelling tot de mainstream-media) hun propaganda ongefilterd de wereld in te sturen. Kun je dé media in hun algemeenheid dan nog wel verwijten dat ze mogelijk aanzetten tot kopieergedrag?

Aanbevelingen voor de media

Ondanks deze onzekerheid vinden experts dat mainstreammedia zich daarmee niet mogen vrijpleiten van journalistieke reflectie over terreuraanslagen. Zo zijn er wel genoeg ondersteunende cijfers die aantonen dat kopieergedrag bij suïcide kan ontstaan wanneer media eerdere zelfdodingen te gedetailleerd en te uitvoerig verslaan.  Eerder onderzoek suggereerde ook dat media een besmettelijke factor hadden kunnen zijn bij mass shootings in Amerika.

In het geval van terreuraanslagen beklemtonen traditionele media vaak het grote verdriet dat terroristische aanslagen met zich mee brengen. Daarnaast zoeken ze naar de mogelijk oorzaken voor het feit dat de daders zich zo verlagen tot zulk vreselijk gedrag. Volgens hoogleraar suïcidepreventie Ad Kerkhof (Vrije Universiteit van Amstedam) is dat ook een goede manier, omdat de aanslag zo een negatieve bijklank krijgt die niet in een normale samenleving thuishoort. De daders worden zo niet verheerlijkt.

Marieke Liem, terrorisme-expert en criminologe aan het Institute of Security and Global Affairs (Universiteit Leiden), valt Kerkhof daarin bij. Wat ze soms wel in de berichtgeving mist, is de vermelding dat de terreurdaad niet de enige mogelijke oplossing is voor mensen die dezelfde ideeën en problemen hebben als de dader.

Een nationale mediacode voor zelfmoord-aanslagen?

Terrorisme is ook theater. Hoe meer ongenuanceerde aandacht terroristen op het mediaplatform krijgen, hoe liever ze het hebben. In de geschiedenis zijn er zelfs terroristen die handboeken voor hun sympathisanten hebben geschreven over hoe ze de media kunnen gebruiken voor hun acties. De ‘Minimanual of the Urban Guerrilla’, geschreven door de Braziliaanse terrorist Carlos Marighella, is er zo een van.

Moeten nationale media dan gezamenlijk een soort richtlijn opstellen om ervoor te zorgen dat ze zo min mogelijk een speelbal van de terroristen worden? Marcel Gelauff, hoofdredacteur van NOS Nieuws en Voorzitter van het Nederlands Genootschap van Hoofdredacteuren, vindt van niet. "Er bestaat al een algemene Code voor de Journalistiek en, net zoals bij de NOS, is ieder medium vanuit zijn eigen journalistieke professionaliteit sowieso met dergelijke vraagstukken bezig. Ons genootschap heeft ook de functie om de persvrijheid te verdedigen, niet om andere media regels op te leggen. Het hoort bij de persvrijheid van ieder medium om daar een eigen antwoord op te vinden."

Vandaag waren Ad Kerkhof en Marieke Liem te gast bij Nieuws en Co om hun visie verder te verduidelijken. Klik hieronder om het gesprek te beluisteren.

Lokt berichtgeving over terroristische aanslagen kopieergedrag uit?

Nieuws en Co, elke werkdag tussen 16.00-18.30, op Radio1. Dit artikel werd verzorgd door de wetenschapsredactie van De Kennis van Nu

Vorige pagina Back to top
NPO Radio 1